Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Gemoed en gemoederen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Gemoed en gemoederen

8 minuten leestijd

Het politieke bedrijf is niet altijd even makkelijk. Ook de afgelopen weken bleek dat weer. Het zogenaamde Mauro-debat deed de gemoederen in de Tweede Kamer flink oplopen. Een groot deel van de Tweede Kamer riep minister Leers van Immigratie en Asiel op om gebruik te maken van zijn discretionaire bevoegdheid. Deze bevoegdheid houdt in dat een minister een beslissing kan nemen die afwijkt van de beslissing van een rechter. Een minister kan hiertoe overgaan als de situatie erg schrijnend is.

De SGP heeft geprobeerd zowel barmhartig als rechtvaardig te zijn. Daarnaast moet de Kamer volgens Van der Staaij niet op de stoel van de rechter gaan zitten. Hieronder de gehele toespraak van de afgevaardigde uit Benthuizen (zie ook zijn bijdrage in deze Banier op pagina 5.)

Herbergzaamheid

“Hoe ruimer het toelatingsbeleid, hoe menselijker, hoe barmhartiger het is. Die stelling hoor ik nogal eens. De SGP is het daar absoluut niet mee eens. Zeker, het is waar: herbergzaamheid is een christelijke deugd. En over mensen in nood moeten wij ons ontfermen. Royaal! De SGP is daar dag en nacht op aanspreekbaar. Maar een overmaat aan herbergzaamheid kan ook onbarmhartig zijn.

Daar hadden we het in deze Kamer over, tien jaar geleden. Iedereen was bezorgd: hoe kwam het toch, dat er zoveel jongeren uit Angola en China naar Nederland kwamen. In vier jaar tijd van 1600 naar 6700 gestegen. Kinderen op het vliegtuig naar Nederland. Het antwoord was helder. Ons toelatingsbeleid was te ruim. Daarom zetten Angolese ouders kinderen zomaar op het vliegtuig naar Nederland. We bedoelden het goed. Maar het pakte desastreus uit.

En daarom zei staatssecretaris Kalsbeek –PvdA, ik zeg het er maar even bij- terecht in dat debat tien jaar geleden – met alle mogelijke middelen wil ik dit stoppen. De toestroom stopt pas als kinderen terugkeren. Het beleid werd aangescherpt. Met brede steun van de Tweede Kamer! Terecht. De wereld is geen paradijs meer. Maar een gebroken wereld. Een wereld ook met veel mensen met kwade bedoelingen. Ik doel hier op de praktijken van mensensmokkelaars, die gewetenloos inspelen op begrijpelijke wensen naar een betere toekomst.”

3 punten

Volgens Van der Staaij zijn drie punten van belang:

1. De SGP-fractie is voor een strikt toelatingsbeleid. Streng, maar rechtvaardig. Rechtvaardigheid en barmhartigheid moeten niet tegen elkaar uitgespeeld worden, maar hand in hand gaan.

2. Daaraan moet vervolgens menselijke toepassing worden gegeven. Een billijk, rechtvaardig beleid kan heel onbillijk uitpakken. Er moet altijd ruimte blijven voor de menselijke maat. Daarom hechten wij zeer aan de zogenaamde discretionaire bevoegdheid van de minister, de mogelijkheid om in schrijnende situaties te kunnen afwijken van het beleid. De SGP is er tegen dat weer helemaal met nadere regeltjes en wetjes in te gaan vullen. Zoals we ons ook steeds verzet hebben tegen naïeve pardonregelingen die er vanuit gaan dat het in de wereld van morgen echt allemaal beter wordt. We hebben de achtereenvolgende ministers steeds aangesproken om royaal en ruimhartig gebruik te maken van de discretionaire bevoegdheid. We doen dat ook nu!

3. De Kamer moet geen pleitbeslechter worden in individuele situatie. Dan gaat de Kamer op de stoel van de (vreemdelingen) rechter zitten, en van het bestuur, de minister. Dat is staatsrechtelijk onjuist en uit menselijk oogpunt buitengewoon onwenselijk. Bovendien leidt dat tot rechtsongelijkheid en willekeur. Lopen we het risico dat de aaibaarheid en/of de media-aandacht een selectiecriterium wordt om een individuele zaak wel of niet in de Kamer te behandelen. Daarom hebben wij grote moeite om ons in een simpel ja of nee tegen uitzetting in deze situatie uit te spreken. Dat zullen we dan ook niet doen!

