Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Zwanezang

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Zwanezang

Afscheid

5 minuten leestijd

Woensdag 16 juni viel voor het laatst de hamer van de Kamervoorzitter voor onze voorman Bas van der Vlies. Samen met 62 andere Kamerleden zwaaide hij af – na 29 jaren trouwe dienst. Als laatste werd hij toegesproken door de voorzitter, en als laatste mocht hij, mede namens de andere vertrekkende leden, iets zeggen.

Enkele citaten uit de bijdragen van zowel de Kamervoorzitter als Van der Vlies. Om te beginnen mevrouw Verbeet:
“En dan, nu toch echt: mijnheer Bas van der Vlies, nestor van de Tweede Kamer! Na 29 jaar verlaat u ons. (…) In uw parlementaire periode bent u bekend geworden als een alom gerespecteerd Kamerlid. Robuust in uw opvattingen, op de Bijbel gegrondveste overtuigingen uitdragend, vriendelijk in de omgang. U hebt daarbij een reputatie opgebouwd als staatsrechtkenner en bewaker van de mores in de Tweede Kamer. U bent een voorvechter van het handhaven van fatsoensnormen in de Kamer, u staat bekend om uw passie voor hoffelijke debatten over de inhoud. (…)

Vaandel
De waarde van het debat staat bij u hoog in het vaandel. In uw eigen woorden: “Het geeft voldoening als een goed debat wordt gevoerd, waarin eerlijk naar elkaar wordt geluisterd, aan het eind waarvan de goede beslissing valt. De beslissing die je hoopte. Dat is overigens ook nogal eens anders. Je kunt dankbaar op je inzet terugzien als het je gelukt is om het meest gewichtige dat er voor je is, je diepste intenties, op een voor iedereen begrijpelijke wijze over het voetlicht te hebben gekregen. Zodat het anderen ráákt en beïnvloedt. Omgekeerd werkt ook de ánder met zijn verhaal op jou in. Dat is een ongemeen boeiend proces”.

Een voorbeeld van een dergelijk debat was dat over de algemene politieke beschouwingen op 17 september 1997 met Kamerlid Jan Marijnissen. Tijdens een interruptiedebat over de varkenspest stelde Jan Marijnissen u de vraag waar in uw ogen de eigen verantwoordelijkheid begint en die van het kabinet, van de politiek en waar het Gods wil is. Het gaf u gelegenheid uw diepste overtuigingen over het voetlicht te brengen. De naar uw indruk oprechte belangstelling van een andersdenkende voor uw woorden deed u goed.

U hebt vele woordvoerderschappen vervuld. Passie en resultaten kenmerken uw betrokkenheid bij de beleidsterreinen Landbouw en bij Volksgezondheid. De zogenoemde “Gulden- Vlies-Regeling” als naam voor de bedrijfsovernameregeling voor jonge boeren spreekt daarbij boekdelen. Ook het “Mantelzorgcompliment”, een geldelijke blijk van waardering, €250 op jaarbasis, voor vrijwilligers in de zorg die geen geld voor hun inzet willen hebben, is aan uw initiatief te danken. In die gevallen zou je kunnen spreken van “een tandje erbij, minister”, een wijze
van spreken die u kenmerkt. Uw manier van oppositie voeren had concreet effect: een tandje erbij! Vele ministers en staatssecretarissen mochten aanmoedigingen in deze bewoordingen van u ervaren. (…) Mijnheer Bas van der Vlies, met u verlaat een instituut en een innemende collega de Kamer. We zullen u missen. Ik wens u vele mooie jaren, met u en uw familie, in het u vertrouwde Maartensdijk.”

Hoofdletter
Nadat ‘onze man’ ook nog eens gedecoreerd werd met het ridderschap in de Orde van Oranje-Nassau, kreeg hij zelf het woord. Het slotwoord op de plaats waar hij ontelbare keren het woord mocht voeren, Woord ook soms met een hoofdletter. Hier het slot van zijn slotwoord, dat twee keer door applaus werd onderbroken en beantwoord met een staande ovatie. Een getuigenis.

Van der Vlies: “Waarde medeleden. Volksvertegenwoordiger zijn is geen gewone baan. Het is een gewichtig ambt. Het is zeker moeilijk en zwaar en die verantwoordelijkheid kan drukken, maar het is ook een voorrecht om een plaats in het parlement te hebben mogen innemen. Daarbij horen dan wel gezag en vertrouwen. Gezag moet je verwerven door daadkracht, onkreukbaarheid en kwaliteit. Er zijn in dit kader nog meer trefwoorden te bedenken. Gezag kan bovendien zomaar te grabbel worden gegooid door gebrekkige of tekortschietende besluitvorming. Vertrouwen moet je verdienen. Vertrouwen komt te voet, maar kan snel te paard gaan. Te vaak waren wij de oorzaak ervan dat paarden op hol sloegen. Burgers moeten zich bij de politiek veilig en geborgen weten. Pijnlijke maatregelen zijn niet altijd te vermijden, maar het gaat daarbij wel om openheid, transparantie en oprechtheid. Het gaat er dan wel om, te tonen waarom iets gebeurt en wat het eraan verbonden toekomstperspectief is. Het gaat er ook om dat wij excelleren in hoogwaardige omgangsvormen en een respectvolle stijl.

Het staatsrechtelijke kader waarin wij opereren en ons eigen reglement bieden voldoende waarborgen tegen degeneratie van het debat, mits wij de opgelegde en beproefde wijsheid van het verleden erin blijven onderkennen en respect tonen tegenover elkaar en niet in de laatste plaats tegenover de leiding van de vergadering. Naar mijn oprechte overtuiging kan en moet er op dit vlak een tandje bij. Een scherp debat moet kunnen, maar onze taal is warempel meer dan rijk genoeg om ons verre te houden van platvloersheid. Er wordt op ons gelet. Laat die verantwoordelijkheid toch zwaar wegen! (…)

SDG
In het debat heeft de een het over uitgangspunten zoals humaniteit, mensenrechten of andere oriëntaties en refereert de ander -daarbij hebt u mij vaak waargenomen- aan Bijbelse waarden en normen die voor iedereen zegenrijk zijn en die appelleren aan ons geweten. Dat weten wij van elkaar, zo kennen wij elkaar en zo respecteren wij elkaar. Laat dat zo mogen blijven, een parlement waardig.

Uit de grond van ons hart wensen wij u allen daarom alle goeds toe. In mijn christelijke overtuiging en traditie bestaat dat goeds ten diepste uit de zegen van God. Daarom hecht ik eraan, achterom ziende naar die 29 jaren, om de laatste woorden die ik in dit parlement spreek, echt uit de grond van mijn hart -en wie daarmee wil of kan instemmen, graag- te laten zijn:
soli Deo gloria.”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 juni 2010

De Banier | 24 Pagina's

Zwanezang

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 juni 2010

De Banier | 24 Pagina's

PDF Bekijken