Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Europees Parlement · Toegankelijk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Europees Parlement · Toegankelijk

5 minuten leestijd

De afgelopen plenaire vergadering in Straatsburg heeft het Europees Parlement gestemd over het rapport van ons lid Belder over toegankelijkheid van overheidsinformatie op internet voor gehandicapten en ouderen. Het rapport gaat over technische eisen voor overheidswebsites om ze toegankelijk te maken voor gehandicapten en ouderen.

Technische vormgeving

Het toegankelijk maken van een website voor gehandicapten en ouderen vergt speciale aandacht voor de manier waarop de website technisch is vormgegeven. Slechtzienden bijvoorbeeld, hebben een duidelijk contrast tussen letters en achtergrond nodig, of de mogelijkheid om de letters te vergroten. Andere gehandicapten gebruiken speciale apparatuur, zoals een brailleleesregel waarop blinden kunnen lezen wat er op het scherm verschijnt. Blinden kunnen zo erg geholpen worden door de mogelijkheden die het nieuwe medium en communicatiemiddel internet hen biedt. Voorwaarde daarvoor is dat hun apparatuur de website kan lezen. De technische eisen waarover het rapport-Belder handelt, moeten daartoe bijdragen. Bovendien maken de aanpassingen niet alleen voor gehandicapten en ouderen de website beter toegankelijk.Voor iedereen winnen de websites aan duidelijkheid. Denk aan voldoende contrast en lettergrootte.

Brede steun

Het rapport is met overgrote meerderheid aangenomen.Van iedere fractie houdt een parlementslid zich met het rapport bezig. Het debat werd dus gevoerd door een handvol parlementariers.Vanuit de grootste fracties hebben een Britse Conservatief (een groepsgenoot van de CDA-leden) en een Britse socialiste (een groepsgenote van de PvdA-leden) lovende kritieken geuit. Dat verrast niet, omdat die afgevaardigden zich tijdens de eerdere bespreking in de Industriecommissie ook al positief uitlieten. Alleen deze grote partijen hebben van begin af aan deelgenomen in de discussie. Ze prezen de kwaliteit van het rapport. Ons werk kreeg de typering van nijvere arbeid die zich paart aan grondigheid.

Zij hadden eigenlijk geheel geen aanmerkingen.Wel verschilt de benadering tussen de partijen op twee punten.Ten eerste de vraag welk type websites uit de particuliere sector als eerste toegankelijk zou moeten worden.Ten tweede of het karakter van de richtsnoeren meer verplichtend dient te zijn.

Verschil in urgentie

Ten eerste was er verschillend inzicht in het type websites dat de grootste urgentie heeft in het toegankelijk maken. Deze discussie komt voort uit het feit dat de Europese Commissie, die zich hard inzet voor de webtoegankelijkheid voor gehandicapten en ouderen, wil dat naast de overheidssites ook de particuliere websites zo spoedig mogelijk toegankelijk worden. Naar ons idee zou dan begonnen moeten worden met de websites die voor de gebruikers (gehandicapten en ouderen) van maatschappelijk belang zijn. Bijvoorbeeld informatie over handicaps of websites voor ouderenzorg. De christen-democraten daarentegen hebben het wenselijk geacht in het rapport op te nemen dat commerciële websites voorrang verdienen boven websites met een sociale functie. Dat doet geen recht aan het feit dat websites van maatschappelijk belang tevens commerciële websites omvatten. Denk aan winkels, banken en openbaarvervoersondernemingen.

Richtsnoeren

Het tweede punt van discussie was de mate waarin een versterking van het karakter van de richtsnoeren wenselijk zou zijn. Op voorstel van de socialisten heeft de plenaire vergadering de mening geuit dat de toepassing van de richtsnoeren minder vrijblijvend moet zijn. De richtsnoeren waar de lidstaten in de huidige situatie op vrijwillige basis aan willen voldoen, zouden aldus een meer verplichtend karakter moeten dragen.

Mochten er in een later stadium initiatieven komen in die richting, dan zal onze fractie er in de eerste plaats van uitgaan dat een dergelijke verplichting in nationaal verband tot stand komt. Dit kan bijvoorbeeld wetgeving betreffen die eisen stelt aan de toegankelijkheid van overheidswebsites. Een andere mogelijkheid is het stellen van specifieke eisen voordat een website het predikaat 'toegankelijk' mag dragen. Deze suggestie om met wetgeving te komen achten we op dit moment niet effectief, omdat de kern van het probleem is dat de webdesigners veelal niet bekend zijn met de richtsnoeren. Wetgeving zou veel meer voor de hand liggen als er sprake zou zijn van onwil bij de ontwerpers van websites.

Niet alleen via internet

Als fractie hebben we ons sterk gemaakt voor mensen die geen gebruik maken van internet. In het rapport hebben we een passage kunnen opnemen die stelt dat de overheden niet uitsluitend via het medium internet moeten informeren, maar via verschillende kanalen. Het internet is een extra mogelijkheid, maar het mag niet zo zijn dat mensen die geen internet gebruiken, belangrijke overheidsinformatie moeten missen. Ook hebben we daarbij gewezen op het belang van menselijke relaties.

Bartiméus

De mensen in het veld hebben ervoor gezorgd dat we kunnen terugkijken op een vruchtbare samenwerking. Met name het blindeninstituut Bartiméus is erg actief op dit terrein en heeft ons veelvuldig van advies gediend. Het aan Bartiméus gerelateerde instituut Accessibility.nl hoopt volgende week een website te starten waarop men zich kan aanmelden voor een regelmatige check van de website met als resultaat het verkrijgen van een waarmerk van toegankelijkheid. Zij vervullen dus een voortrekkersrol in het testen van websites op toegankelijkheid.Aangezien de site van start zal gaan in de Nederlandse taal, is de test in dit stadium uitsluitend voor de Nederlanders binnen Europa een mogelijkheid.

Tot slot, het is te hopen dat gehandicapten even zeer als mensen zonder handicap toegang kunnen hebben tot het medium internet. Het rapport mag daar een bijdrage aan leveren. Het medium internet is immers een informatiebron en, niet te vergeten, communicatiemiddel dat een steeds grotere rol vervult in de maatschappij als geheel.

Technologische ontwikkeling mag geen nieuwe obstakels voor zwakke groepen opwerpen, maar dient veeleer als instrument behulpzaam te zijn bij hun maatschappelijke participatie. Goede technologie is immers, met inachtneming van Gods geboden, dienstbaar aan de mens.

Frank van der Maas, beleidsmedewerker

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juni 2002

De Banier | 24 Pagina's

Europees Parlement · Toegankelijk

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juni 2002

De Banier | 24 Pagina's

PDF Bekijken