Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

PARLEMENTAIR LOGBOEK

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

PARLEMENTAIR LOGBOEK

9 minuten leestijd

ZONDAGSWERK

De Eerste Kamer loopt altijd wat achter, in ieder geval wat betreft de begrotingsbehandeling. Die vindt dikwijls plaats in de eerste helft van het jaar waarop de begroting betrekking heeft. Zo kon het gebeuren dat veertien dagen geleden in de Senaat werd gesproken over de begroting van Verkeer en Waterstaat voor het jaar 1997. Namens de fracties van GPV, RPF en SGP voerde 'onze' Van den Berg het woord.

Tal van vraagstukken stelde hij aan de orde, waaronder ook het werken aan de weg op zondag. Reeds in de Tweede Kamer had zijn naamgenoot dit thema bij zijn inbreng vorig jaar ter sprake gebracht door erop te wijzen dat zondagswerk, ook aan de weg, om meerderlei redenen geen pas geeft.

Voorop staat natuurlijk Gods gebod om de zondag te heiligen. Daar komen andere argumenten bij, zoals het gegeven dot weg-werken op zondag duurder uitpakt. In het verlengde van deze opmerking stelde Van den Berg dat gewaakt moet worden voor een vervuiling van de begrippen 'werken van noodzakelijkheid' en 'werken van barmhartigheid'. Aan die twee wordt nu kennelijk het begrip 'verkeerstechnisch noodzakelijk' aan toegevoegd. Een waarschuwing is hier op z'n plaats.

Minister Jorritsma bewaarde haar antwoord op de zondagopmerkingen van Van den Berg voor het laatst. Gelukkig bleken haar handen niet helemaal leeg te zijn. Nadat de bewindsvrouwe in de Tweede Kamer al te kennen had gegeven ernaar te streven dat er niet meer dan nodig op zondag wordt gewerkt, leek ze nu zowaar wat toeschietelijker in SGP-richting. Ze kondigde tenminste aan dat "in het kader van het project 'Wegen naar de toekomst' maatregelen voorbereid worden die in de toekomst meer mogelijkheden bieden om ook doordeweeks file-arm te kunnen werken aan de weg." De minister noemde als voorbeeld het iets breder maken de vluchtstrook, zodat je gedurende de week een hele rijbaan kunt afzetten. Afwachten maar, met de vinger aan de pols.

KIESWET

De Kieswet, in 1989 geheel vernieuwd, gaat opnieuw in de revisie. Dat wil zeggen: op een aantal punten. Zoals op het onderdeel van de verlaging van de voorkeursdrempel. De SGP zit daar niet op te wachten. Het punt is al diverse keren, uit de oude doos gehaald, maar iedere keer was het resultaat dat het na een herhaling van oude zetten opnieuw in die vergeelde doos verdween. De SGP blijft erbij dat de grens van 50% van de kiesdeler redelijk is - een goede balans tussen de invloed van de kiezers en de invloed van politieke partijen op de verkiezing van leden van vertegenwoordigende organen. Daar moet je niet aan sleutelen als de noodzaak daartoe niet is bewezen.

Over de verlengde openstelling van de stembureau's was SGP-woordvoerder Van den Berg kort. Hij zei er geen noemenswaardig grotere opkomst van te verwachten, maar had geen enkele behoefte zich tegen dat voorstel te verzetten. Zeer erkentelijk is de SGP ervoor dat het kabinet een soepeler regeling van de datum van de verkiezingen mogelijk maakt, bijvoorbeeld om een samenval met een bid- of dankkdag te kunnen voorkomen. Ingenomen is de SGP eveneens ook met het uitgangspunt van het kabinet dat verkiezingen op zondag niet aan de orde zijn.

