Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Vernieuwing kiesstelsel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Vernieuwing kiesstelsel

11 minuten leestijd

2.

Wij stonden in het vorige artikel bij het voorstel-De WUde wat in den brede stU, omdat een soortgelijk voorstel de laatste tijd meermalen in de grote pers ter sprake werd gebracht. Zelfs werd daarbij gesproken van het stellen van de voorwaarde, dat een partij om in de Tweede Kamer vertegenwoordigd te kunnen worden, bij de verkiezingen een aantal stemmen van vijf maal de kiesdeler zou moeten verkrijgen. Een voorwaarde, die in 1959 reeds door wijlen de heer TUanus bij de regering werd aanbevolen. Wanneer een dergelijke maatregel werd genomen en in de Kieswet werd vastgelegd, zou het vanzelfsprekend met de vertegenwoordiging in de Kamer van partijen als de SGP, het GPV en de PSP, die thans vier Kamerleden heeft, gedaan zijn.

Hiermede zou echter praktisch bitter weinig gewonnen zijn, daar het zeer de vraag is of de kiezers, die gewoon waren op genoemde drie partijen hun stem uit te brengen, dit dan zuUen gaan doen op partijen, die hun partij uit de Kamer hebben geweerd. Veeleer is aan te nemen, dat zij blanco zuUen gaan stemmenofhunstemzvUlengaan geven aan een partij, die aan de uitschakeling van hun partij niet heeft meegewerkt.

Ook behoeven de genoemde kleine partijen niet uit de Kamer te worden gebannen, opdat de kabinetsformaties vlotter zuUen gaan verlopen. Deze partijen toch leggen de grote partijen bij kabinetsformaties niets in de weg. Dat een kabinetsformatie meermalen veel tijd in beslag neemt, moet uitsluitend op rekening van de grote partijen worden gesteld.

Voorts is het niet waar, wat van de zijde der grote partijen meermalen werd beweerd, dat namelijk de kleine partijen een belemmering vormen voor het parlementaire werk. Zelfs een vrijzinnige parlementaire redacteiur, wijlen de heer D. Hans van de , , Avondpost", heeft dit destijds met alle beshsüieid tegengesproken, daarbij onder meer nog opmerkend, dat de evenredigheid juist geldt om ook minderheden principieel tot haar recht te doen komen.

Vervolgens zij hieraan toegevoegd, dat het invoeren van een voorwaarde als hierboven genoemd, niet de aUerminste invloed zou hebben op partijen, die meer dan vijf Kamerzetels behalen. De Boerenpartij en D'66, ieder met zeven zetels, zouden in de Kamer vertegenwoordigd blijven en het zijn juist deze partijen waarvan de grote partijen, zoals de KVP en de PvdA, het meeste nadeel hebben, zoals bij de laatste Kamerverkiezingen duidelijk gebleken is.

Ja, ook de VVD zou hierbij kunnen worden genoemd. Deze partij toch won wel een zetel op 15 febr. 11., maar het komt ons voor, dat zij een grotere winst zou hebben verkregen, wanneer D'66 er niet was geweest. Om de Boerenpartij en D'66 uit de Kamer te weren door middel van verhoging van de kiesdrempel, zou men echter als voorwaarde wel acht a tien maal de kiesdeler moeten gaan stellen, wat dan echter een partijendictatuur in optima forma zou zijn. Zo ver zal de regering dan ook wel niet durven gaan.

Het stellen van de voorwaarde van meer dan eenmaal de kiesdeler zou bovendien in strijd zijn met de Grondwet. In 1938 werd art. 84 dezer wet wel aangevuld met de woorden „binnen door de wet te stellen grenzen", zoals in het vorige artikel reeds werd vermeld, maar hiermede wordt het verhogen van de kiesdrempel boven éénmaal de kiesdeler niet geoorloofd. Die toevoeging heeft namelijk slechts betrekking op de wijze van verdeling der restzetels, waarin destijds wijziging werd gebracht door het stelsel der grootste overschotten te vervangen door het stelsel der grootste gemiddelden. Dit was dan ook de opvatting van de heer Toxopeüs als minister van Binnenlandse Zaken. Vandaar dat hij weigerde uitvoering te geven aan de motie waarbij de kiesdrempel op 1, 5 maal de kiesdeler zou worden gebracht.

Na het bovenstaande wUlen weer nog even de aandacht op vestigen, dat men ook in PvdA-kringen tegen het verhogen van de kiesdrempel bezwaren heeft, zoals kan blijken uit een artikel in het orgaan „Opinie". Na eerst te hebben opgemerkt, dat het niet waar is, dat de kleine partijen tot nu toe de regeringsvorming bemoeilijken, maar dat het juist de grote partijen zijn, die dit doen, acht de schrijver het weinig zinvol te eisen, dat een partij bijvoorbeeld vijf procent van destemmen moet behalen om tot de Kamer te worden toegelaten.

