Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Meditatie · Bij de jaarwisseling

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Meditatie · Bij de jaarwisseling

5 minuten leestijd

G/j hebt voormaals de aarde gegrond en de hemelen zijn het werk Uwer handen; die zullen vergaan, maar Gij zult staande blijven, en zij allen zullen als een kleed verouden; Gij zult ze veranderen als een gewaad, en zij zullen veranderd zijn; maar Gij zijt dezelfde en Uwe jaren zullen niet geëindigd worden.

Ps. 102: 26-28

Ernstig woord ter overdenking in een ernstige tijd, in een ernstig uur! En immers een ernstig uur is het, als de laatste klokslag van een wegstervend jaar wordt gehoord en dadelijk daarop de eerste seconden van een opvolgend jaar worden geteld. Het is een uur, dat ons herinnert aan de vergankelijkheid van alles, wat bestaat buiten de Heere, aan de vergankelijkheid ook van ons leven.

Met ieder jaar, dat eindigt, is een deel van ons leven voorbijgegaan en zoals het einde van het jaar daar is, zo zal ook eenmaal -wie weet hoe spoedighet einde van ons leven daar zijn en breekt voor ons de eeuwigheid aan. Hoe weinig wordt dat verstaan -over het algemeen genomen-; hoe

weinig wordt daarover nagedacht. Hoe menigeen brengt de wisseling van het jaar door in brooddronkenheid, zelfs in ongebondenheid, en van zo ernstige zaak maakt men een feest. Worde het ons ge­

geven, geachte lezer, dat we de ernst van de waarschuwingen des Heeren mogen verstaan en

worde ons de genade verleend, dat we tot onszelf inkeren met de zo hoogst gewichtige vraag: als het einde van mijn leven daar is, wat wacht mij dan in die eeuwigheid, die daarna volgt?

Gods Woord leert ons: er zal zijn een eeuwig wel of een eeuwig wee. Een eeuwig wel voor degenen, die hier op aarde leerden verstaan: die in de Zoon gelooft, die heeft het eeuwige leven. Een eeuwig wee voor allen van wie waar is: maar die den Zoon ongehoorzaam is, zal het leven niet zien, maar de toorn Gods blijft op hem.We hebben dus onszelf ernstig te onderzoeken in welke betrekking we staan tot de grote Zoon Gods, die mens uit mensen ge­

worden is en voor verloren zondaren een eeuwig-geldende gerechtigheid heeft opgebracht door Zijn wóndervolle Borgtocht en nu werkzaam is in de troon des Vaders, om de vrucht van die Borgtocht toe te passen aan het hart dergenen, die Hij kocht door Zijn bloed.

Want als Hij niets voor ons is, als Hij geen betekenis kreeg voor ons persoonlijk leven, als we menen buiten Hem geluk en vrede te kunnen vinden, dan zullen we in de ure des doods, bij het ingaan in de eeuwigheid, bedrogen uitkomen. Dan zullen we, als we zo sterven, het gewaar worden hoe ontzettend het is: maar de toorn Gods blijft op hem.

Vergeten we het niet: we leven onder het licht van het Evangelie, onder de roepstemmen van Gods Woord; en dat legt zo grote verantwoordelijkheid op ons.We zullen verantwoording hebben te doen van elk woord, dat we hebben gehoord of hebben gelezen. En als we die roepstemmen niet hebben geacht, maar zijn voortgegaan in onze onherboren toestand, zal het vreselijk zijn een vertoornd God te ontmoeten als een wrekend Rechter

Psalm 102 wijst ons op de onveranderlijkheid Gods naast het veranderlijke van al het geschapene. Die God is onveranderlijk óók in het volvoeren van de straf, op de zonde bedreigd. Geve de Heere het te verstaan in de tijd, die ons nog gegund wordt en mochten we nog in de dag der genade, die nog over ons aanlicht, leren vragen naar het heil, dat in Sion genoten wordt. Groot is het voorrecht, als in onze levenstijd op aarde de Persoon van Christus Jezus ons dierbaar en gepast, noodzakelijk en onmisbaar is geworden.Want dan kennen we een toevlucht voor de noden van ons hart en voor de noden van ons tijdelijk bestaan. Dan kennen we ogenblikken, dat we toegang vinden bij Hem, die gezegd heeft: Die tot Mij komt, zal ik geenszins uitwerpen.

Vreest u vaak, dat u uzelf zult vergissen en u wat toe-eigenen, wat u niet toekomt? Ook met die vrees tot Hem de toevlucht genomen! Lees voor uzelf eens heel Psalm 102 en u zult zien: ook de dichter van dit lied kende twijfelingen en aanvechtingen en beroeringen des harten. Maar als hij daarmee tot de Heere vlucht, vindt hij zijn steun in de onwankelbaarheid van de eeuwige Jehova en mag hij zich daaraan

vastklemmen. Worde dat voorrecht verleend aan het volk, dat in Sion is geboren en de Heere leerde nodig krijgen én voor het tijde­

lijke én voor het geestelijke leven. Hij heeft beloofd: uw brood is zeker, uw water gewis. Als u zult gaan door het water, het zal u niet overstromen en

door het vuur, de vlam zal u niet aansteken. En Hij is de Waarmaker van Zijn beloften! Hij heeft toegezegd: Ik zal maken, dat hun werk in der waarheid zal zijn. Ik zal u niet begeven. Ik zal u niet verlaten. Ik heb u in beide mijn handpalmen gegraveerd; uw muren zijn steeds voor Mij. En wat uit Zijn mond ging, blijft vast en onverbroken.

door wijlen ds.j. v.d.Vegt, destijds emeritus predikant van de Chr. Gerf. Kerk te Harderwijk(overgenomen uit De Banier van I januari1925)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 januari 2003

De Banier | 32 Pagina's

Meditatie · Bij de jaarwisseling

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 januari 2003

De Banier | 32 Pagina's

PDF Bekijken