Bekijk het origineel

WERKENDAM

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

WERKENDAM

8 minuten leestijd

De kerkeraad van de Chr. Geref. kerk van Werkendam nodigde ons uit tot bijwoning van de bevestigings- en van de intrededienst van kandidaat A. van Heteren op 16 november j.l. in de Gereformeerde kerk ter plaatse. We hebben aan deze uitnodiging gehoor kunnen geven. Vandaar dit verslag.

De bevestigingsdienst begon om 3 uur n.m. Daar was veel belangstelling voor. Het eigen kerkgebouw zou veel te klein zijn geweest.

Ds. M. C. Tanis van Sliedrecht-centrum leidde deze dienst. Hij sprak votum en zegen uit, liet zingen Ps. 122: 2, las 2 Tim. 2 : 1 - 18 en ging voor in gebed. Het was, aldus de bevestiger, een vreugdevolle dag voor Werkendam. De gemeente werd 65 jaar geleden geïnstitueerd en ontving nu haar zesde predikant. Er waren lange perioden van vacant-zijn, maar nu werd het tweede beroep al bekroond. Het was ook voor de kandidaat een bijzondere dag, nu hij stond bevestigd te worden als dienaar van het Goddelijke Woord. Ds. Tanis zei, dat zijn tekst 2 Tim. 2 : 15 spreekt over de roeping van een arbeider in Gods kerk: 1. Zijn daad, 2. zijn ijver, 3. zijn taak. Na het zingen van Ps. 25 :1, 2 en 7 en; de collecte ontvouwde de prediker dit op duidelijke wijze. We geven hier een enigszins uitvoerige samenvatting.

1. De Kerk is geen uitvinding van mensen, maar opgekomen uit, de gedachten Gods. De Heere Zelf heeft de ambten ingesteld. Daarin schittert Gods hartelijke liefde. Timotheus Kreeg een wettige plaats. Paulus noemt, hem arbeider. Dat moet een erenaam zijn. Het is voor het hele leven, zonder promotie. Het gaat niet om de arbeider, maar om de Koning en Zijn heilswerk. Het is een verwaardiging wanneer de Heere roept om arbeider te zijn in Zijn kerk. Timotheus moest zien als arbeider stellen voor Gods aangezicht. Dat kan alleen in het offer van Christus. De arbeider moet zich volkomen bewust zijn en blijven wie de Heere is. Zich stellen voor het aangezicht van de aldoorzoekende en alwetende God om zien te laten beproeven. Een arbeider passeert verschillende examens. Er is gevaar als men denkt: ik ben goedgekeurd voor het leven. Ook dat men er op uit is geijkt te worden door mensen, om het stempel van mensen te ontvangen. Paulus zegt, dat men zich door de Heere moet laten keuren. Eens zullen alle ambtsdragers en leden gekeurd, worden op de grote dag voor de rechterstoel van Christus. Een arbeider moet er bij leven, dat hij straks rekenschap moet afleggen. Er wordt eeuwigheidswerk verricht. Het moet dagelijks werk zijn om zich wel beproeld te stellen voor Gods aangezicht. Wanneer dat werkelijkheid gaat worden, dan moet men erkennen; ik moet door de Heere worden algekeurd. Daarom is het voor een ware arbeider steeds groter wonder, dat de Heere hem geen ontslag geeft als onnuttige dienstknecht. Het gaat niet om loon te ontvangen, maar omdat de Heere het zo waardig is zijn leven te besteden in Zijn dienst, met de gezindheid van de Koning der kerk. Een arbeider, die niet beschaamd wordt: die zich niet behoeft te schamen, wanneer hij verschijnt voor het aangezicht van zijn Opdrachtgever.

2. De prediking moet verkondiging van het Woord zijn. Vaak wordt niet recht gedaan aan deze eis. De wezenlijke elementen komen vaak niet aan de orde. Calvijn schrijlt erover. Het formulier zegt wat een arbeider moet doen. Men moet daarin bezig zijn, dat door Gods genade het toenemen in alles openbaar worde. Waarin? In wat in Gods Woord vast ligt. Dat moet vlees en bloed worden voor de arbeider en dat moet gernerkt worden in zijn arbeid. Een voorbeeld in alles! De Heere wil alles geven. Die ijverig werkzaam is in biddend opzien tot de Heere wordt door de Heere niet beschaamd, maar bijgestaan, doorgeholpen. God zal komen met Zijn gunst. Het loon ontbreekt niet: de arbeid is niet ijdel in de Heere.

3. Die het Woord der waarheid recht snijdt, het Woord van de Drieënige God. Het is waar, omdat God waar is. Men kan er op aan, omdat men op God aan kan. Recht snijden is kort samengevat: er moeten rechte voren getrokken worden. Men moet op een rechte wijze met het Woord omgaan. Er moet op rechte wijze over God gesproken worden. Over God als Schepper. De mens is naar Zijn beeld geschapen. Hij heeft de gehoorzaamheid opgezegd. Hij is Gods beeld kwijt. Zijn schuld is groot. Die neemt toe. God kan van Zijn recht geen afstand doen. De Heere moet in Zijn rechtvaardigheid getekend worden. Daartegenover ook de barmhartigheid, de bewogenheid Gods. Dat God Zich vrij maakt van het schepsel. Christus moet gepredikt worden in Zijn noodzakelijkheid enz. Ook de Persoon en het werk van de Heilige Geest. Dit moet verkondigd worden naar de tekst aangeeft. Wie is tot deze dingen bekwaam? Paulus zegt: onze bekwaamheid is uit God. Hij, Die u roept, is getrouw. Die het ook doen zal.

We zingen Ps. 119: 9. De bevestiger leest het formulier en stelt de vragen aan de kandidaat. Deze antwoordt duidelijk: ja ik, van ganser harte. Onder het zingen van Ps. 134: 2 knielt de kandidaat. De bijbel wordt boven zijn hoofd gehouden. Ds. Tanis spreekt de bevestigingsformule uit. Verschillende predikanten nemen aan de handoplegging deel. De gemeente zingt vers 3 van de Morgenzang, naar de omstandigheden gewijzigd. De bevestiger leest het slot van het formulier en gaat voor in dankgebed. We zingen Ps. 84 : 3. Ds. Tanis legt de zegen op de gemeente. Het kerkgebouw wordt verlaten. Velen gaan naar huis. Anderen worden ontvangen in het verenigingsgebouw van de kerk. Sommigen gaan met Werkendammers mee.

’s Avonds om half 8 begon de bevestigingsdienst. Het kerkgebouw was toen overvol.

Ds. Van Heteren sprak votum en zegegroet uit, liet zingen Ps. 123 : 1, las Romeinen 1 : 8 -16 en ging voor in gebed. Hij wees er op, dat het vooral voor hemzelf een bijzondere ure was nu hij zich verbinden mocht aan zijn eerste gemeente. Hij sprak over Romeinen 1 : 16: De betekenis van het evangelie van Christus: 1. de begeerte het evangelie te verkondigen, 2. het evangelie is een kracht Gods tot zaligheid,-3. voor wie is het evangelie een kracht Gods tot zaligheid. We zongen Ps. 85 : 1 en 3. Er werd gecollecteerd. Daarna behandelde Ds. Van Heteren genoemde punten. We willen daar een en ander van vermelden. 1. Paulus verlangt naar Rome te gaan om daar het evangelie te verkondigen. Dat moet de begeerte van elke dienaar zijn. Ook van hem. De natuurlijke mens verstaat dit niet. Paulus verstond het ook niet, maar de Heere bracht hem tot bekering en het behaagde de Heere Zijn Zoon in hem te openbaren. Zo werd het Paulus begeerte om het evangelie te verkondigen. Hij schaamde zich niet. Wat 'n wonder, dat de Heere vijanden vernieuwt en Zijn Woord laat verkondigen. Het evangelie van Christus is het enige evangelie. Het is al in het Paradijs beloofd en te zijner tijd vervuld in de geboorte van Christus. Dat geeft grote blijdschap. Christus brengt het evangelie. Hij brengt van de dood tot het leven. Dit evangelie moet nog worden verkondigd, het evangelie van vrije genade, dat tot inhoud heeft: Jezus Christus en Die gekruisigd.

2. Het is een kracht Gods tot zaligheid. Een kracht als van dynamiet. Het spreekt over de vrijmaking door Christus, maar bewerkt die ook. Het is een alvermogende kracht. Vooral door het lijden, de dood en de verheerlijking van Christus. Hij zendt Zijn dienaren om Zijn Woord te verkondigen en daarin betoont Hij Zijn kracht. Hij maakt doden levend, opent ogen, oren, hart en mond. Het evangelie is eon kracht Gods tot zaligheid. Dat veronderstelt verlorenheid. De zaligheid is het bevrijd worden van het juk der zonde, de redding van de toorn Gods, die we ons waardig hebben gemaakt. Er is vrijspraak door Christus. De voorsmaken zijn er hier reeds. Dat doet verlangen naar de volkomenheid.

3. Voor wie? Voor een iegelijk die gelooft. Geloven is: op iemand zijn vertrouwen stellen. Dat is geen prestatie. De Heere werkt het. De Heere moet het Woord toepassen aan het hart. Geloven is zaak van het hart. Voor een iegelijk gelovende: het is een voortgaande zaak, het hele leven door. Het kent hoogte- en dieptepunten. De Heere laat niet varen het werk Zijner handen. Het doel van de prediking is mensen te trekken uit de duisternis tot Gods wonderbaar licht. Alleen in Christus is de zaligheid te bekomen. De Joden dachten, dat de zaligheid alleen voor hen was. Maar hier staat: voor een iegelijk die gelooft. Ook voor andere volken. Het komt aan op het geloof als gave Gods. Christus heeft Zijn werk volbracht. De scheiding tussen Jood en heiden is weggenomen. Na toepasselijke woorden zongen we Ps. 72 : 7. Dan komen de toespraken van de jonge predikant tot Ds. Tanis, de kerkeraad en anderen. Daarop wordt Ds. Van Heteren toegesproken. Deze beantwoordt alles kort. Hij gaat voor in dankgebed. We zingen Ps. 72 : 11. Ds. Van Heteren legt voor de eerste maal de zegen des Heeren op de gemeente.

Hiermee was ook deze plechtige dienst ten einde. De schare verliet het kerkgebouw. Velen maakten nog van de gelegenheid gebruik om een kop koffie te drinken in het verenigingsgebouw van de eigen kerk. Daarna gingen ook zij naar huis.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 1976

Bewaar het pand | 6 Pagina's

WERKENDAM

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 november 1976

Bewaar het pand | 6 Pagina's

PDF Bekijken