Van der Staaij: “Vanuit de persoonlijke situatie die vandaag de aandacht vraagt is voor ons de kernvraag: hoe kan het nu, dat ondanks alle aanscherpingen van beleid, en alle inzet voor een goed terugbeleid, jongeren zolang in Nederland verblijven zonder uitzicht op een verblijfsvergunning, maar ook niet terugkeren? Wie is er verantwoordelijk voor die lange duur? In hoeveel gevallen geldt dit nog meer? Een tweede vraag: in hoeverre kunnen rechten worden ontleend aan het opgroeien in pleeggezinnen? Het gaat erom dat er een eerlijk, rechtvaardig beleid wordt gevoerd. Dat in die kaders ook maatwerk wordt geleverd, integere afwegingen worden gemaakt. Dat zijn altijd heel moeilijke beslissingen, omdat het altijd over heel belangrijke beslissingen in het leven van mensen gaat. Wij wensen de minister hierin steeds veel wijsheid toe.”

Veteranenwet

Onlangs stemde de Tweede Kamer over de nieuwe Veteranenwet. Het bijzondere aan deze wet was dat alle fracties in de Tweede Kamer de nieuwe wet samen indienden. Dat betekende dat van elke partij één Kamerlid in vak-K zat om de wet te verdedigen (zie foto voorpagina.) Hieronder enkele citaten uit de rede van Elbert Dijkgraaf tijdens de behandeling van de Veteranenwet:

“Uit de aandacht en zorg die worden besteed aan veteranen, kan feitelijk worden afgeleid welke waardering de samenleving en de politiek hebben voor de bewezen diensten. Daarom ben ik heel blij dat wij nu dit Kamerdebat over het voorliggende initiatiefwetsvoorstel mogen voeren. (…) Het is ook heel bijzonder om alle partijen in vak-K te zien zitten. Daar blijkt maar weer uit dat er voor de veteranenzorg geen aparte, bijzondere gedoogconstructies nodig zijn. Voor één dag lijkt het alsof wij een nationaal kabinet hebben. Laten wij eens bezien of dit naar meer smaakt. Wie weet wat daar nog uit volgt.

Uit het wetsvoorstel blijkt voluit erkenning en waardering voor veteranen. Zo hoort het ook; een erezaak! Ik heb dit ook boven mijn tekst gezet. Veel van onze militairen zijn al meerdere malen uitgezonden. Ook nu vervullen Nederlandse militairen hun plicht in onder meer Afghanistan, Somalië en Libië. Zij maken zich daar sterk voor het indammen van chaos en het bevorderen van vrede en stabiliteit. Dit is goed werk, maar het is ook gevaarlijk en spanningsvol. Lichamelijke en psychische schade liggen voortdurend op de loer, soms zelfs met dodelijke afloop. Ik noem in dit verband ook uitdrukkelijk het thuisfront. Als je vader, je moeder, je broer of je zus, je zoon, dochter, man of vrouw uitgezonden is, trekt dit een grote wissel op het thuisfront. Laten wij dit niet vergeten. Het thuisfront verdient dus serieuze aandacht en erkenning.

Het verheugt de SGP-fractie dat de aandacht en het respect voor veteranen in de samenleving groeit. De SGP hecht zeer aan een stevige, warme verbinding tussen de samenleving en het leger. In de stukken las ik dat mijn collega Van der Staaij eens een citaat aanhaalde van een zoon van een Franse veteraan uit de Eerste Wereldoorlog. Die zoon zei: “Mijn vader sprak nooit over de oorlog. Wanneer wij, kinderen, hem naar zijn ervaringen vroegen, staarde hij in de verte en zweeg.” Dit citaat geeft wat mij betreft in een notendop aan waarom wij een goed veteranenbeleid moeten voeren. Wij moeten daarbij ook alle aandacht hebben voor nazorg, openheid, inbedding en begrip in de samenleving. (…) Last but not least veel dank aan alle betrokkenen voor hun doorzettingsvermogen. Niet opgeven in moeilijke omstandigheden zit in de genen van militairen. Het blijkt maar weer dat dit niet alleen noodzakelijk is in militaire missies, maar ook in politieke missies. Dat heeft de totstandkomingsgeschiedenis van dit wetsvoorstel bewezen. Juist daarom zijn wij dankbaar dat dit voorstel er nu ligt en wij hopen dat de wet zo spoedig mogelijk effectief in de praktijk wordt gebracht.”

