Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Beantwoording der vragen in zake Landbouwschap

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Beantwoording der vragen in zake Landbouwschap

5 minuten leestijd

Kortgeleden publiceerden wij in „De Banier" de door Ir. van Dis gestelde vragen in zake de zo veel verontwaardiging opgewekt hebbende manier van optreden van het Landbouwschap, door namelijk op hele boerderijen en landerijen beslag te laten leggen en deze te doen verkopen, om zodoende de heffing te verkrijgen, die van de boeren wordt gevorderd.

We laten de vragen hier volgen met de beantwoording, die veel uitgebreider is dan de dagbladen hebben vermeld.

De vragen werden 22 maart 1.1. ingediend en luiden als volgt:

1. Is de Regering niet van oordeel, dat het verkopen van landerijen en boerderijen ter verkrijging van een klein bedrag, dat door het Landbouwschap van de boeren als heffing voor dit „schap" wordt opgeëist, in het vervolg uitgesloten behoort te worden?

2. Heeft de Regering zich reeds beraden over het nemen van maatregelen, welke tot het in vraag 1 gestelde kunnen leiden, en zo niet is dan van de regering te verwachten, dat zij alsnog tot het nemen van daartoe dienende maatregelen zal overgaan?

Mede namens de minister-president Prof. De Quay, de minister van Justitie, Mr. Beerman, en de minister van Landbouw, Mr. Marijnen, beantwoordde de staatssecretaris van Algemene Zaken, onder wie de PBO-zaken ressortaren, Drs. Schmelzer, deze vragen d.d. 19 april 1.1. als volgt:

1. Als krachtens de Wet op de Bedrijfsorganisatie ingesteld publiekrechtelijk bedrij f slichaam is het Landbouwschap ingevolge artikel 126 van genoemde wet bevoegd, heffingen op te leggen aan degenen, die de ondernemingen drijven, waarin de landbouw wordt uitgeoefend.

Invordering van de verschuldigde heffing geschiedt alleen indien gebleken is dat van deze laatste in der minne geen betaling valt te verkrijgen. Aan invordering gaat steeds aanmaning vooraf.

Moet — en alsdan steeds en uitsluitend wegens nalatigheid of, zoals in de gevallen waarop de steiler van de vraag het oog heeft, doordat degene, die de heffing is verschuldigd, weigert die te betalen — inderdaad tot invordering worden overgegegaan, dan geschiedt ook deze invordering overeenkorhstig de bij artikel 127 der wet op de bedrijfsorganisatie juncto het wetboek van burgerlijke rechtsvordering gestelde regels; zulks ook voor zover de invordering moet worden voortgezet en voltooid door beslaglegging op en executoriale verkoop van aan de ook dan nog niet tot betaling bereid gebleken heffingsplichtige toebehorende roerende of onroerende goederen of vorderingen op derden.

Betrokkenen kunnen deze invordering — uitvaardiging van een dwangbevel, beslaglegging, executie — voorkomen door de hun wettig opgelegde heffing tijdig zonder dwang te betalen, gelijk het een ieder betaamt die wet en orde eerbiedigt.

Mèt het Landbouwschap zijn de antwoordende bewindslieden van oordeel, dat in die gevallen, waarin het door de houding die betrokkenen aannemen tot beslaglegging en executoriale verkoop moet komen, dit op voor de betrokkenen het minst bezwarende wijze behoort te geschieden. Er kunnen zich echter omstandigheden voordoen, waarin het te bereiken doel — te weten de inning van de verschuldigde heffing; op welker betaling het bedrij f slichaam alleen al vanwege het rechtsbeginsel, dat wat gelijk is, gelijk moet worden behandeld, nu eenmaal moet blijven staan — in de praktijk niet anders kan worden verwezenlijkt dan door beslaglegging op en executoriale verkoop van onroerend goed; waarbij overigens mag worden vertrouwd, dat de bedrij f slichamen deze wijze van verhaal zoveel als hun maar mogelijk is', zullen trachten te vermijden. De antwoordende bewindslieden kunnen de eerste vraag dan ook niet zonder meer bevestigend beantwoorden. Zij zijn niet bereid, maatregelen te bevorderen, waardoor de mogelijkheid van executie van onroerend goed ter invordering van aan een bedrij f slichaam, hetzij het Landbouwschap of een ander, verschuldigde heffing zou worden uitgesloten.

2. Wel vindt beraad plaats over maatregelen, waardoor beslaglegging onder derden en executoriale verkoop van roerend goed op zodanige wijze zullen kunnen geschieden, dat zoveel mogelijk wordt vermeden, dat bedrijfsliehamen in een positie komen te verkeren, waarin de invordering van een aan hen verschuldigde heffing in feite alleen door beslaglegging op en executoriale verkoop van onroerend goed zou kunnen worden voltooid.

Men ziet uit dit antwoord der regering, dat zij niet bereid is het laten verkopen van hele boerderijen en landerijen in het vervolg uit te sluiten. Dit is wel zeer teleurstellend, daar nu de mogelijkheid blijft bestaan, dat te één of andere tijd 'n herhaling zal plaats hebben van wat in het Hollandse Veld is gebeurd, al zal dit voorlopig wel nagelaten worden.

Na wordt verder in het antwoord wel medegedeeld, dat er beraad plaats vindt over andere maatregelen, waardoor beslaglegging en verkoop van onroerend goed kan worden vermeden, maar of dit de gewenste oplossing zal geven, hangt nog herèmaal in de lucht. Dat hangt af van wat die maatregelen zullen inhouden. Hierover is met zekerheid niets bekend. Uit het antwoord blijkt, dat de regering zelf nog aan het „beraden" is. Het zal echter wel zaak zijn om geen maatregelen te gaan nemen, die opnieuw de ergernis opwekken, zoals b.v. zou geschieden, wanneer men zonder dat de boeren er iets van weten, een stuk vee van hun land, misschien wel in de nacht, zou weghalen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 1963

De Banier | 8 Pagina's

Beantwoording der vragen in zake Landbouwschap

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 mei 1963

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken