Bekijk het origineel

Meditatie

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Meditatie

5 minuten leestijd

Indien Ik u niet was, gij hebt geen deel met Mij.

Joh. 13 : 8b

II.

Hoe openbaart deze middelaarsarbeid ons, dat van onze zijde zelfreiniging onmogelijk is. Wat is het noodzakelijk dit te leren, dat zondeschuld onbetaalbaar is. Ons koopgeld wordt dan voor God waardeloos gemaakt, dat zondesmet onuitwisbaar is, al wies gij u met salpeter, al naamt gij veel zeep, nochtans is uw ongerechtigheid voor Mijn aangezicht getekend. Ja, dat zondemacht onoverwinnelijk is. Hier is geen kracht tegen zo'n grote menigte. Hoe machteloos en krachteloos wordt een mensenkind in de weg van waarachtige bekering voor God bevonden. Daarom, indien Ik u niet was. En dat is noodzakelijk zonder onderscheid des persoons. U, dat is Petrus, dat is Johannes, dat is Jakobus, dat betreft u op weg naar de eeuwigheid, wij moeten gewassen worden, anders... . geen deel met Mij.

En dan dit goed benadrukt, dat I k, n.l. Christus u was. Niemand is hiertoe in staat, alleen het bloed van het Lam reinigt van de zonde, en zonder de reinigende bediening van Christus wordt een mensenkind door de grote Leraar der gerechtigheid er buiten gezet.

Deze scherpe, ontdekkende, ontblotende les treft zijn doel. Gij hebt geen deel met Mij. Buiten de reiniging is er geen bestaansrecht voor God. ? -ie. Zijn pijlen zijn scherp. Volk allien onder Hem vallen. En zie leze les verstaan wordt. Petrus it luisteren. En Jezus antwoort .--.hem: niet wassen Petrus? C\, 'deel Petrus. En dit treft doel, •/, voor Petrus onmogelijk, bui" , ^ ^ 'hristus vallen is buiten God vu' , ', y' Sn dat is niet te dragen.

Christus is hem in Zijn dierbaarheid en in Zijn noodzakelijkheid bij aanvang ontsloten. Zijn keuze is in Matth. 16 : 16 duidelijk geweest. Gij zijt de Christus, de Zoon des levenden Gods, en in Joh. 6 : 67 heeft hij eerlijk beleden, toen de Meester vroeg: Wilt gij lieden ook niet weggaan? Tot wie zouden wij heengaan? Wij hebben geloofd en bekend dat Gij zijt de Christus. En toch, dat deze aanvankelijke kennis moest worden geoefend in het totale ondergaan van Petrus zelf, dat verklaarde de les: Geen deel met Mij. Dan valt gij er eeuwig buiten. Petrus.

Dan komt vanzelf 'het nieuwe leven openbaar, gedrongen door de liefde, onstuimig, overhaast valt deze discipel voor dit onderwijs in. Hoort hem dan zijn hart verklaren in vers 9: Heere, dan alles, mijn voeten, mijn handen, mijn hoofd. In de gehele overgave van zijn leven, daar de gemeenschap trekt, is zijn vernieuwde keus onberouwelijk, alleen moet het geloof deze reguleren, anders vloeit het uit in uitersten. Immers, het geloofsleven is rustig, bedaard, armoedig. Daarom verklaart de grote Leraar deze les nader aan een zich overgevende Petrus, die deze reiniging nu bij aanvang als noodzakelijk ziet.

De reiniging van Christus is immers volkomen. Zij zijn in Hem gereinigd, in de zoete verkiezing. Zij zijn in Hem gereinigd in het onderanderiyke verbond. Zij zijn in Hem gereinigd door het bad der wedergeboorte. Nu moeten Zijn jongeren leren, dat deze reiniging moet worden geoefend door het geloof, om de baat er van weg te dragen. Ja, u dan die gelooft, is Hy dierbaar. En dan straks in Hem gereinigd in de aanschouwing. En zij volgden het Lam, als de witte klederen, gereinigd in het bloed, hun zullen doen delen in een ongestoorde gemeenschap.

Zo verklaart Hij het onderwijs aan Zijn jongeren. Wat zij in Hem hebben, dat is. . .. alles. En wat zij buiten Hem missen, dat is alles.

Dat reinigende werk. Deel aan Hem moest verworven, zie daarom de bekken, die gevuld moest worden met de prijs van Zijn bloed, zie daarom de buigende, knielende Meester, opdat zij verstaan zouden, dat het vullen van die bekken in de staat van Zijn vernedering zou geschieden. D'at de schuld van Zijn volk alleen daarin kon worden uitgedelgd.

Zie de bekken, gevuld met de bloedprijs. Zie hoe deze gevuld is geworden. Daar druppen de eerste druppels in de tempel bij Zijn besnijdenis. Daar druppen zij in Gethsémané's hof. Daar druppen zij, als ploegers Zijn rug doorploegen, voor een tuchtenswaardig volk, daar druppen zij op de lijdensweg naar Golgotha, om buiten de legerplaats de smaadheid te aanvaarden voor een volk, die de eeuwige smaad zich waardig maakten. Daar druppen zij uit de wonden der nagelen, waar Hij een vloek werd voor een vloekwaardig volk. Daar druppen zij als de speerstoot van de krijgsknecht de verlossingsprijs vol maakt. En terstond kwam er bloed en water uit, rechtvaardigmaking en heiligmaking.

Zie dan de waterbekken in de handen van deze Middelaar Gods en der mensen tot een getuigenis. Indien Ik u niet was, gij hebt geen deel met Mij.

Het enige deel, dat voor God een bestaansrecht geeft, is het bloed, wat de kerk Gods heeft leren benodigen. Ach mocht ik in die reine plassen van Jezus' bloed mijn ziele wassen.

Vanzelf vloeit uit deze verborgen gemeenschap de geloofsgemeenschap met elkander, uit Hem met elkander, dat is een eeuwigheldsband. Daarom de vraag: Verstaat gij wat Ik u gedaan heb. En tot onderzoeking op weg naar de eeuvsrigheid: Indien Ik u niet was, gij hebt geen deel met Mij. Amen.

Dirksland Ds. P. Blok

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 maart 1962

De Banier | 8 Pagina's

Meditatie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 maart 1962

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken