Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Euthanasie: van kwaad tot erger

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Euthanasie: van kwaad tot erger

17 minuten leestijd

Het geruchtmakende euthanasiedebat ligt al > veer bijna een maand achter ons. Tóch houdt het ons nog bezig. Niet alleen ons trou> vens. Ook breder in de samenleving > vordt er nog over gesproken, tot in verre buitenlanden toe. In de voor-vorige Banier is aangekondigd dat de SGPbijdrage via De Banier voor alle partijleden beschikbaar zou komen. In die zin moet daar op afgedongen worden, dat in deze Banier niet de complete inbreng van ir. Van der Vlies kan worden afgedrukt. Hadden vy^e dat vs^el gedaan, dan zou bijna de hele Banier ermee gevuld zijn. Hieronder dus een selectie uit > vat de SGP bij dit aanen ingrijpende debat heeft gezegd.

Zoals gezegd, de onderstaande euthanasiebijdrage is maar een deel van het verhaal. De nadruk ligt op de meer principiële beschouwingen, het hellende vlak en de vraag naar de barmhartigheid. Daarnaast sprak woordvoerder Van der Vlies in zijn bijna anderhalf uur spreektijd ook over alle andere aspecten die aan de nieuwe wettelijke regeling vastzitten, zoals de zorgvuldigheidseisen en - criteria, de polliatieve zorg, de (rechts)positie van o.a. artsen en verpleegkundigen en ga zo maar door. Op een aantal van die punten diende de SGP amendementen in, om zo te pogen de wet nog iets bij te buigen. Wie door belangstelling voor heeft en de integrale tekst nog eens na wil lezen, kan die aanvragen op de fractie (telefoon-/ fax-/e-mailnümmer staan op pagina 2). De brochure zal dan worden toegezonden. Wie over internet beschikt, kon kijken op de Internetsite van de SGP (Tweede Kamer, Inbrengen, Euthanasiedebat).

PIJN EN VERDRIET

Dan is nu het woord aan ir. Van der Vlies: "Vandaag staan we voor de plenaire afhandeling van het wetsvoorstel toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding, een voorstel dat bij de SGP-fractie gevoelens oproept van pijn en van verdriet. Pijn en verdriet vanwege het feit dat onze regering er helaas blijk van geeft, zich in deze discussie niet op Gods heilzame geboden te willen oriënteren. Pijn en verdriet omdat ons land zich daardoor verder losscheurt van die inzettingen die, naar onze diepste overtuiging, goed zijn voor de gehele samenleving. Wij mengen ons dus ongaarne en zeer bezwaard in de discussie over deze wet. Maar anderzijds sta ik hier namens mijn fractie ook in de wetenschap dat de HEERE regeert. Alle uitkomst - ook van dit debat - ligt in Gods Hand. Ook als het anders gaat dan wij, de SGPfractie en ikzelf, denken en willen. Een en onder ontsloot mij niet van de plicht en verantwoordelijkheid hier in ernst en bewogenheid datgene uit te dragen wat Hij in Zijn Woord van ons allen vraagt.

ZELFBESCHIKKINGS­ RECHT

Zoals veelal met fundamentele vraagstukken het geval is, heeft ook de euthanasieproblematiek de voedingsbodem in het maatschappelijke denk- en leefklimaat. Het moderne levensbesef wordt in de West-Europese cultuur sterk gestempeld door ontkerkelijking en secularisatie. Binnenwereldlijke waarden, het tastbare en het ervaarbare, zijn het steeds meer gaan winnen van het bovennatuurlijke of van het buitenmenselijke. De moderne mens eist zelfbeschikkingsrecht op voor zichzelf en wijst op allerlei terreinen afhankelijkheid van God of zelfs het bestaan van God of.

