Bekijk het origineel

Gemeenten en cultureel erfgoed

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Gemeenten en cultureel erfgoed

7 minuten leestijd

UITGAVE VAN DE STICHTING VOORLICHTINGS- EN VORMINGSCENTRUM VAN DE STAATKUNDIG GEREFORMEERDE PARTIJ

1. Inleiding

Cjeineenlen hebben een belangrijke taak op het gebied van de bescherming van het cultureel erfgoed. Op grond van de Monumentenwet 1988 hebben de gemeenten een taak in de selectie en aanwijzing van monumenten en het doen van voorstellen voor de aanwijzing van een beschermd stads- en dorpsgezicht d< xjr de minister. De Wet op de stads- en dorp.svernieuwing biedt de gemeenten de mogelijkheid een eigen beleid te voeren op het gebied van de vernieuwing van de leefomgeving, iietgecn ondemieer tot uitdrukking komt in de vaststelling van een leefmilieuverordening of van een stadsvernieuwingsplan. Bij de Tweede Kamer zijn op dit ogenblik twee wetsvoorstellen in behandeling die de positie van de gemeenten op het terrein van het cultureel erfgoed raken, in dit artikel wordt op beide voorstellen ingegaan.

2. Het Verdrag van Malta

Op 16 januari 1992 is te Valletta f.Malta) een verdrag gesloten tu.ssen de lidstaten van de Raad van Europa over de bescherming van het archeologi.sch erfgoed. Dit verdrag moet bij wet d(x> r de Staten-Generaal worden goedgekeurd. Een daartoe .strekkend voorstel is op 22 atigu.stus 1994 aan de Tweede Kamer aangeboden. De doefstelling van het verdrag - het be.schermen van het archeologisch erfgoed - wordt uitgewerkt in bepalingen over de manier waarop met het archeologisch bodemarchief moet worden omgegaan. Kernpunt is dat, als het archeologisch belang moet wijken voor een ander belang dat leidt tot verstoring van het bodemarchief, de financiering van archeologi- .sehe inventarisaties en van noodzakelijk arciieologi.sch onderzoek is veilig gesteld. Er is uitgegaan van de gedachte dat degene die de bodem verstoort en daarmee archeologisch erfgoed vernietigt, de kosten zal moeten dragen die nodig zijn om de informatie die in de bodem ligt opgeslagen veilig ie stellen. Met een variant op een belangrijk uitgangspimt in het milieurecht - namelijk: de vervuiler betaalt - geldt hier dus: de veroorzaker betaalt.

doorberekenen?

1 let wetsvoorstel zou de Tweede Kamer mi.sschien al zijn gepasseerd, ware het niet dat

de Vereniging van Nederiandse Gemeenten (VNG) kort na afloop van de schriftelijke behandeling van het wetsvoorstel bij de Kamer aan de bel heeft getrokken vanwege de mogelijke ingrijpende financiële con.se- Cjuenties van uitvoering van het verdrag. De veroorzaker van verstoring is in de ogen van de regering namelijk degene die opdracht geeft tot bouwaaiviteiten. Veelal is het de gemeente die de grond bouwrijp maakt. Moet de gemeente de kosten in verband rnet archeologisch onderzoek doorberekenen in de grondprijs? Ais dat het geval is, dan zullen diverse grootschalige woningbouwlocaties financieel onhaalbaar worden. Het is zonder archeologische activiteiten al bijzonder moeilijk om bij\oorbeeld bepaalde VINEX-loeaties of .stadsvernieuwingsgebieden financieel rond te krijgen.

inzicht

Samenvattend vond de VNG dat er duidelijkheid dient te be.staan over de vraag wie als veroorzaker wordt aangemerkt en wai de gevolgen daarvan zijn.

Daarnaast moet inzicht bestaan in welke activiteiten door de veroorzaker betaald moeten worden, welke activiteiten tot de verantwoordelijkheid van de overheid behoren en welke bestuurslaag daar verantwoordelijk voor is. Dat inzicht is nodig om een inschatting te kunnen maken van de benodigde financiële middelen, waarna bepaald moet worden waar die middelen vandaan moeten komen. De VNG was te meer verontrust omdat het rijk bij bepaalde VINEXlocaties van de .stelling uitging dat de kosten voor archeologisch onderzf )ek een normaal onderdeel van de grondexploitatie vormen en daarin moeten worden verdisconteerd.

voorziene bodemverstoringen

Ook de regering heeft ingezien dat er voor goedkeuring van het verdrag inzicht moet bestaan in de gevolgen voor de uitvoeringsmaatregelen, en zeker de financiële consequenties van een en ander. Nader onderzoek moet informatie opleveren over de voorziene bodemverstoringen in de komende tien jaar en de financiële implicaties daarvan. Recent heeft staats.secretaris Nuis van Ctiltuur aan de Tweede Kamer bericht dat enkele belangrijke vraagstukken - van be, stuuriijke, financieel/economische juridische en archeologische aard - in kaart zijn gebracht. In het aanstaande voorjaar moeten de resultaten van de onderzoeken uit- monden in een concreet voornemen tot implementatie van het verdrag voor Nederland. Tot die tijd is de parlementaire behandeling van het weLsvoorstel opgeschort.