Justitie

Een van de begrotingen die afgelopen week werden behandeld is die van minister Opstelten van veiligheid en Justitie. Van der Staaij begon met een compliment aan het adres van de minister en ‘zijn’ staatssecretaris Teeven:

“Er zijn op zijn minst redenen die deze begrotingsbehandeling heel bijzonder maken. De eerste bijzonderheid is dat ik onlangs in de krant las dat het Vaticaan een pluim heeft gegeven aan Nederland voor de aanpak van drugs en prostitutie. Zoiets heb ik nog niet eerder gelezen. Dat is toch wel bijzonder, zeker omdat er liberale bewindslieden aan het roer staan. Dit geeft in ieder geval aan hoe ver het in het verleden mis was met drugs en prostitutie. Bovendien blijkt daaruit dat de aanscherpingen op die onderwerpen breed gedragen worden.”

Verder sprak Van der Staaij over antisemitisme. Daar gaat de Tweede Kamer binnenkort nog afzonderlijk over spreken. Maar Van der Staaij nam al een voorschot op die discussie: “Wij vinden het van belang dat dit onderwerp zelfstandige aandacht krijgt en niet wegvalt in een breder antidiscriminatiebeleid. In onze motie (vorig jaar ingediend) werd verzocht om een afzonderlijke inzet op dit thema. Wij spreken allang over de beveiliging van joodse scholen. Als mensen gewoon doen wat er van hen verwacht mag worden, dan heeft de overheid in dezen wel een aanvullende taak. Je mag van mensen niet verwachten dat zij extreme beveiligingskosten voor hun rekening nemen.”

Winkeltijdenwet

Oók vorige week werd de begroting van Economische Zaken en Innovatie behandeld. Dat gebeurde op de Dankdag voor gewas en arbeid. Kamerlid Dijkgraaf ging in op veel thema’s die direct raken aan ons dagelijks brood: de economie van Nederland en wat er allemaal moet gebeuren wil Nederland blijven ‘draaien’. Aan het eind van zijn betoog ging Dijkgraaf in op de Winkeltijdenwet, om te eindigen met dankdag.

“Tex Gunning van de raad van bestuur van AkzoNobel schreef onlangs: ‘Als we willen voorkomen dat onze beschaving zichzelf om zeep helpt, zullen we afscheid moeten nemen van het allesoverheersende economische paradigma en in actie moeten komen.’ De SGP heeft altijd het belang van waarden en normen uitgedragen. Dat geldt ook ons economisch handelen. Ik noem onze 24-uurseconomie die steeds meer 7 dagen per week doordraait. Dat doet onze samenleving geen goed.

In dit verband een voor de SGP belangrijk punt: wij zijn ontevreden over de wijze waarop het kabinet uitvoering geeft aan de Winkeltijdenwet en de Arbeidstijdenwet. Ik verwijs naar de verschillende series schriftelijke vragen die wij met ondermeer het CDA hebben ingediend. Over gemeenten die een handje lichten met de gewenste zorgvuldigheid, over winkelketens die werknemers onder druk zetten om op zondag te werken en over winkelcentra die koopzondagen opdringen. Ik noem de belangen van kleine winkeliers en werknemers. Ik herinner hem aan de recent aangenomen resolutie tijdens het CDA-congres. Is de minister bereid ervoor te zorgen dat niet alleen de letter, maar ook de geest van de wetten gehandhaafd worden en dat eventuele tekortkomingen in wetgeving gerepareerd worden?

Dankdag

Het is vandaag in kerkelijk Nederland dankdag. Investeren in beter beleid is essentieel. Maar laten we beseffen dat zegen op dat beleid nodig is. Ik ben dankbaar te weten dat daar, vandaag in het bijzonder, velen voor bidden en danken voor wat we mogen ontvangen.”

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 november 2011

De Banier | 24 Pagina's

Gemoed en gemoederen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 november 2011

De Banier | 24 Pagina's

PDF Bekijken