Het standpunt dat iemand inneemt ten aanzien van euthanasie wordt niet zo zeer bepaald door het recht, als wel door het antwoord dat iemand geeft op de vraag: 'Hoe ziet en waardeert iemand het leven? ' Als voor iemand het leven niet veel meer is don een bestoonswijze, hier en nu, don zal hij minder moeite hebben met een eigenmachtige beëindiging ervan. Deze meent immers dat het leven zijn bezit is en dat hij op grond daarvan over zijn leven mag beschikken. Deze visie wordt niet gedeeld door degene die het leven als een gave van God ziet waarover hij rentmeester is. Elk mens moet daarom over zijn doen en laten tegenover God verantwoording afleggen. De mens met deze overtuiging zal met alle kracht opkomen voor de eerbiediging van het leven van de individuele mens en bovendien gehoorzamen aan het Goddelijke gebod: Gij zult niet doodslaan. Dit gebod is, zoals iedereen weet, één van de Tien Geboden, die universeel gelden.

GAVE GODS

De SGP-fractie belijdt dot het leven van de mens een bijzondere gave van God is, door Hem gewild en gegeven. Het staat daarom de mens niet vrij daar naar eigen goeddunken over te beschikken. Het gebod 'Gij zult niet doodslaan' strekt zich dan ook niet alleen uit tot het leven van anderen, maar ook tot het eigen leven.

Het voste gegeven dat de mens door God en naar Zijn Beeld geschapen is, impliceert onder andere dot het leven een gave en een opgave is. Het is uitsluitend aan Hem om het leven te geven en op Zijn tijd en wijze ook weer te nemen. Het houdt ook in dat de mens niet echt kan leven zonder zich de relatie tot zijn Schepper en Herschepper bewust te zijn en zonder de door Hem tot zegen gegeven leefregels in acht te nemen. Het leven heeft bovendien een eeuwigheidsdoel waarbij de dood niet slechts als een natuurverschijnsel, maar als een laatste vijand verstaan wordt. De levenstijd die mensen wordt vergund, is genadetijd. Een tijd waarin de mens weer in het reine met zijn Schepper kon komen. Het staat ons niet vrij die genadetijd te verkorten.

Zonder de genade van en het geloof in de Levensvorst Jezus Christus is de eeuwige dood erger dan al het lijden dot mensen ontvluchten door hun levenseinde in eigen hand te nemen. Daarentegen zullen zij die het geloof in Christus mogen kennen, hun leven in Zijn hond weten - en wat er ook gebeurt, daarin veilig weten - en door dan ook niet zelf over wensen te beslissen: Mijn tijden zijn in Uwe hand' (Psalm 31). In deze visie op het leven past geen recht op zelfbeschikking. Een christen leeft niet van wat hij - in zichzelf - hééft, maar van wat hij ontvangt. Dat betekent allerminst dat de menselijke en persoonlijke verantwoordelijkheid uitgeschakeld is, integendeel. Maar de norm van wat wel en niet geoorloofd is, ligt in het Woord van God.

TAAK OVERHEID

Zojuist noemde ik het Goddelijke gebod: 'Gij zult niet doodslaan'. De overheid, die naar Bijbels getuigenis een dienares van God is, kan en mag niet werkloos toezien, wanneer het door God gegeven leven, hoe dan ook, wordt bedreigd. Evenmin mag ze regels maken of toelaten die aan dit absolute gebod van bescherming afbreuk doen. De mens is immers geschapen naar Gods beeld. Wie zich derhalve vergrijpt aan het menselijk leven, vergrijpt zich aan het beeld Gods en daarmee ook aan Zijn eer. Op dit punt ligt juist ook de primaire taak voor de overheid als dienares van God om in te grijpen en daartegen een dam op te werpen. Moordenaars moeten gestraft worden. Zelfmoordenaars kunnen door de overheid echter niet gestraft worden, maar wel degenen die behulpzaam zijn geweest bij enige vorm van zelfmoord. Zij en wij moeten beseffen dat we allemaal eenmaal rekenschap zullen moeten geven voor Gods Aangezicht van ons doen en laten. Dat maakt de ernst en het gewicht uit van wat we hier regelen.

fHet is onze behoefte daar met nadruk op te wijzen.

HET LIJDEN

De problematiek van de euthanasie doet ons onvermijdelijk stilstaan bij de vraag naar de betekenis van het lijden. Vooral omdat binnen dit kader snel vragen naar voren komen als: 'Wat is de zin van uitzichtloos lijden? Moet lichamelijk en geestelijk lijden voortduren, wanneer we de macht en de mogelijkheden hebben om een einde aan dat ondraaglijke lijden te maken? Is het niet hard en onbarmhartig om iemand nodeloos een lange lijdensweg te loten ondergaan? ' Wij erkennen voluit dot deze vragen uiterst indringend zijn.

Diep klinken de tonen vanuit Genesis 3, waar het lijden getekend wordt tegen de donkere achtergrond van de zondeval. Het lijden is een reëel gebeuren, vol pijn en smart. Het lijden is wel de volle realiteit, maar daarom ook zo pijnlijk, omdat het een inbreuk is op Gods oorspronkelijke bedoeling met de schepping en met Zijn schepselen. De Schrift spreekt van de tijd, dot 'alles zeer goed was' in het schone paradijs. Tevens leert Gods Woord dat eens alle lijden voorbij zal zijn in het nieuwe Jeruzalem (Openbaring 21). 'En God zal alle tranen van hun ogen afwissen, en de dood zal niet meer zijn, noch rouw, (....) noch moeite zal meer zijn ....' (Openbaring 21: 4). Vergelding, beproeving, versterking en verdieping van het geloof, de navolging van Christus; het zijn enkele trefwoorden en begrippen die de Bijbel in verhouding brengt met lijden.

De christen weet dot er geen lijden zou zijn, als er geen zonde in de wereld was gekomen, maar eveneens dat lijden en zonde veel meer met elkaar te maken hebben. Heerlijk predikt Jesaja 53: 5 ons dot de 'straf, die ons de vrede aanbrengt, op Hem was'. Christus leed en stierf voor Zijn volk, en Hij nam de angel uit het lijden en dood voor hen weg. Don kan soms het lijden nog wel pijn doen, raadselachtig schijnen (Jeremia 20; Job 6: 8-10), toch is het niet zinloos. Lijden kan innig met Christus, de Man van Smarten verbinden, in Wie de dood echt verslonden is tot overwinning.

Dat betekent, om alle misverstanden ten enenmale te voorkomen, absoluut niet dot wij mensen die lijden aan hun lot overlaten: integendeel, verzachting van en wat soms nog meer is, begrip voor het lijden, kunnen weldadig aandoen en gunstig uitwerken. Ook al weten we dat God Zelf Zijn weg daarin gaat. Het samen-er-over-kunnen-spreken is geweldig belangrijk. Enerzijds zal men in deze tijd vaak spreken over 'zinloos lijden' of 'uitzichtloos lij- den'. Maar wie bepaalt dat? Wat is de maatstaf, die wordt aangelegd ter beoordeling hiervan? De mens en ook de medische wetenschapper die God niet (er)kent; denkt, spreekt en handelt onterecht autonoom. Lijden van anderen roept vaak medelijden en barmhartigheid op. Beroemd is het gezegde 'barmhartigheid met de ziel is de ziel van alle barmhartigheid'.

BARMHARTIGHEID

In de discussie over euthanasie staat naast het principe van 'autonomie' ook het ethische principe van 'barmhartigheid' centraal. Euthanasie zou een vorm van barmhartigheid zijn. Anders gezegd: wat is verkieslijker en beter voor de ondraaglijk lijdende mens dan door middel van 'een zachte dood' een humaan einde aan dat leven te maken? Maar: is het doden van een medemens een daad van barmhartigheid of juist niet? Wat is barmhartigheid en wat zegt de Bijbel daarover? Barmhartigheid oefenen betekent Bijbels gezien iemand een bewogen innerlijk tonen; een innerlijk dat meeleeft, meelijdt, meeworstelt. Ook voor Gods aangezicht.