Uitvoerig is stilgestaan, zowel in de Kamer als in de pers, bij de verkiezingsdatum van D.V. volgend jaar. Verschuiven of niet, was de vraag die werd opgeworpen door de fracties van o.m. PvdA en CDA. Koninginnedag, alsmede de 4e en de 5e mei zouden volgens die fracties in de weg zitten. Daarom willen ze de verkiezingsdatum verschuiven; de een naar voren, de onder naar ach­ teren, eventueel te bereiken via f; en wetswijziging. Net als de voorz er van de Kiesraad neigt de SGP 6' naar om niet te gaan morrelen c n de datum van 6 mei. Er liggen -. jt bezwaorlijkheidjes, maar die zi - niet onoverkomelijk. Sterker nog ook in het verleden bleken die c.en beletsel voor een goede gang v • zaken voor en tijdens de verkiez - gen.

EUROPA

Opnieuw stond Europa . de agenda van de Kamer. Neóe land is druk doende met de voc reiding van de top van Amstero', die, als alles volgens plan verloo volgende maand in onze hoofd: zal worden gehouden. Met het c op de uitbreiding van de Europe; Unie met enkele landen in Midc' en Oost-Europa zijn er nu voorst len in de maak om de besluitvormingsstructuur van Europa aan Vr passen. Immers, zo luidt de rede ring, besluiten in een Europa bestaande uit 20 a 25 lidstaten ku nen niet meer (goed) worden gemen op basis van een structuur v een Unie van ongeveer 15 lidstc Vandaar dat er gesleuteld wordt aan zaken als het vetorecht dat c lidstaten nu nog bij bepaalde be ten hebben en de verdeling van Commissarissenportefeuilles ove' lidstaten.

Van den Berg zette in met een m—ir algemene beschouwing over de vï'dieping van de Europese samenvv-; -king. Daar zet het kabinet op in. Een verkeerde inzet, vindt de SGF Als je ziet hoe moeizaam het nu •: lemaal gaat en wat er van de me "ie beloften is terechtgekomen, dan wordt het hoog tijd om het Europ-se ombitiniveau naar beneden bij te stellen. Naar onze mening biedt een Europese Unie die zich beper< t tot een aantal kerntaken -met name op economischen aanverwant terrein- het beste perspectief, aldus Van den Berg. De SGP voelt er don ook niks voor om steeds meer zaksn (zoals volksgezondheid en sociaci beleid) onder de Unievlog te brengen. Natuurlijk is er samenwerking nodig, maar de vraag is: hoe? Al sinds jaar en dag pleit de SGP voor het pad van de intergouvernementele samenwerking, met controle op nationaal niveau door de nationoie parlementen.

De SGP is duidelijk tegen de af- schaffing van het vetorecht dat landen nu nog hebben bij de besluitvorming op het gebied van het buitenlands en veiligheidsbeleid. Niet -j! een voert de SGP daar het principiële bezwaar tegen aan dat dit leidt tot uitholling van de nationale soevereiniteit. Van den Berg wees er op afstand doen van het vetorecht alleen dan kan gebeuren, als de belangen van alle lidstaten parallel lopen. Welnu, daarvan is in de verste verte geen sprake.

Verderop in zijn betoog plaatste de SGP-afgevaardigde kritische kontte- Keningen bij het 'verhuiscircus' Brussel-Straatsburg. Ook vroeg hij nadrukkelijk aandacht voor het punt van de fraudebestrijding en brak hij een lans voor het behoud van een commissaris voor alle lidstaten, eventueel in de vorm van een 'comriissaris zonder portefeuille'. Hoe den ook, zo beëindigde de SGP'er zijn inbreng, moet het nationaal be- 'ang niet gerelativeerd worden, ze- Ker niet terwille van een geslaagde afronding van de intergouvernementele conferentie. Beter geen verdrag don een verdrag dat niet in ons belang is.

WESTERSCHELDE

Wat moet de Tweede Kamer met "een staatsrechtelijk volstrekt onaanvaardbare wanhoopsdaad"? Afkeuren, is men geneigd te zeggen. Zegt ook de SGP Maar een niet onbelangrijk deel van de Kamer denkt daar anders over. Het goat over het Wetsvoorstel bepalingen in verband met het uitvoeren van baggerwerken en het storten van baggerspecie voor de verruiming en het onderhoud van de vaarweg in de Westerschelde door het Vlaams gewest. Een hele mond vol, samengevat tot Vergunningenwet Westerschelde.