Hier wordt dus gesproken van 5 pet. van het totaal aantal uitgebrachte stemmen, wat zou neerkomen op 7, 5 maal de kiesdeler. Indien de Kieswet zulk een bepaling zou hebben bevat, zouden zowel de Boerenpartij als D'66 bij de laatste Kamerverkiezingen geen toegang tot de Kamer hebben gekregen. Dan zouden er thans maar vijf partijen in de Kamer vertegenwoordigd zijn.

De schrijver uit voornoemd blad waarschuwde er echter voor om die kant uit te gaan. Hij deed dit om de praktische reden, dat het invoeren van drempels er toe kan leiden, dat de ontevredenen er door kunnen samengedreven worden om een grote partij te gaan vormen. Men zou hieraan kunnen toevoegen, dat ze op één lijst zouden kunnen gaan uitkomen om het effect van de drempelverhoging teniet te doen.

Men mene echter niet, dat de schrijver uit „Opinie" de kleine partijen zo gaarne in de Kamer wil behouden. Hij is tegen de drempelverhoging om geen ontevredenen te kweken en voorts, zoals hij vervolgens meedeelt, omdat hij daarin een vals spel ziet. Kleine partijen toch zouden bij drempelverhoging niet voor een zetel in aanmerking komen al zouden ze de kiesdeler hebben gehaald, terwijl grote partijen voor een aantal stemmen gelijk aan de kiesdeler, wel een zetel zouden verkrijgen. De concurrentievoorwaarden tussen de partijen zouden zodoende volgens hem worden vervalst.

Wel is hij er voor een systeem in te voeren, waardoor de kleine partijen worden verzwakt, maar zo, dat ook de grote partijen op hun zwakke plekken er even sterk door worden geraakt.

Het distriktensfelsel

ZuUc een systeem zou het districtenstelsel zijn. Het is vooral de nieuwe partij D'66, die invoering van dit stelsel als één van haar voornaamste programpunten beschouwt. Dit is wel zeer opmerkelijk voor een partij, welker woordvoerders haar vóór de verkiezingen als een bij uitstek vooruitstrevende partij hebben aangediend. Volgens hen zijn de bestaande oude partijen vermolmd en uitgeleefd. Ze zouden daarom tot , , ontploffing" moeten worden gebracht, zoals haar fractievoorzitter Van Mierlo het uitdrukte. Nu is het merkwaardige, dat het districtenstelsel helemaal niet iets nieuws is. Het is juist een stelsel uit de oude doos. Een stelsel, dat reeds vóór 1917 in ons land werd toegepast, doch waarmede de toenmalige Staten-Generaal gebroken heeft om het te vervangen door het stelsel van evenredige vertegenwoordiging.

Vóór 1917 toch, toen de Tweede Kamer uit honderd leden bestond, was het land verdeeld in honderd stemdistricten. Ieder district koos één Kamerlid bij volstrekte meerderheid van stemmen. Werd bij eerste stemming geen meerderheid gehaald, dan had er herstemming plaats tussen de twee kandidaten, die de eerstekeerdemeeste stemmen hadden verkregen. Dit leidde er toe dat de partijen met elkaar een coalitie aangingen.

Vóór 1917 vormden de AR en CH met de R K zulk een coalitie, waarbij het geregeld voorkwam, dat de gereformeerde en hervormde kiezers door de A R en C H werden opgewekt om hun stem op een rooms-katholiek uit te brengen. Bij wederinvoering van het districtenstelsel zou men dus weer dezelfde situatie krijgen.

Dat de voorstanders vanhet districten­stelsel zo sterk voor dit stelsel geporteerd zijn, ligt daarin, dat de coaliserende partijen het tevoren met elkaar in grote lijnen eens moeten zijn, zodat de kiezers bij het uitbrengen van hun stem weten welke regeringsploeg te verwachten is, wanneer de coalitiepartijen hunner keuze de meerderheid behalen.

Bij het stelsel der evenredige vertegenwoordiging zoals sedert 1917 hier te lande geldt, is dit niet het geval. Van de uitslag der verkiezingen hangt het af welke partijen met elkaar van het kabinet deel zullen uitmaken, terwijl het formeren van eenkabinet gewoonlijk veel tijd in beslag neemt.

Het ligt echter voor de hand, dat het districtenstelsel voor dekleinepartijen funest zou zijn, daar het voor hen niet mogelijk zou zijn om in een district de volstrekte meerderheid te behalen. Zelfs partijen als de Boerenpartij en D' 66, thans elk met zeven zetels in de Kamer, zouden bij wederinvoering van het districtenstelsel sterk in zeteltal achteruitgaan of zelfs helemaal uit de Kamer geweerd kunnen worden. Elen tweetal bladen, namelijk de zgn. neutrale „Haagse Courant", een dagblad, en het weekblad de „Haagse Post" heeft onlangs eens een berekening gemaakt hoe groot het aantal zetels der diverse partijen zou zijn wanneer het districtenstelsel nu reeds van kracht zou zijn geweest. De , , Haagse Courant" verdeelde daartoe het land in 75 districten, zodat elk district twee Kamerleden moest leveren. De „Haagse Post" ging uit van 50 districten met elk drie Kamerleden. Voorts vormde de „Haagse Post" districten, die over de provinciegrenzen heenliepen, terwijl de „Haagse Courant" de provinciegrenzeri in acht nam door binnen elke provincie een aantal districten te vormen. Voorts kunnen de grote steden nog op twee manieren worden behandeld. Ze kunnen als één groot kiesdistrict worden beschouwd, maar ze kunnen ook in districten worden onderverdeeld. Wanneer nu de grote steden als een heel district worden beschouwd, dan zouden de Boerenpartij en D'66 bij de laatste Kamerverkiezingen volgens de verdehng van de „Haagse Courant" (75 districten) elk maar twee zetels hebben verkregen. Volgens de verdeling van de „Haagse Post" (50 districten) zouden ze echter niet één zetel behaald hebben.

