Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Kinderopvang (3)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Kinderopvang (3)

10 minuten leestijd

Nauw ver> vant met de kinderopvang zijn de ideeën over de brede school. Vandaar dat we in de laatste aflevering van de serie over kinderopvang aandacht willen schenken aan de ideeën en reeds genomen initiatieven rondom de brede school.

BREDE SCHOOL

De notitie Brede scholen van de staatssecretarissen van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen en Volksgezondheid, Welzijn en Sport, opent met de volgende beschrijving van dit fenomeen: "De brede school is een netwerk van onderwijs, welzijn en zorg voor kinderen en hun ouders. Een netwerk bestaande uit de school en andere voorzieningen (zorginstellingen, cultuur, sporten bijvoorbeeld politie), met als doel de actieve deelname van kinderen aan de samenleving te bevorderen, kinderen een goede "dagindeling" te bieden, mogelijke achterstanden van kinderen weg te nemen en hun sociale competentie te vergroten."

In de ontwikkeling van de brede school is het de bedoeling dat bestaande instellingen (onderwijs, zorg, cultuur) opnieuw georganiseerd worden, zodat kinderen en jongeren daar beter van kunnen profiteren. De brede school ontwikkeling heeft zodoende raakvlakken met allerlei beleidsterreinen, zoals lokaol jeugdbeleid, gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid (GOA), grote stedenbeleid (GSB), integratiebeleid, veiligheidsbeleid en kinderopvangbeleid.

De brede school heeft volgens deze notitie de volgende voordelen: het voorkomen van uitval van leerlingen, aanpak van taalproblemen van allochtone leerlingen én een nieuwe mogelijkheid op het gebied van kinderopvang. Een van de gedachten achter de brede school is namelijk dat de kinderen die voor, tussen en na schooltijd naar de buitenschoolse opvang gaan, eigenlijk net zo goed opgevangen kunnen worden op school. Hoewel het niet vast staat hoe een brede school er precies uit moet zien, of de opvang en het onderwijs in dezelfde ruimten gaat plaatsvinden en zo voorts, is het mogelijk dat op de brede school buiten schooltijd allerlei activiteiten georganiseerd worden. De school wordt zo verbreed van een plaats waar kinderen komen om onderwijs te ontvangen tot een plaats waar zij de hele dag terechtkunnen voor opvang én onderwijs. In diverse gemeenten zijn er op dit moment al brede scholen in ontwikkeling. De ontwikkelingsstadia en de definities die men hanteert, lopen echter nogal uiteen. Zo zet de ene gemeente in op een geconcentreerde huisvestingsvorm, terwijl een andere gemeente de samenwerkingsrelaties tussen instellingen prioriteit geeft. In het netwerk van een brede basisschool zijn veel partners denkbaar. Daartoe behoort in ieder geval de gemeente; verder de peuterspeelzaal, het buurthuis, het welzijnswerk, instellingen voor kunst en cultuur, de politie, sportverenigingen, aanbieders van opvoedingsondersteuning en ontwikkelingsstimulering, het maatschappelijk werk, de bibliotheek, een stichting voor kinderopvang, de speeltuin en zo voorts. Op dit moment heeft de ontwikkeling van de brede scholen vooral betrekking op basisscholen. Het is de bedoeling dat in de toekomst ook rond het voortgezet onderwijs gelijksoortige brede scholen opgezet worden, afgestemd op de ontwikkelingsbehoeften van jongeren. De brede school zal daar een meer buurtoverstijgende functie krijgen.

VOOR- EN NADELEN

Het integreren van de buitenschoolse opvang in de brede school (ervan uitgaand dat het onderwijs en de opvang op dezelfde locatie plaatsvinden) heeft voor- en nadelen ten opzichte van de buitenschoolse opvang in een kindercentrum. Een voordeel is dat het kind de hele dag op één plaats is; er is dus minder rompslomp voor het kind en de ouders/begeleiders (het kind hoeft buiten schooltijd niet vervoerd te worden naar de plaats waar de buitenschoolse opvang plaatsheeft). Een ander voordeel is dot de school in de uren buiten schooltijd nuttig gebruikt wordt. Er zijn echter ook nogal wat nadelen. Ten eerste zijn de bestaande scholen ingericht op het geven van onderwijs en niet op het organiseren van allerlei activiteiten die met opvang te maken hebben. Dit kan problemen geven voor de scholen. Ten tweede is het de vraag of het kind ermee gediend is, als het de hele dag in dezelfde omgeving, die toch als hoofdfunctie 'school' heeft, verkeert. Verder zal het kind de hele dag in een groep zijn en weinig rustmomenten hebben. Politici zijn overigens bang dat het geld dat gereserveerd is voor het aanpakken van de achterstanden van allochtone leer­ lingen zal weglekken naar de b.jde schoolactiviteiten, en zo dus nie! gebruikt zal worden voor het juiste doel. Naast de genoemde voor- en nadelen van de brede school, gelden de ilfde argumenten die voor en tegen k^ deropvang genoemd zijn ook voor • opvang van kinderen op de brei school.

VERANTWOOR­DELIJKHEID

Het is teleurstellend dat in de no Brede scholen nauwelijks gewez wordt op de verantwoordelijkhei ouders hebben voor hun kindere ze notitie is vooral geschreven v. het perspectief van de verantwc lijkheid van de overheid voor vei e die Deüit .le­ •, heid, het voorkomen van vroegti : g schoolverlaten, het wegnemen vi: achterstandssituaties, vergroting n de ontwikkelingsmogelijkheden v' i kinderen en jongeren en snelle o 'erkenning en behandeling van kini ren die zijn aangewezen op de expe-ises van de jeugdzorg. De overheid \ eit zich blijkbaar geroepen voor de zaken zorg te dragen. Voor versch/ n- de van deze gebieden, zoals vrc itijdig schoolverlaten en onderkenn •J en behandeling van kinderen die jeugdzorg nodig hebben, geldt f-. iter dat de taak van de ouders nu ov. ge­ nomen gaat worden door de ove heid. Deze ontwikkelingen lijken ting een 'staatsopvoeding' te goc en deze tendens verdient onze steu: ^et. Er zal daarom gezocht moeten v den naar andere oplossingen vo- de problemen die er zijn en waarvc ide overheid wél verantwoordelijk is 0- als de onderwijsachterstanden v allochtone kinderen en de problee - vijken. Het is daarbij van belang a: ': ; !eerst de oorzaken van het problf .m aan te pakken en niet alleen de ogo- tieve gevolgen te bestrijden. Mi; ' in ziens moeten we voor het aanpc < en van deze problemen in de kern •: in ook allereerst bij de ouders zijn. voelen zij zich voldoende verantwoordelijk voor de opvoeding van hun nderen? Kunnen de kinderen bij hur ouders terecht? Is er een ouder aai wezig, als er een probleem is? Dit brengt ons terug bij de oorzijk van de toenemende vraag naar kinderopvang. De meeste ouders iae genoemde uitzonderingssituaties fioargelotenl) nemen geen tijd om hun kinderen op te voeden en kennen hun verantwoordelijkheid in dezen nief voldoende. Een mentaliteitsverandering van het Nederlandse volk zal de problemen beter kunnen oplossen dan welke uitbreiding van kinderopvang of welke brede school dan ook.

R. Bie'nond Op 6 april vond het algemeen overleg over de notitie "Brede scholen" in de Tweede Kamer plaats. Ter aanvulling op bovenstaande volgt hier de (ingekorie) bijdrage van de SGPfrac^ie die als leidraad diende VO0' het debat. Van der Vlies trad op als woordvoerder.

De term brede scholen moet gezien worden als een verzamelnaam voor een ofote variatie aan lokale initiatieven op het gebied van integrale opvang en scholing van kinderen. Gezien He onderscheiden doelstellingen en ae verschillende verschijningsvormen van brede scholen, zal ik mij voornamelijk richten op de algemene doeistellingen en de onderliggende motioven van het verschijnsel brede schoien.

Opvoeding Mijn fractie wil het fenomeen brede scholen voornamelijk beoordelen vanuit h jor visie op de verantwoordelijkheid voor de opvoeding van kinderen. De kern van deze opvatting is dat de opvoeding in de eerste plaats een taak ./on de ouders is. Vanuit de ouders gezien kan en mag deze verantwoo.delijkheid niet vervangen worden door alternatieven als kinderopvonc; en buitenschoolse opvang.

Doelen Uit h rt geheel van de notitie blijkt dat net V ogwerken van onderwijsochterstandf^n als doel van de ontwikkeling van brede scholen een belangrijke plaoïs inneemt. Daarnaast wil de overheid tweeverdieners en alleenstaande ouders bij de opvang van hun knderen tegemoet komen. De overige doelen van het ontwikkelen van brede scholen zijn 1) het bevorderen v., n de actieve deelname van kinderer; aan de samenleving en 2) het vergioten van de sociale competentie van kinderen. Op zich kan mijn fractie zich in de laatstgenoemde doelen vinden, al rechtvaardigt dat volgens haar niet een volledige dagopvang buitenshuis.

