Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Roemen in de mens tegenover roemen in God

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Roemen in de mens tegenover roemen in God

7 minuten leestijd

MEDITATIE

Dezen vermelden van wagens en die van paarden, maar wij zullen vermelden van den Naam des HEEREN onzes Gods,

Psalm 20: 8

^s'jlm 20 is een psalm van David. Da^id is met het volk vergaderd bij het heiligdom, de tabernakel. De aar leiding is dat de koning met zijn leger ten strijde moet trekken tegen eer sterke, naar menselijke maatstaf ono'/ervv/innelijke, vijand.

Da^d durft niet op te trekken voor eer'/ het aangezicht des Heeren te heooen gezocht, samen met het voiK. Deze psalm is er een treffend voorbeeld van dat Israël een theocra'isch volk is. De godvrezende Dovid heeft dat het volk ook voorgeleefd.

Dovid is zich ervan bewust dat hij de overwinning niet zelf kan bewerken. Dat kan alleen de fHeere mee optrekt in de strijd en voor Zijn volk strijdt.

In óeze psalm is er sprake van wisselende stemmen of koren die aan he' woord zijn. In vers 2 tot 6 wordt ee-- gebed opgezonden of de fHeere ce koning wil helpen. De bede v/crdt opgezonden terwijl de rook van het brandoffer opstijgt. Het offer wijst heen naar de grond van het bidden, dat is het bloed des Lams. De rook wijst heen naar de Geest der genade en der gebeden. Zo stijg' het gebed voor de koning op. Gevraagd wordt 'Hij zende uw hulp uit het heiligdom en ondersteune u uit Sion', vers 3. Geen menselijke hulptroepen worden te hulp geroepen maar Gods hulp. Treffend is dat de Heere niet de grote nood wordt voorgehouden maar dat gevraagd wordt, vers 4, 'Hij gedenke al uw spijsofferen en make uw brandoffer tot as'. Er is een besef dot alles verzondigd ligt en dat God daarom OOK niet kan helpen om de grote nood, maar alleen op grond van het offer dat spreekt van bloed. De Heere toont het gebed te hebben gehoord en dat Hij het ook wil verhoren, dat lezen we in vers 7. Daar is iemand aan het woord die spreekt in het enkelvoud. Hij mag , door Goddelijke openbaring, getuigen 'nu weet ik dat de HEERE Zijn gezalfde behoudt'.

Zijn gezalfde, dat is koning David, door de Heere Zelf itverkoren tot het koningschap. De Heere had Zich door die zalving verbonden aan David. Gods eer was ermee gemoeid. Wonderlijke bijeenkomst is dit geweest! Er moet nog gestreden worden maar de overwinning is al zeker. Hier mag leven: 'in de grootste smarten, blijven onze harten in de Heer gerust'. En dan wordt het overwinningslied aangeheven, vers 8. Het is een lied van een zwak en krachteloos volk in zichzelf dat moet gaan vechten tegen een overmachtige vijand.

Die vijanden zijn zo machtig. Ze beschikken over vele paarden en wagens. En wie daarover beschikte in de oudheid, die was onoverwinnelijk. Daarom horen we hier de zelfverzekerde vijanden roemen in hun eigen wapens. Ze zullen immers, naar menselijke berekening, zeker de overwinning behalen. Alie berekeningen, prognoses, voorbeschouwingen wijzen erop dat ze niets hebben te vrezen. Ze maken echter één grote vergissing. Ze rekenen buiten God. Ze stellen hun vertrouwen op zichzelf, op hun eigen voortreffelijke wapens.

Israël had geen paarden en wagens om op te vertrouwen. Volgens de koningswet van Deut. 17 had de Heere het Israël ook verboden om veel paarden te hebben. Dovid heeft deze wet in praktijk gebracht, Salomo later niet meer.

Waarom wilde de Heere dit niet? Omdat de Heere het hart van de koning en het volk kende en wist dat het bezit van paarden zou maken dat ze niet meer op Hem alleen zouden vertrouwen. De Heere wilde dus in deze weg Zijn volk beproeven, leren om het alleen van Hem te verwachten. En wie het alleen van de Heere verwacht, die wordt nooit beschaamd. Dit heeft David en het volk in deze psalm mogen ervaren.Ze moeten een voor het menselijk oog verloren strijd gaan voeren. Maar dan lezen we: 'maar wij zullen vermelden van de Naam des HEEREN, onzes Gods'.. Dit is de taal des geloofs die zijn grond vindt in Gods eigen toezegging, vers 7. David mag rekenen met de Heere en don heb je het rekenen zoals we van nature altijd doen, verleerd. De eer Gods is hem op het hort gebonden. Hij is aan Gods kont terecht gekomen en mag zich overgeven in Gods hand en zijn zaken kwijt bij de Heere.Hij is gestorven aan eigen roem, roemen in eigen kunnen, zoals de vijanden doen. Hij wordt verwaardigd hogerop te zien. En wie zo mag opzien tot de Heere, gelijk een knecht ziet op de hand zijns heren, die mag in de dadelijkheid geloven dat God boven alles staat en alles doet om Zijns Zelfs wil. Betekent dit dat David niet meer moest strijden ? Nee hij moest wel de strijd voeren. Vertrouwen op de Heere oefenen betekent niet dat God de middelen uitsluit, maar het sluit wet uit dat we nog durven te vertrouwen op de middelen. Wat zou het groot zijn als binnen onze partij deze gang van David veel mocht worden beoefend. Dan mogen en moeten we doen wat onze hond vindt om te doen, moor don ontvangen we ook de kracht en moed om vast te houden aan ons beginsel temidden van een volk dat alleen bouwt op de paarden en wagens van vertrouwen in de autonome mens.

Ze moeten een voor het menselijk oog verloren strijd gaan voeren. Maar dan lezen we: 'maar wij zullen vermelden van de Naam des HEEREN, onzes Gods'.. Dit is de taal des geloofs die zijn grond vindt in Gods eigen toezegging, vers 7. David mag rekenen met de Heere en don heb je het rekenen zoals we van nature altijd doen, verleerd. De eer Gods is hem op het hort gebonden. Hij is aan Gods kont terecht gekomen en mag zich overgeven in Gods hand en zijn zaken kwijt bij de Heere.Hij is gestorven aan eigen roem, roemen in eigen kunnen, zoals de vijanden doen. Hij wordt verwaardigd hogerop te zien. En wie zo mag opzien tot de Heere, gelijk een knecht ziet op de hand zijns heren, die mag in de dadelijkheid geloven dat God boven alles staat en alles doet om Zijns Zelfs wil. Betekent dit dat David niet meer moest strijden ? Nee hij moest wel de strijd voeren. Vertrouwen op de Heere oefenen betekent niet dat God de middelen uitsluit, maar het sluit wet uit dat we nog durven te vertrouwen op de middelen. Wat zou het groot zijn als binnen onze partij deze gang van David veel mocht worden beoefend. Dan mogen en moeten we doen wat onze hond vindt om te doen, moor don ontvangen we ook de kracht en moed om vast te houden aan ons beginsel temidden van een volk dat alleen bouwt op de paarden en wagens van vertrouwen in de autonome mens.

Hij is gestorven aan eigen roem, roemen in eigen kunnen, zoals de vijanden doen. Hij wordt verwaardigd hogerop te zien.

En wie zo mag opzien tot de Heere, gelijk een knecht ziet op de hand zijns heren, die mag in de dadelijkheid geloven dat God boven alles staat en alles doet om Zijns Zelfs wil. Betekent dit dat David niet meer moest strijden ? Nee hij moest wel de strijd voeren. Vertrouwen op de Heere oefenen betekent niet dat God de middelen uitsluit, maar het sluit wet uit dat we nog durven te vertrouwen op de middelen. Wat zou het groot zijn als binnen onze partij deze gang van David veel mocht worden beoefend. Dan mogen en moeten we doen wat onze hond vindt om te doen, moor don ontvangen we ook de kracht en moed om vast te houden aan ons beginsel temidden van een volk dat alleen bouwt op de paarden en wagens van vertrouwen in de autonome mens.

Wat zou het groot zijn als binnen onze partij deze gang van David veel mocht worden beoefend. Dan mogen en moeten we doen wat onze hond vindt om te doen, moor don ontvangen we ook de kracht en moed om vast te houden aan ons beginsel temidden van een volk dat alleen bouwt op de paarden en wagens van vertrouwen in de autonome mens.

Beekbergen,

ds A Schreuder

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 mei 1998

De Banier | 20 Pagina's

Roemen in de mens tegenover roemen in God

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 mei 1998

De Banier | 20 Pagina's

PDF Bekijken