Bekijk het origineel

Het belijden van de Heilige Geest

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Het belijden van de Heilige Geest

6 minuten leestijd

In de oudste belijdenis van de kerk staat: ik geloof in de Heilige Geest. Deze belijdenis is niet verouderd. Dit kan ook niet, daar de Heilige Geest eeuwig is en het geloof in de Heilige Geest blijvend is. De Heere Zelf staat daarvoor in. Zijn werk gaat door. Tot op de dag van Jezus Christus wordt de Heilige Geest geloofd. Het geloof in Zijn Persoon en in Zijn werk vergaat niet. In onze Heidelbergse Catechismus ontbreekt daarom de behandeling van de Persoon van de Heilige Geest en Zijn werk niet. Nu moet het ons wel opvallen, wanneer we ons leerboek lezen, dat slechts één zondag handelt over de Heilige Geest, terwijl over de Vader en de Zoon uitvoeriger wordt gesproken. Moet hieruit geconcludeerd worden, dat de Heilige Geest niet belangrijk is? Geen sprake van! Juist de reformatie — als doorbraak van de Heilige Geest — heeft weer een open oog gekregen voor de rij kdom en het gewicht van de Geest. Wanneer er dan toch, ondanks het oog krijgen voor de rijkdom en het gewicht van de Heilige Geest, maar één zondag spreekt van de Heilige Geest, dan blijkt daarin dat de opstellers ook zicht hadden op de aard van de Heilige Geest. Het is het eigene van de Geest om niet op de voorgrond te treden. Hij wijst van Zichzelf af. Hij eist geen eer voor Zichzelf op. In de Heilige Schrift wordt de Geest vergeleken met de dauw, die ’s nachts in de stilte, onhoorbaar en onzichtbaar neerdaalt van de hemel. Hij zegent de aarde zonder gedruis. De Heere Jezus zegt van de Geest, dat Hij van Zichzelf niet zal spreken, maar wat Hij gehoord zal hebben, zal Hij spreken. De Geest zal Christus verheerlijken. Hij maakt Christus groot.

In ons leerboek wordt als eerste beleden, dat de Heilige Geest tezamen met de Vader en de Zoon waarachtig en eeuwig God is. Dit belijden nu is voluit Bijbels. In de Heilige Schrift worden we gewezen op God de Vader, God de Zoon en God de Heilige Geest, vandaar dat de kerk haar roeping en plicht verstaat door dit in haar belijden vast te leggen. Wanneer we nu in zondag 20 lezen, dat de Heilige Geest tezamen met de Vader en de Zoon waarachtig en eeuwig God is, dan ligt in het ’tezamen’ verklaard, dat het Goddelijk Wezen niet compleet is zonder de Heilige Geest.

Zonder God de Heilige Geest zou er geen sprake kunnen zijn van enig werk van God zowel in natuur als in genade. De Heilige Geest was bij het machtige, heerlijke scheppingswerk betrokken. De Geest zweefde in de beginne, broedend, boven de ongeordende afgrond. Heel de levenloze en levende creatuur heeft gehalte en gestalte ontvangen door de Heilige Geest. In al het geschapene werkte en werkt de Heilige Geest. Het laatste mogen we niet vergeten. De Heilige Geest staat niet buiten de onderhouding. Hij is algeheel betrokken bij het werk van Gods voorzienigheid. Wanneer het gaat over de genade, dan moet en mag genade niet losgezien noch losgedacht worden van de Heilige Geest. De Heilige Geest is bij de menswording van Jezus betrokken.

De vleeswording van het Woord kwam tot stand door de Heilige Geest. Christus, de Gezalfde, is ontvangen van de Heilige Geest. Door Hem is Christus toegerust tot Zijn drievoudig ambtswerk. In Jezus profetische woord, in Zijn priesterlijke daden, in Zijn koninklijke handelingen is aanwezig de werking van de Heilige Geest. Door de eeuwige Geest offerde Christus Zijn bloed (Hebreeën 9). In diezelfde Geest is Christus gerechtvaardigd in Zijn opwekking uit de doden (1 Timotheüs). Na Zijn Hemelvaart werkt Jezus niet los van de Geest, maar door en met de Geest. De verheerlijkte Christus zet Zijn ambtswerk voort door Zijn Geest. Terecht is gezegd: “De Geest is het, Die Christus presenteert en representeert”.

In het geschreven Woord schittert het werk van de Heilige Geest. De Heilige mannen Gods hebben alles kunnen doen door de leiding van de Heilige Geest. Spreekt het Nieuwe Testament rijk van de Geest en zijn werk. Het Oude Testament is niet Geestloos. We moeten zelfs dit zeggen, wanneer de Heilige Geest onder Oude Verbond niet present was, het Nieuwe Verbond was niet gekomen. Profeten hadden niet kunnen spreken, psalmen hadden niet geboren kunnen worden. De eredienst, de hele offerdienst was nietszeggend geweest. Dode harten waren dood gebleven. Niets van het almachtige werk van de Heilige Geest was er gekomen onder mensen en in mensen. Er zou geen Godskennis, zelfkennis en Christus’ kennis zijn. Geen wedergeboorte, geen vernieuwing van het leven, geen verlichting van het verstand, niets van het zaligmakend werk van de Heilige Geest. Van dit alles nu kunnen we lezen in de Heilige Schrift.

Heilswerk is niet tijdgebonden, maar werk voor alle eeuwen.

Het werk van de Drieënige God. Want God de Vader is het, Die zondaren verkiest. God de Zoon is het, die zondaren verlost. God de Heilige Geest is het, Die zondaren heiligt. En dat heiligend werk zal eens compleet zijn. Het is het einde van alles. We zien in de Heilige Schrift een heilvolle opklimming. Na het scheppingsverhaal lezen we in Genesis 2: “alzo zijn volbracht de hemel en de aarde”. De Vader had Zijn werk volbracht en toen was het Zijn sabbath. Nadat Christus Zijn verlossingswerk had beëindigd sprak Hij: “het is volbracht”. En toen brak aan de Sabbath voor de Zoon. De sabbath van de Heilige Geest moet nog komen. Het werk van de Heilige Geest is nog niet af. De Heilige Geest is de Voltooier van het werk van de Vader en de Zoon. Hij legt de laatste hand aan Hun werken. Hij legt de stenen gans sierlijk in het Godsgebouw, dat in eeuwigheid zal rijzen naar Gods gemaakt bestek. Hij maakt de glansvensters tot kristal en de poorten van robijnstenen, Jesaja 54. Het nieuwe Jeruzalem ons getekend in Openbaringen is het machtige werk van de Heilige Geest. Haar bouw, haar omvang, haar heerlijkheid, haar bewoning is het werk van de Heilige Geest. En als dit Jeruzalem er zal zijn, de nieuwe aarde zal glanzen onder de nieuwe hemel, de bergen vrede zullen dragen en de heuvelen het heilig recht, de nieuwe mensheid zondeloos zal leven tot eer van God, dan zal het werk van de Heilige Geest volmaakt zijn. Volmaakt voor eeuwig. Dan breekt aan de eeuwige sabbath van de Heilige Geest. En die sabbath zal ook de eeuwige sabbath zijn voor allen, die zonder de Heilige Geest niet leven en sterven kunnen. Die ook voor hun dood en in hun dood de Heilige Geest nodig hebben. Tot bemoediging staat daarom beschreven: “en indien de Geest Desgenen Die Jezus uit de doden opgewekt heeft in u woont, zo zal Hij, Die Christus uit de doden opgewekt heeft ook uw sterfelijke lichamen levend maken door Zijn Geest, Die in u woont”. Romeinen 8:11.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juli 1989

Bewaar het pand | 6 Pagina's

Het belijden van de Heilige Geest

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 juli 1989

Bewaar het pand | 6 Pagina's

PDF Bekijken