De Bijbelse barmhartigheid is gericht op het leven en het welzijn, de genezing van mensen die aan onze zorgen zijn toevertrouwd. De meest treffende passage uit de Bijbel dienaangaande staat in Lukas 10. Daar verhaalt de Heere Jezus het voorval met de barmhartige Samaritaan (vs.25-37). Waar goot het over? Een wetgeleerde stelde aan Jezus de vraag wie zijn naaste was. Jezus maakt hem dat duidelijk aan de hand van het voorval van de poging tot moord op een Joodse man.

Deze man was dusdanig toegetakeld, dat hij half dood door de Samaritaan werd gevonden, nadat een priester en een Leviet waren langsgekomen en het slachtoffer links hadden laten liggen.

Als inleiding op het antwoord krijgt de wetgeleerde de vraag te beantwoorden: 'Wie don van deze drie dunkt u de naaste geweest te zijn desgenen, die onder de moordenaars gevallen was? ' Zijn antwoord was: 'Die barmhartigheid aan hem gedaan heeft'. Dan volgt de opdracht van Jezus: 'Ga heen, en doe gij desgelijks'(vs.37). Wat had de barmhartige Samari­ taan gedaan? Wel, hij: 1. ging naar het slachtoffer toe en toonde medelijden/-leven; 2. heeft bij gebrek aan geneeskundige hulp alles gedaan wat in zijn vermogen was; 3. bracht de stervende man naar een 'verzorgingstehuis'; 4. verzorgde de man, bracht hem naar bed en voorzag hem van geschikt voedsel, regelde een goede bediening en betaalde de kosten.

Kortom: de Samaritaan betrachtte barmhartigheid en deed het uiterste de man te redden die ter dood gegrepen was. De Leviet en de priester hadden voorbeelden dienen te zijn van barmhartigheid, maar zij toonden onverschilligheid. Iedereen heeft de plicht op zijn plaats en naar zijn vermogen, de lijdende mens te helpen, te verzorgen en datgene te doen wat tot behoud van zijn leven is. De barmhartige Samaritaan deed wat anderen hadden behoren te doen.

De Bijbel spreekt op diverse plaatsen over het tonen van en de opdracht tot het verlenen van barmhartigheid. Er is echter nimmer sprake van het tonen van barmhartigheid door het leven van betrokkene te beëindigen. Barmhartigheid is geen ethisch principe om euthanasie te legitimeren. Integendeel. Bijbels gezien is barmhartigheid - evenals gerechtigheid en straf - gericht op iemands behoud.

Ik ben z.o uitvoerig op deze dingen ingegaan, omdat mij in het wetgevingsoverleg verweten werd dat onze visie maar wreed is en onbarmhartig. Een verwijt dat ik niet genoeg kan weerspreken, maar naar aanleiding waarvan ik beloofde in het plenaire debat principieel te verantwoorden wat ons vanuit onze geloofsovertuiging in dezen beweegt.

De SGP-froctie heeft overigens steeds erkend dat er ultieme situaties kunnen ontstaan of bestaan waarin we voor uiterst moeilijke dilemma's terechtkomen. De toegenomen mogelijkheden van medische zorg en medisch technologische ondersteuning hebben naast zegenrijke kansen ook dilemmatische situaties opgeleverd. Ons wordt, als gezegd, weleens verweten dat het in zulke situaties onbarmhartig is te verhinderen dat het leven beëindigd wordt. Nogmaals, wij werpen dat verwijt verre van ons. Het is naar onze diepste overtuiging eerder onbarmhartig een mens in nood los te laten en hem niet alle warmte en beschutting te geven waarin hij zijn levenseinde kan afwachten. Uiteraard in vertrouwen dat de medische staf al het zinvol mogelijke doet om pijn te verlichten enzovoorts.

HELLED VLAK

Zelfbeschikkingsrecht. Dat wil zeggen: zelf beschikken over de grenzen van je leven. Dat impliceert dat je zelf voluit bekwaam moet zijn je beslissing te nemen. Tot nu toe is door de euthanasievoorstanders altijd beklemtoond dat het alleen maar kan en mag gaan om mensen die wilsbekwaam zijn, mensen dus die hun wil geheel zelf in volle bewustzijn en onafhankelijk kunnen bepalen en kenbaar maken. Wilsonbekwamen -comateuze patiënten, pasgeborenen, dementerenden, ernstig verstandelijk gehandicaptenwerden lange tijd bewust en weloverwogen buiten de discussie gehouden. De huiver om ook in deze situaties euthanasie toe te staan was erg groot, omdat degene die euthanasie op wilsonbekwomen toestaat, een nieuwe principiële grens overschrijdt en zo al weer een stop verder gaat.

Die stop is inmiddels gezet. Het meest helder en uitgesproken hierover is de fractie van D66. Ik hoor het de toenmalige D66-woordvoerder in het euthanasiedebat, nu minister Van Boxtel, in 1 998 nog benadrukken: de grens van het zelfbeschikkingsrecht is voor ons absoluut. En wat merk ik nu bij mijn Dó6collega Dittrich, net twee jaar later? Dat D66 inziet dat een strak vasthouden aan het uitgangspunt van het zelfbeschikkingsrecht in theorie en praktijk een blokkade oplevert om levensbeëindigend handelen ook straffeloos te doen toepassen in bepaalde gevallen van wilsonbekwomen. Subtiel nam hij vanuit deze gedachte enige afstond van het criterium van het zelfbeschikkingsrecht.

De eerste aanzet is trouwens al gegeven: de paarse coalitiefracties hebben tijdens het wetgevingsoverleg reeds ruimte gemaakt voor euthanasie op mensen die ernstig dement zijn. Natuurlijk gelden daarbij zeer stringente voorwaarden, zoals een in het verleden opgestel- óe wilsverklaring. Maar uit het verlecden weten we precies hoe het gaat met stringente voorwaarcden. Die blijken rekbaar. Zó rekbaar, óa\ ze in de praktijk niet of nauwelijks functioneren. Deze recente omslag in het denken over euthanasie heeft niet de aandacht gekregen die ze verdient. Ten onrechte, want feitelijk wordt met deze redenering een bres geschoten in het uitgangspunt dat euthanasie alleen mag als betrokkene het zélf op dat moment wil. Dat is zowel letterlijk als figuurlijk een levens-gevaarlijke ontwikkeling. De logische en uiterste consequentie van deze ontwikkeling is namelijk dat mensen kunnen gaan beslissen over leven en dood van zichzelf en anderen. fHet perspectief dot zich daarmee voor de toekomst opent, is huiveringwekkend!

ZELFMOORD OF ZELFDODING

Dit debat en de gehele discussie over de grens van dood en leven roept bij velen tere gevoelens op. Zoals ik reeds heb betoogd: de dood is niet zomaar wat. De dood is definitief en onomkeerbaar. En, naar ik op grond van de Bijbel geloof, betekent de dood geen einde aan ons bestaan. Naast ons aardse leven is er immers ook een hiernamaals. Anderzijds mag niet worden uitgevlakt hoe zwaar, hoe ondraaglijk en uitzichtloos het lijden kan zijn. Lichamelijk en psychisch lijden kan een mens letterlijk tot wanhoop drijven. Laat daar geen misverstand over bestaan! Mijn stelling is echter, dat er in de gehele discussie in de loop der tijd steeds meer is overgegaan op het bezigen van versluierend en soms zelfs misleidend woordgebruik.