3. Wijziging Woningwet

Het tweede voorstel dat de Tweede Kamer in behandeling heeft en dat zich ondermeer richt op behoud van karakteri.stieke waarden, betreft een wijziging van de 'Woningwet inzake vergunningvrije bouwwerken in beschermde stads- en dorpsgezichten. De aanleiding voor dit voorstel was een door de Kamer aangenomen motie (bij de behandeling van de integrale herziening van de Woningwet), waarin om een aanvullend wetsvoorstel werd gevraagd. Daarin zou een regeling getroffen moeten worden \oor de bouwvergunningvrije bouwwerken in be- .schermde stads- en dorpsgezichten; concreet gaat het veelal om carports.

monumentenverordening

In maart 1994 heeft de staat.ssecretaris van volkshuisvesting. Ruimtelijke ordening en milieubeheer een concept-wetsvoorstel om advies gestuurd naar de Raad van advies voor de ruimtelijke ordening CRARO). de Raad voor de volkshuisvesting (RAVO) en de VNG. Uit de adviezen blijkt dat men positief is over de wijzigingen ten opzichte van de bestaande regeling. Het is opvallend dat de adviezen eensluidend zijn om de regeling niet alleen te laten gelden voor be- .schermde .stads- en dorp.sgezichten als bedoeld in de Monumentenwet 1988, maar ook voor krachtens een gemeentelijke monumentenverordening aangewezen be- .schermde stads- en dorpsgezichten. Daarnaast hebben RARO, RAVO en VNG voorgesteld dat voor bouwen in een beschermd stads- en dorpsgezicht altijd een bouwvergunning vereist is. Tenslotte is gesignaleerd dat de voorgestelde wijziging behoorlijk ingewikkeld is en te veel ruimte laat voor uiteenlopende interpretatie; immers een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 43 van de Woningwet kan vergunningvrij zijn. vergunningplichtig (bij een monument) of meldingsplichtig (in een beschermd stad, sgezicht).

weigeringsgronden

De regering heeft in reactie op de commentaren gesteld dat toevoeging van gemeentelijke monumentenverordeningen een breuk zou inhouden met het in de Woningwet opgenomen limitatieve stelsel van weigeringsgronden; de in de herziene Woningwet neergelegde eenduidigheid zou hiermee verloren gaan. In de tweede plaats is de regering \an mening dal de opwaardering \'an vergunningxrije bouwwerken tot meldingsplichtige bouwwerken aan de gemeenten voldoende mogelijkheden biedt om aantasting van een beschermd .stads- of dorp.sgezicht tegen te gaan. Tenslotte weerspreekt de regering de kritiek dat de voorgestelde regeling ingewikkeld en \aag zou zijn.

toetsingskader

De mogelijkheden voor het \ergunningvrij bouwen van carports blijkt nog .steeds een omstreden punt uit het wetsvoorstel te zijn. Gemeenten voelen zich beperkt in hun mogelijkheden om op te treden tegen allerlei ongewenste bouwsels. Een vergunningvrij bouwwerk mag namelijk niet aan het be- .stemmingsplan, wel.stand en de bouw\'erordening worden getoetst. Deze categorie bouwwerken kan alleen repressief aan het Bouwbeslviit worden getoet.st. Kortom, gemeenten hebben vot)r deze bouwwerken geen raimtelijk en esthetisch toetsingskader

voorgevelrooilijn

De regering heeft \(X5rge.steld om een carport met drie gesloten wanden onder bepaalde voorwaarden \'ergunning\Tij te maken. Dit zou inhouden dat deze carports zondemieer in de meeste voortuinen kunnen worden neergezet. Het is duidelijk dat bedoelde carports een grote invloed hebben op de ruimtelijke en esthetische kwaliteit van de gebouwde omgeving; anders ge­ zegd: het .straatbeeld \< x> r de \o()rge\elrooilijn kan erastig worden aangetast. De \'NG heeft daarom voorgesteld om een carport vergunning\rij te laten zijn wanneer er sprake is van een wand aan een zijde.

elektronische sirene

Tenslotte heeft de regering een element toegevoegd waartner in de adviezen niet is gesproken omdat het onderwerp in het concept niet was genoemd, namelijk de elektronische sirene. De regering is voornemens om de elektronische sirene vergunning\'rij te maken. Niet duidelijk is of ook de mast van \ijftien meter daarbij is inbegrepen. Volgens de VNG moet de mast vergunningpüchtig worden vanwege de noodz/aak tot bescherming \an de ruimtelijke en esthetische kwaliteit \an de omge\ing.

bezwaren

Het is nog niet duidelijk of - en zo ja, op welke manier - de regering tegemoet zal komen aan de aangevoerde bezwaren. In het schriftelijk verslag van de Kamer is hiervoor weliswaar aandacht gevraagd, maar een brief van de VNG, waarin de bezwaren nog eens op een rij worden gezet, heeft de Kamer pas na vast.stelling van het verslag bereikt. De regering is nu aan zet. waarna de Kamer het uiteindelijke oordeel moet vellen.

S. Stoop

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 september 1996

De Banier | 20 Pagina's

Gemeenten en cultureel erfgoed

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 september 1996

De Banier | 20 Pagina's

PDF Bekijken