Bekijk het origineel

GRAF OF OVEN?

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

GRAF OF OVEN?

6 minuten leestijd

Enkele gedachten over lijkbezorging

Nu de Tweede Kamer in overeenstemming met de motie Scheps een wetsontwerp heeft aangenomen, waarin de wet op de lijkbezorging zodanig wordt gewijzigd, dat de krematie op één lijn komt te staan met begraven en daarmee de beperkende bepalingen voor het kremeren b.v. dat de wens daartoe te kennen moet zijn gegeven bij een notarële akte of bij een codicil (verklaring) vervallen, willen we over de lijkbezorging iets ten beste geven. Zowel het begraven als het verbranden der doden is reeds zeer oud. Bij het heidendom was de oorspronkelijke wijze van lijkbezorging het begraven. De volken die in de wereld de toon aangaven zoals de Chinezen, Perzen, Indiërs, Egypt en aren, Grieken, Romeinen, Scandinaviërs en Arankaniërs, derhalve volken over verschillende werelddelen verspreid, begroeven hun doden. Maar naarmate het heidendom meer verheidenste, kwam van lieverlede het verbranden der lijken in gebruik. Zo vinden we de lijkverbranding reeds in Griekenland sinds de Trojaanse oorlog. De Romeinen verbranden ook al in de oude geschiedenis hun doden en ook de Kelten en Germanen kremeerden him doden.

In Europa hield de gewoonte van verbranden lange tijd stand. Tot in de 9e eeuw hield de gewoonte van verbranden in Duitsland stand, in Hongarije tot in de 10e en in Rusland tot in de 12e eeuw. Maar waar het Christendom invloed krijgt en waar de bevolking tot het Christendom bekeerd wordt, daar moet de gewoonte van lijkverbranden wijken.

Christendom en üjkverb randing verdragen zich niet met elkaar. Het Christendom ontmoet deze gewoonte, maar kan er zich niet in schikken. Het veroordeelt de verbranding en kiest bewust het graf boven de oven.

Wanneer men opmerkt, dat het begraven een kwestie van traditie is en het Christendom, met name het protestantisme, zich moet kunnen losmaken van tradities, willen we opmerken, dat die traditie zelf schriftuurijk getoetst moet worden. Er zijn goede gewoonten, die de kerk niet anders an tot grote schade kan opgeven. Er WO rdt in de Bij bel niet voorgeschreen wat men met de doden moet doen. Een verbod: „Gij zult uw doden niet erbranden", is niet te vinden. Daarmee voelen velen zich sterk staan omoewel zij zelf nog kiezen voor de vergeleverde traditie van begraven och ruimte laten voor het kremeren. en kan dan zowel christelijk als nchristelijk begraven, als ook hristelijk en onchristelijk kremeren. en vergeet dan, dat het nadrukkeijk gebod voor Israël niet nodig was. oewel Israël door heidenvolken was mringd, die wel het kremeren kenen, werd het in Israël niet gevonden. sraël zou alleen wonen en ook in de w p o i k d wijze van lijkbezorging zou het alleen staan. En zolang zij niet afwijken en de verkeerde gewoonte van het heidendom niet overnemen, is het nadrukkelijk gebod niet nodig. De profetenmond getuigt tegen het bestaande kwaad, niet tegen het nog wel eens mogelijke kwaad.

In de Bijbel lezen we van begraven. Abraham, Izak en Jacob alsmede hun vrouwen, later de koningen Israels, ze werden allen begraven. De Heere Jezus Zelf is in het graf gelegd en daaruit ten derden dage opgestaan. De apostelen wijzen daarop herhaaldelijk terug en troosten de gelovigen dat de opstanding over het graf zal triomferen. Waar de Heilige Schrift 'de begrafenis onderstelt, daar heeft de christelijke kerk van de aanvang af zich tegen de heidense gewoonte van kremeren verzet. De strijd om graf of oven dateert niet van de laatste eeuw. Reeds in de oud-christelijke kerk zijn heftige polemieken gevoerd tussen heidenen en christenen over de krematie.

De gevangen christenen kregen als extra straf, dat na hun dood hun lijken verbrand zouden worden. „We zullen uw lijken verbranden en dan eens zien of ge zult opstaan en uw God u redden zal uit onze hand", werd de Lyonse martelaars toegebeten. Toen het christendom het heidendom verdrongen had en het christendom staatsgodsdienst werd, heeft het aanstonds de krematie verboden. In de christelijke kerken werd begraven de algemene regel. Karel de Grote verbood de Saksen bij hun overgave in 785 op straffe des doods de lijkverbranding.

In het gekerstende Europa werd de lijkverbranding volkomen verdrongen en tot in de vorige eeuw was er slechts sprake van begraven. Eerst op de helft van de vorige eeuw gingen er weer stemmen op voor het kremeren. Deze methode van dodenbezorging werd als de beste methode aanbevolen. Deze methode was het meest hygiënisch, ekonomisch en esthetisch. In 1869 werd in Florence een kongres gehouden, waar de krematie met klem werd verdedigd en op grond van hygiënische overwegingen als beslist noodzakelijk werd ge­ acht. Daar ligt het begin van de vernieuwde strijd.

In hetzelfde jaar 1869 kreeg ons land een begrafeniswet. In art. 1 werd voorgeschreven, dat de overledene zou worden begraven in een gesloten kist op een begraafplaats, overeenkomstig die wet aangelegd of volgens de overgangsbepalingen dier wet toegelaten. In deze wet werd uitdrukkelijk gesteld het begraven. Over delijkverbranding werd niet gesproken, omdat die in ons land niet aan de orde was.

Maar vanuit Italë verbreidden de krematie-ideeën zich snel. In 1886 werd de rooms-katholieke kerk genoodzaakt te spreken. Ze sprak:1. het is verboden lid te worden van verenigingen die ten doel hebben de krematie te bevorderen.

2. Het is verboden zijn eigen lichaam of dat van een ander te laten kremeren.

Daar dit besluit van het H. Officium kort daarna door paus Leo XIII werd bekrachtigd, ging de krematiebeweging in Italië in de eerste helft van de 20e eeuw sterk achteruit.

In 1874 ontbrandde de strijd in ons land. De liberale N.R.C, pleitte voor het wettelijk toelaten van de krematie. Ze wilde dat vooral in de grotesteden de kerkhoven zouden verdwijnen en door krematoria zouden worden vervangen. De liberalen vonden Dr. Kuyper (later ookProf. Fabius)tegenover zich. Dr. Kuyper schreef in „De Standaard" zijn vlijmscherpe anti-krematie artikelen tegen de liberale propaganda. Kuyper doorzag het liberale streven en hij voorzag, dat de voorstanders niet zouden rusten bij een volkomen gelijkstelling, maar eerst dan als het begraven verboden en het kremeren geboden zou zijn. Kuyper voorzag een krematie-dwang.

Al gaan de voorstanders der krematie in 1968 nog niet zover, daarmee is niet gezegd, dat Kuyper verkeerd heeft gezien.

Ondanks alle tegenstand en hoewel de wet van 1869 krematie uitsloot, werd er in 1874 een Ver. voor Fakultatieve Lijkverbranding opgericht, die zich ten doel stelde de krematie-gedachte te bevorderen en zonder winststreven krematie mogelijk te maliën. Omdat de krematie in eigen land niet mogelijk was, gebeurde het wel, dat een Ujk naar het buitenland werd vervoerd, om daar te worden verbrand.

De oppositie van kerkelijke zij de tegen krematie was fel. De propagandisten voor de krematie lieten maar al te duidelijk uitkomen, dat hun keuze voor krematie met hun wereldbeschouwing samenhing. Een anti-godsdienstige wereldbeschouwing botste met de christelijke. Dood is dood en hoe zal de ziel ooit kunnen opstaan als alles tot as is verbrand? Nu is de christelijke troost wel, dat de opstanding der doden niet afhankelijk is van de wijze van lijkbezorging. De zee zal haar doden wedergeven en die door de wilde dieren zijn verslonden of door het vuur zijn verteerd, ze zullen allen door Zijn almachtige hand worden opgewekt. IVfear de anti-christelijke wereldbeschouwing wilde bij de dood alles vernietigen.

R.

de R.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 augustus 1968

De Banier | 8 Pagina's

GRAF OF OVEN?

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 augustus 1968

De Banier | 8 Pagina's

PDF Bekijken