Om ook voor de andere partijen het aantal zetels te geven, laten we hier een tabel volgen:

75 50 Huidige districten districten Kamer

KV.P. P.v.d.A. V.V.D. A.R.P. C.H.U. C.P.N. RS.P. S.G.P. G.RV. B.F. D'66 45 63 11 15 10 2 — — — 2 2 64 • 55 9 12 7 2 — — — — — 42 37 17 15 12 5 4 3 1 7 7

Deze cijfers doen zien, dat de grootste partijen van een districtenstelsel als boven aangegeven de grootste voordelen zouden hebben. De KVP zou bij een verdeling in 50 districten van 42 (nu) op 64 zetels zijn gekomen, de PvdA van 37 (nu) op 55. Deze twee partijen zouden alsdan tezamen over 119 zetels beschikken, een meerderheid dus van 44 zetels. Bij een aantal districten van 50 zou de KVP meer voordeel hebben, de PvdA echter bij een aantal van 75 districten. De A R F zou bij 75 districten gelijk gebleven zijn, maar bij 50 districten drie zetels minder gekregen hebben. De VVDzou in beide gevaUen een belangrijk minder aantal zetels hebben verkregen, bij 50 districten zelfs 8 zetels minder. De CHU zou bij 50 districten 5 zetels minder hebben gehad. De CPN zou in beide gevallen evenals de BP en D'66 op 2 zetels gekomen zijn.

De SGP, het GPV en de PS F zouden er helemaal uitgevallen zijn.

Voor de VVD, de ARP en de CHU biedt het districtenstelsel dus geen aanlokkelijk perspectief wanneer zij althans afzonderlijk zouden blijven of)treden. Zouden echter de A R P en de CHU een combinatie vormen, dan zouden zij de VVD in het noorden en oosten des lands kunnen benadelen. zodat het de VVDenige zetels zou kosten. Ook zouden zij door samen te werken de PvdA verlies kunnen toebrengen. Zelfs de KVP zou volgens de „Haagse Courant" van eencombinatie van ARP en CHU schade kunnen ondervinden, doch hierop zullen genoemde partijen het wel niet wiUen laten aankomen. Veeleer kan men een herstel der oude coalitie van AR F, CHU en KVP verwachten. De besprekingen, die onlangs tussen deze partijen reeds hebben plaats gehad en die, zoals werd bekend gemaakt, een gunstig verloop hadden, zodat ze zullen worden voortgezet, wij zen in die richting.

Ook zouden de PvdA, de PSP en D'66 een combinatie kunnen gaan vormen. Evenzo laat zich een samenwerking van PvdA, PSP en CPN denken. Volgens de „Haagse Courant" zou dit laatste zelfs tot gevolg kunnen hebben, dat de twee zetels van de Boerenpartij in het zuiden des lands worden weggevaagd.

Bij invoering van het districtenstelsel zou dus de samenstelling der Tweede Kamer gaan afhangen van de afspraken, welke door de politieke partijen vóór de verkiezingen worden gemaakt om op eikaars kandidaten te stemmen. De democratie, waarvan door de meeste partijen steeds zo hoog wordt opgegeven, zou hiermede echter een dolksteek worden toegebracht.

Vandaar, dat de regering in 1910 een staatscommissie instelde om tot etn ander kiesstelsel te geraken. Het resultaat hiervan was, dat er een wetsontwerp werd ingediend, waarvan in de Memorie van Toelichting door de minister van Binnenlandse Zaken werd verklaard, dat door geen der toen bestaande staatkundige partijen werd weersproken, dat invoering van een stelsel van evenredige vertegenwoordiging „eis des tijds" was. Bij wederinvoering van een districten­

Bij wederinvoering van een districtenstelsel zou men dus de klok meer dan een halve eeuw gaan terugdraaien, en terugkeren tot — zoals in de inleiding op de uiteenzetting van de Kieswet van Dr. Van Ommen Kloeke en Mr. Borman wordt vermeld —dedemoraliserende praktijken, die bij de vroegere herstemmingen toepassing vonden en die ieder, die daaraan heugenis heeft, wel de onwankelbare overtuiging hebben geschonken, dat, wat er ook op het stuk van het kiesrecht zal gebeuren, van terugkeer tot een stelsel van aanwijzing der gekozenen, gelijk dat vóór 1917 gold, geen sprake zal kunnen zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 mei 1967

De Banier | 8 Pagina's

Vernieuwing kiesstelsel

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 mei 1967

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken