Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

EEN VERMANING OP DE PINKSTERDAG

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

EEN VERMANING OP DE PINKSTERDAG

6 minuten leestijd

Handelingen 2:40b: “Wordt behouden van dit verkeerd geslacht”.

Als de apostel Petrus, aangegord met kracht uit de Hoogte, tot de verzamelde menigte gesproken heeft, dan zegt hij aan het einde van zijn predikatie: “Wordt behouden van dit verkeerd geslacht”.

Het is een onbegrijpelijk wonder, dat juist Petrus deze ernstige waarschuwing heeft mogen uitspreken op de Pinksterdag, de dag van de uitstorting van de Heilige Geest.

Hij die zo bevreesd was dat hij ging ontkennen den Heere te kennen; hij is nu zo moedig als een jonge leeuw, en mag door Gods Geest gedreven, een getuigenis afleggen, dat alle eeuwen door stof tot overdenking is geweest voor in zichzelf verloren zielen, en tot predikstof voor Gods knechten is geweest tot de stonde van heden.

Tussen de regels door mogen we wel opmerken dat wij niet in hoogmoed en laatdunkendheid over Gods knecht behoeven te spreken. Immers, ieder die wel eens waarlijk op zijn of haar plaats is gebracht door den Heere, zal niet verachtelijk spreken over de verloochening van zijn Heere en Zaligmaker door Petrus, maar zal met schaamte zich moeten afvragen: Hoevele malen heb ik den Heere al verloochend? Den Heere verloochend in mijn gezin; den Heere verloochend temidden van mijn vrienden; den Heere verloochend op mijn werk; en den Heere verloochend in mijn ambtelijke bezigheden? De verstgevorderde van de kinderen des Heeren zullen bij hemels licht het meest met zichzelf beschaamed uitkomen.

Hoe menigmaal gesproken waar gezwegen had moeten worden, en hoe menigmal gezwegen waar gesproken had moeten worden.

Maar een ding is zeker: Petrus heeft het niet met den Heere in orde gemaakt, maar de Heere heeft het met Petrus in orde gemaakt, zowel persoonlijk als ambtelijk.

En nu op de Pinksterdag heeft hij, als de woordvoerder van al de anderen, vrijmoedig gesproken aangaande Hem, die hij zozeer had verloochend, maar waarvoor hij dan ook diep in de schuld is terecht gekomen.

God Zelf heeft hem in zijn ambt hersteld, en nu aangegord met kracht uit de Hoogte, vat hij zijn toespraak samen in bovenstaande oproep: “Wordt behouden van dit verkeerd geslacht”!

Lezer en lezeres, dat we door de ontdekkende werking van den Heiligen Geest aan de weet mochten komen: Daar hoor ik ook bij, bij dat verkeerd geslacht.

Verkeerd geworden in onze diepe bondsbreuk in Adam, en met een altoosdurende afkering ons afgekeerd van onze Schepper en Formeerder.

Verkeerd geworden met lichaam en ziel, en weigerende om onder God te bukken. Geen behoefte uit en van ons zelf om in te vallen voor den Hogen God. Verkeerd geworden in ons doen en laten. Zegt de Heere het niet tot ons: Want hunne werken waren boos?

Verkeerd geworden met onze mond, verkeerd geworden in alle dingen die het tijdelijke en het eeuwige aanbelangen.

Bij ons dus geen terugkeer meer!

Integendeel, bij de mens wel een verharden tegen beter weten in, en al maar verder gaan op de paden des verderfs, zonder er rekening mee te houde dat er een eeuwigheid aanstaande is.

Maar nu zegt de apostel: “Wordt behouden van dit verkeerd geslacht”.

Betekent dat dan: Maakt u daar zelf maar los van, en wordt nu maar een beter geslacht?

Neen, dat zegt deze ijverige knecht des Heeren niet, daar hij weet ook zelf tot dat verkeerde geslacht behoord te hebben. En het alleen genade was, dat hij van de staat des doods was overgezet in de staat des levens. Wanneer hij hier zegt, “Wordt behouden”, dan moet ge dit lezen in het verband van de hele preek die Petrus daar en op die dag mocht houden.

Hij heeft hun hun grote zonden voorgehouden, die inzonderheid openbaar gekomen zijn in hun goddeloos bedrijf tegen de Zaligmaker van verloren zondaren. O neen, zij waren geen verlorenen in hun eigen ogen. Zij waren blind voor de droeve staat waarin zij verkeerden, evenals in deze tijd de mens van zichzelf blind is in ‘s hemels wegen.

En zie, nu mag hij er ook op wijzen dat er nog een mogelijkheid is aan Gods zijde voor een slecht mens om zalig te worden. Hoe zwaar ze het ook hebben verzondigd, hoe erg dat ze het ook verbeurd hebben, de Heere laat Petrus nog aankondigen dat er een weg ter ontkoming is. Vandaar dat hij met deze ernstige drangreden besluit.

Hij vermaande hen, zegt het Woord des Heeren. O, wat een kostelijke en liefderijke vermaning is dat geweest. De liefde van Christus drong hem, om ze voor te houden door Wiens arbeid ze alleen maar gered konden worden van de toekomende toorn. Maar dan moest het ook uitkomen daarin, dat ze zich afkeerden van het pad der zonden, en met hartelijk leedwezen hun grote schuld voor den Heere mochten belijden en bewenen

De vruchten zijn dan ook rijkelijk openbaar geworden. Duizenden zijn in die dagen behouden geworden van het verkeerde geslacht, waar ze uit en van zichzelf bij hoorden.

Maar nu ons leven. Wij leven in een tijd waarin de verkeerdheid volop openbaar komt. Mijn lieve lezer en lezeres, is er nog een smeekbede naar den hemel om behouden te worden van dit verkeerde geslacht, en als een arme bedelaar aan des Heeren voeten terecht te komen?

Of voelen we ons best thuis in het verkeerde geslacht? Kunnen we al verder en verder mee op het pad der zonden? En zoeken ook wij meer en meer de dingen die beneden zijn? Weet dan dat dat alles zal vergaan, en wij ook, indien we niet tot waarachtige bekering komen, en er een breuk komt met de wereld en de zonden.

Weet u wat daarvoor nodig is? Dat Gods lieve Geest het hart komt bearbeiden. En dat niet omdat wij zo gewillig zijn, want zo is het niet. Maar omdat de Heere er, ook in het einde der tijden nog toe zal brengen tot de gemeente die zalig zal worden.

En gaat ge als een ellendige, als een hopeloze door de wereld? Voelt ge dat ge zo vast zit aan het verkeerde geslacht? Weet dan, dat er Een in den hemel is die u nog helpen kan en los kan maken uit de klauwen van satan, wereld, zonde en eigen vlees.

En mocht ge een weinig oefening hebben opgedaan in uw leven, dan zult ge meer en meer gaan ervaren, dat het een onbegrijpelijk wonder van Boven zal zijn als ge behouden zult worden van dit verkeerd geslacht. En dan zult ge, eens aan het einde van de loopbaan, Hem de eere toebrengen, niet uzelf, omdat het een Godswonder was dat u trok uit de staat des doods en overplantte in het Koninkrijk zijner eeuwige liefde.

Maar och, dat er dan ook hier op aarde wat meer van mocht worden ingeleefd; “Wie roemt, die roeme in den Heere”. Wat een gezegende Pinkstervrucht zou dat zijn voor u en mij op reis naar de grote en nimmereindigende eeuwigheid.

Chilliwack

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 juni 1974

The Banner of Truth | 20 Pagina's

EEN VERMANING OP DE PINKSTERDAG

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 juni 1974

The Banner of Truth | 20 Pagina's

PDF Bekijken