'onderwijsachterstanden Het is duidelijk dat de onderwijsachterstanden een belangrijk probleem vormen, waarbij met name ten aan- Z'en van taal, doelgerichte activiteiten reeds op jonge leeftijd gewenst zijn. Anderzijds vindt mijn fractie het onverantwoord om jonge kinderen een substantieel deel van de dag uit de context van het gezin te halen. Ook buitenschoolse activiteiten voor oudere kinderen met achterstanden mogen er naar de mening van de SGP niet in resulteren dat de opvoeding van de betreffende kinderen vrijwel de hele dag buitenshuis plaatsvindt. Probleemkinderen en probleemgezinnen, soms geconcentreerd in probleemwijken, vormen hier natuurlijk een uitzondering op.

Mijn fractie staat positief ten opzichte van de gedachte om ook de ouders van (allochtone) kinderen te betrekken bij het vroegtijdig bestrijden en voorkomen van onderwijsachterstanden. fHierdoor blijven de ouders betrokken bij de opvoeding van hun kinderen, terwijl zij tegelijkertijd zelf bijvoorbeeld de Nederlandse taal beter onder de knie krijgen. Als dit doorwerkt in de thuissituatie, kan dit indirect weer resulteren in het verminderen van de initiële onderwijsachterstanden van de betrokken kinderen.

Dagindeling Een belangrijk motief voor het ontwikkelen van brede scholen is ook het vinden van een sluitende dagindeling voor kinderen van werkende ouders. Het bieden van kinderopvang en buitenschoolse opvang voor deze kinderen vind ik een ongewenste ontwikkeling. Kinderen worden op deze manier in het werkpatroon van hun ouders gedrongen en komen zodoende op de tweede plaats te staan. De overheid zou er alles aan moeten doen om deze trend tegen te gaan. Voor probleemjongeren en in probleemwijken kan de brede school een nuttige functie vervullen, waarmee tegelijkertijd het hangjongerenprobleem en de kleine criminaliteit wordt bestreden. Buitenschoolse opvang dient echter in principe geen standaardvoorziening, maar een vangnet te zijn.

integrale aanpak De ontwikkeling van brede scholen bestaat in belangrijke mate uit het integreren van reeds bestaande activiteiten. De integratie van deze activiteiten op zich waardeert mijn fractie positief. Hierdoor kan de samenhang tussen verschillende op de jeugd gerichte initiatieven in het belang van de doelgroep worden vergroot en is het bovendien mogelijk om de beschikbare middelen efficiënter in te zetten.

Belasting In verband met de herstructurering van activiteiten wil ik nadrukkelijk aandacht vragen voor de positie van leraren en in het bijzonder van schoolleiders. Een positief aspect van brede scholen in dit verband is dat leraren zich weer meer kunnen gaan richten op hun kerntaken. Terecht wordt in de notitie gesteld dat leraren en schoolleiders door het samenwerken met andere instanties niet extra belast mogen worden. Het is echter de vraag of dat in de praktijk toch niet zal gebeuren. Als een instelling voor jeugdzorg de opvang van leerlingen na schooltijd in het schoolgebouw verzorgt, dan zal een schoolleider zich daar toch ook verantwoordelijk voor voelen en zich ook voor deze activiteit inzetten. Het is mij met andere woorden niet duidelijk op welke manier de verdeling van de verschillende verantwoordelijkheden met daarbij behorende belasting van de samenwerkende instellingen ook materieel kan worden vormgegeven. Welke voorwaarden zijn daarvoor nodig? Graag een duidelijke reactie.

Denominatief aspect Bij het vormgeven van brede scholen moet nadrukkelijk rekening gehouden kunnen worden met de richting van de school. Het mag niet zo zijn dat scholen onder (maatschappelijke) druk worden gezet om nauw te gaan samenwerken met instanties van een andere levensbeschouwelijke kleur. Het moet voor scholen ook mogelijk zijn om af te zien van elke samenwerking met andere instanties. Dat betekent onder meer dat er geen kwaliteitstoetsing plaats mag vinden op het al of niet ter beschikking stellen van bijvoorbeeld buitenschoolse opvang. Brede schoolactiviteiten behoren ook materieel geheel vrijwillig te blijven. Kan de staatssecretaris dat toezeggen?

Standpuntbepaling Mijn fractie stemt in met het wegnemen van eventuele belemmeringen voor de vorming van brede scholen. Wat de SGP betreft wordt het ontwikkelen van brede scholen echter niet in algemene zin door de rijksoverheid gestimuleerd. Stimulering zou alleen moeten plaatsvinden waar opvang en activiteiten buiten de schooltijden noodzakelijk zijn. De vraag naar buitenschoolse opvang door tweeverdieners zou de overheid juist moeten ontmoedigen."

Dit artikel werd u aangeboden door: Staatkundig Gereformeerde Partij

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 juni 2000

De Banier | 20 Pagina's

Kinderopvang (3)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 juni 2000

De Banier | 20 Pagina's

PDF Bekijken