Zo wordt in het huidige wetsvoorstel het woord zelfdoding gebruikt door waar het in feite over zelfmoord gaat. De in het oorspronkelijke artikel 294 Wetboek van Strafrecht gebezigde term 'zelfmoord' wordt nogal onopvallend vervangen door 'zelfdoding', hloe we het ook willen noemen, beide termen zien op zich het leven benemen oKvel zichzelf doden. Kennelijk schrikken mensen voor het woord zelfmoord terug vanwege de "moord". Zelfdoding klinkt iets minder hard. Wie echter het woordenboek erop naslaat, ontdekt grote overeenkomst. Welk ander woord men ook opzoekt, de verklaring kan niet om de term zelfmoord heen. In de uitgang "moord" hoor ik het wederrechtelijke, hlij mag er zelf geen eind aan maken. De term zelfmoord geeft meer dan de term zelfdoding uitdrukking aan dat nietgeoorloofd zijn van deze ultieme daad.

MORELE EFFECTEN

De vraag die zich don ook vervolgens voordoet, is waar dit allemaal toe zal leiden. Ofwel: welke morele effecten zullen van het voorliggende wetsvoorstel uitgaan? In onze optiek valt te vrezen dot dit wetsvoorstel een weg opent die in onze visie immers slechts kon leiden tot een toenemende toepassing van euthanasie en hulp bij zelfdoding. Door de afwegingen die deze wet mogelijk maakt, dreigt er een klimaat te ontstaan waarbij het voor artsen minder vanzelfsprekend zal zijn om - ongeacht de toestand of conditie van de patiënt - zich nog tot het uiterste in te spannen om hem of haar in het leven te behouden omdat er immers een alternatief is: euthanasie. En in geval van psychisch lijden en levensmoeheid is er nog altijd de veilige mogelijkheid van hulp bij zelfdoding. Niet dat dit uitsluitend vanuit de artsen zal worden gepropageerd - althans daar gaan wij niet van uit - maar ook vanuit het perspectief van de patiënt bezien. 'Uitstappen' wanneer het leven te erg of het lijden te zwaar wordt. De SGP-fractie vreest dan ook dot de zorg voor en de bescherming van lijdende medemensen hierdoor onder druk komen te staan. En dat heeft ontegenzeggelijk zijn weerslag op de kwaliteit van het bestaan en de kwaliteit van de samenleving als geheel. De onverschilligheid met betrekking tot de waarde van het menselijke leven zal toenemen; handicaps, chronisch ziek-zijn en aftakeling zullen steeds minder kunnen worden geaccepteerd.

SLOT

Zoals ik aan het begin van mijn bijdrage stelde: ik sta hier met de wetenschap dat de hIEERE regeert. Alle uitkomst - ook van dit debat - ligt in Gods Hand. Ook als het anders gaat dan wij, de SGP-fractie en ikzelf, denken en willen. De realiteit onder ogen ziende, constateer ik een principiële, onoverbrugbare kloof tussen een overgrote meerderheid en een kleine minderheid in deze Kamer. De uitkomst zal dan waarschijnlijk ook anders zijn dan mijn fractie zou wensen.

Wij wensen te blijven, te leven en op Gods tijd te sterven in het spoor dat de patriarch Jacob in het Oude Testament trok. Na een moeitevol en tegelijk ook zeer gezegend leven strekte hij zich, nadat hij zijn kinderen had gezegend en zijn huis had beschikt, op zijn sterfbed uit met de belijdenis en bede: "op Uw zaligheid wacht ik, fHEERE". Dat wachten, dat Gods tijd afwachten; daar gaat het om. Dan en zo is het goed. Dot is eerst recht euthanasia, de kunst van wel te sterven. De dood, omwille van Kruis en opstanding van Jezus Christus, is voor zo iemand verslonden tot overwinning.

We wensten wel dat we u dot geven konden. Het zou voor veel onbeschrijflijk leed besparen. Mag ik u allen oproepen daarnaar te staan? "

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 2000

De Banier | 32 Pagina's

Euthanasie: van kwaad tot erger

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 december 2000

De Banier | 32 Pagina's

PDF Bekijken