Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De euro kraakt in al z’n voegen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De euro kraakt in al z’n voegen

4 minuten leestijd

“Het einde van de euro is in aantocht.” “De eurozone moet gesplitst worden in een ‘ noordelijk’ deel met sterke landen en een ‘ zuidelijk’ deel met economisch zwakkere landen.” Bij de start van de eurozone, in 1998, had niemand kunnen bedenken dat amper tien jaar later deze stemmen zouden opgaan.

De SGP stond van meet af aan zeer kritisch tegenover de komst van de Europese eenheidsmunt. Onze argumenten werden in de jaren negentig door de meerderheid luchtig weggewimpeld. Men verwachtte alleen maar positieve werkgelegenheidseffecten als gevolg van de euro. Irrealistisch, want in economisch florerende regio’s kan dit effect optreden, maar in economisch zwakkere regio’s valt juist meer werkloosheid te verwachten. Voor een aantal landen kent de euro ook stevige nadelen. Maar daar wilden de voorstanders toen niets over horen!

Eurozone
Nu blijkt dat de SGP het helemaal bij het rechte eind had: de eurozone is veel te omvangrijk. tien jaar terug zijn liefst twaalf landen toegelaten tot de eurozone, waaronder landen die de economische ontwikkeling van Duitsland niet konden – en nog steeds niet kunnen – bijbenen. Daar ondervindt vooral de Duitse economie nu de nadelen van. Maar ook voor de zogenoemde GIPS-landen (Griekenland, Italië, Portugal en Spanje) was het beter geweest buiten de eurozone te blijven. Wat betreft Griekenland is de situatie overduidelijk. Dit land heeft met de statistieken geknoeid en is op ondeugdelijke gronden toegelaten tot de Economische en Monetaire Unie (EMU). Maar liefst tien procent van het nationaal inkomen moet Griekenland gaan bezuinigen, terwijl het land nu al te maken heeft met wilde stakingen en stevige rellen. Portugal is eveneens een kwetsbaar land, vanwege de zwakke economie en het slappe overheidsbeleid. Ook Spanje moet heel fors gaan ombuigen. De Spaanse economie en overheidshuishouding is wel wat beter georganiseerd dan de augiasstal van de Grieken, maar de Spaanse bankensector zit in zeer zwaar weer door de ingestorte huizenmarkt. Deze zuidelijke landen kennen een relatief hoge werkloosheid en ze hebben de afgelopen tien jaar veel te weinig gedaan om hun overheidsbegrotingen op orde te brengen.

Verschil
De SGP had en heeft gelijk: de EMU is een te strakke jas die de samengevoegde europese landen niet past, doordat deze landen in economisch opzicht te veel van elkaar verschillen. Door toe te treden tot de eurozone raken landen hun vrijheid kwijt om fricties in de economie (werkloosheid, teruglopende bestedingen) te compenseren door maatregelen in de monetaire sfeer (rente omlaag, meer geld in de economie pompen). Het was daarom veel verstandiger geweest om de eurozone te beginnen met een klein aantal sterke economieën rondom Duitsland, waaronder Oostenrijk en Nederland. Vervolgens zouden daarna die landen kunnen aanhaken die hun zaakjes op orde hadden en in het tempo van de Duitse economie konden meelopen.

Eenheid
Maar nee, ‘europa’ moest en zou in economisch opzicht veel meer een eenheid naar buiten toe uitstralen – met het oog op de vurig gewenste politieke eenheid. en daarom kozen de ‘eurofiele’ heren en dames voor de roekeloze optie van zo veel mogelijk ‘eurolanden’ ineens. Natuurlijk was er het Stabiliteits- en Groeipact, waarin de landen plechtig beloofden hun economische beleid meer op elkaar af te stemmen en hun overheidsbegrotingen in balans te brengen en te houden. Maar in de praktijk hebben we gezien dat EMU-landen de regels met voeten traden. De europese Centrale Bank mopperde en bromde, drong aan op structurele hervormingen en wees op de risico’s van niets doen, maar de europese regeringen luisterden er niet naar en gingen gewoon hun eigen gang.

Tijdbom
De economische crisis brengt pijnlijk aan het licht dat de meeste europese landen geen of te weinig ruimte in hun budget hebben om de economische schokken op te vangen en te dempen. Het is de hoogste tijd dat de leidende politici in europa echt iets gaan doen aan deze en andere fundamentele problemen. Het is al erg genoeg dat ze aan het einde van de vorige eeuw het EMU-avontuur zijn begonnen; het zou hoogst onverantwoord zijn om nu de zaken op hun beloop te laten. Want dan valt nog erger economisch leed te vrezen. Dan heb ik het over de financiële tijdbom die al tien jaar ligt af te tikken: bij ongewijzigd beleid rijzen de lasten voor pensioenen en gezondheidszorg in de meeste lidstaten de pan uit. De pensioenreserves van Denemarken, Finland, Ierland, Nederland, Verenigd Koninkrijk en Zweden hebben nog een omvang van betekenis. Maar in vrijwel alle andere
EU-lidstaten stellen ze nauwelijks iets voor (minder dan tien procent van het nationaal inkomen). In de toekomst krijgen met name Italië, België en Spanje hierdoor (extra) grote budgettaire problemen. We zijn benieuwd of het jaar 2011 het einde van de euro inluidt – of niet.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 december 2010

De Banier | 24 Pagina's

De euro kraakt in al z’n voegen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 december 2010

De Banier | 24 Pagina's

PDF Bekijken