De verdieping van de vaargeul in de Westerschelde ten behoeve van Antwerpen, de belangrijkste havenstad van onze zuiderburen, ligt al lang op het bordje van Den Haag en Zeeland. De Nederlandse en Vlaamse autoriteiten zijn daarover al vele ja-ren met elkaar in gesprek. Om een lang verhaal kort te maken: de uitdieping van de vaargeul in de Westerschelde vergt nogal wat vergunningen en moeilijke (MER-)procedures. Het kabinet wil die procedurele regels, mede onder druk van de Belgen, omzeilen. Daartoe dient die omstreden Vergunningenwet.

Van den Berg liet er geen enkele twijfel over bestaan dat de SGP niet gediend is van deze noodsprong. De wet is volgens Van den Berg "een noodwet in een situatie zonder nood, dus nodeloos. Het is wellicht eerder te typeren als een noodsprong." De SGP-woordvoerder vervolgde met: "De minister voelde zich blijkbaar in het nauw gedreven na de vernietiging van de vergunning door de Raad van State, zulks vanwege hef ontbreken van een vergunning op grond van de Wet milieubeheer (...) De voorgestelde wet moet nu gelden ais één algemene vergunningverlening voor het verdiepen van de vaargeul. Daardoor worden lopende bezwaar- en beroepsprocedures opzij gezet. Tegen de bij de wet verleende vergunning is in het geheel geen bezwaar of beroep mogelijk. Daardoor worden naar ons oordeel wezenlijke uitgangspunten van de Nederlandse rechtsorde opzij gezet. Wij achten dit niet aanvaardbaar, " aldus Van den Berg. No deze duidelijke taal kan niemand nog zeggen onwetend te zijn over het standpunt van de SGP-fractie. Voluit tegen dus.

AFSTAMMINGSRECHT

Nog niet afgerond is de discussie in de Kamer over de herziening van het afstammingsrecht. Daarover liggen een paar voorstellen op tafel. Zo wil het kabinet de mogelijkheid openen van de ontkenning van door het huwelijk ontstaan vaderschap, hetzij door de moeder, hetzij door het kind. Een ander voorstel strekt tot het doen vervallen van de termen 'wettig', 'onwettig' en 'onnatuurlijk' kind. Verder wordt afgestapt van het echtpaarvereiste bij adoptie. De achterliggende gedachte bij al deze voorstellen is om het klassieke afstammingsrecht aan de eisen van deze tijd aan te passen.

De taak van de SGP is niet alleen deze concrete voorstellen te toetsen aan de bijbelse richtlijnen, maar ook de tijdgeest van waaruit die voorstellen worden gedaan te duiden. Van den Berg deed dat door de ontwikkelingen die zich op het terrein van het personen- en familierecht aftekenen te typeren als revolutionair. Waarom? Omdat de centrale positie van het huwelijk als structurerende organisatievorm in dit deel van ons recht steeds meer wordt losgelaten.

De hechte pijler onder onze samenleving, het huwelijk als bijbels gefundeerde vorm van samenleven van man en vrouw, wordt op die manier weggeslagen. En dan nog beweren dat men daarbij het belang van het kind op het oog heeft! Als dat werkelijk zo zou zijn, dan zou men de waarde van het huwelijk moeten erkennen in wet- en regelgeving. Verderop in zijn betoog werkte Van den Berg dit pleidooi uit door het Nederlandse kabinet het voorbeeld van enkele andere staten voor te houden. In Duitsland bijvoor-, beeld worden huwelijk en gezin grondwettelijk beschermd. Zo hoort het!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 mei 1997

De Banier | 20 Pagina's

PARLEMENTAIR LOGBOEK

Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 mei 1997

De Banier | 20 Pagina's

PDF Bekijken