Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De heilige vermaking van de christen 3.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De heilige vermaking van de christen 3.

7 minuten leestijd

Als derde vrucht van de verkiezing wordt genoemd droefheid die naar God is over de zonde.

Van onszelf laten we geen traan over de zonde die door ons werd en wordt bedreven. Wel kunnen we schreien over de gevolgen van de zonde. Ons hart is bikkelhard als het over de zonde zelf gaat. We zien niet dat we zondigen tegen een heilig en goeddoend God. We verontschuldigen onszelf, en beroepen ons erop dat we nu eenmaal zondaar zijn. Daar kan een mens toch niets aan veranderen. Ten diepste geven we God de schuld. Alsof God ons zo boos en verdorven heeft geschapen. Alsof wij niet vrij- en moedwillig ongehoorzaam zijn geweest. Alsof wij niet God de rug hebben toegekeerd. Ook kunnen we satan de schuld van ons zondigen geven. Ik moest wel zondigen. De omstandigheden waren zo. Ik werd ertoe gedwongen. Echter dat laatste is niet waar. We worden niet gedwongen. Satan is geen dwingende macht, wel een verleidende macht. Zonde is altijd een keus van ons. De Bij bel spreekt van onze ongerechtigheden. En dat woord geeft het moedwillig karakter ervan aan. Doende de wil des vieses en der gedachten.

Genade maakt het anders. Daardoor ontstaat droefheid die naar God is over de zonde. Dat zijn woorden uit de Schrift zelf, en die moeten we wel goed verstaan. Men denkt soms dat het hier gaat over een die eraan ontdekt is dat hij God kwijt is, en die nu schreit om God tot God. Echter het Schriftwoord heeft een andere betekenis, ’t Gaat over de droefheid die in overeenstemming met God is. Hier heeft een mensenkind God ontmoet, de heilige God. God van Wie de engelen in de hemel het driemaal heilig zingen.

We denken wel eens dat zelfkennis leidt tot Godskennis. Dan denken we verkeerd. Het is andersom. Godskennis leidt tot zelfkennis. Wie God leert kennen gaat zichzelf kennen. Wie God als de Heilige ontmoet, schrikt. In dat licht gaan we zien wie wijzelf zijn. Hoe meer we in dat licht komen destemeer gaan we zien onze onheiligheid, onze verdorvenheid, en dat nu maakt bedroefd; bedroefd omdat we niet in overeenstemming met God zijn, omdat we zo walgelijk, zo verschrikkelijk verdorven zijn.

Zo was het ook met de Heere Jezus in de hof van Gethsemané. Zijn ziel werd bedroefd tot stervens toe. Waarom? Hij was tot zonde gemaakt. Al de zonde van het volk van Gods welbehagen was op Hem. Wij geven aan zondaars namen. We wijzen aan en zeggen: dat is een moordenaar, een echtbreker, een dief, een leugenaar. En nu Hij. Hij met al die namen. Hij niet meer in overeenstemming met God. Dat was de oorzaak van Zijn grote droefheid.

Hebben wij al eens God ontmoet, God als de Heilige? We houden ons toch niet staande met onze godsdienst, met onze rechtzinnigheid, met ons strijden voor de waarheid, met onze eigengerechtigheden? Dat alles is een wegwerpelijk kleed. Al zijn vormen goed, we kunnen daarmee voor de heilige God niet bestaan. We kunnen ons ook niet beroepen op: God is liefde, dus het zal wel meevallen.

We kunnen ons ook niet staande houden met: ik geloof toch, en het is toch volbracht. O, ik weet het - we zijn er zulke vijanden van om God als de Heilige te ontmoeten. Immers dan moeten we God gelijk gaan geven als Hij ons voor eeuwig wegwerpt.

Echter - we zullen eraan moeten denken, dat we de ontmoeting met de heilige God nooit uit de weg kunnen gaan. Zal die ontmoeting er in dit leven niet zijn, dan straks. Straks geplaatst voor de rechterstoel van de heilige God, en dat zal vreselijk zijn. Dan is het voor eeuwig te laat. Dan is er geen Borg meer Die tussentreedt, Die de vlammen van Gods heiligheid blust. Onze God is een verterend vuur.....

Hier - in het heden der genade - de heilige God te ontmoeten, dat nu geeft tranen en steeds meer tranen. Van die droefheid komen we in dit leven niet af. De droefheid is een van de twee stukken van de waarachtige bekering. Als de hemelse fontein der liefde zich opent, als gedronken wordt uit de zee van de liefde Gods in Christus Jezus, o ja de dankbaarheid; maar wat breng ik ervan terecht? De Heere is het zo waard dat ik volkomen heilig leef. Ziel en lichaam, Heere, leg ik op het heilig dankaltaar neer. Echter het volbrengen is er niet. Voor eigen waarneming steeds meer onheilig. Ik begeer om Gods wille steeds meer de heiligheid, het zonder zonde zijn, de volmaaktheid. De Heere is het zo waard. Hij Die Zijn enige Zoon voor zulkeen overgaf. Christus is het zo waard Die Zichzelf voor zulkeen heeft overgegeven. Christus Die geruild heeft geheel en al vrijwillig, vanuit ondoorgrondelijke liefde. Hij al mijn onheiligheid, en ik al Zijn heiligheid. Christus Die voor zulkeen onheilige verteerd werd, aangestoken door de vlammen van Gods heiligheid. En tegenover al die liefde: de boosheid die mij altijd aanhangt. Dat geeft tranen, de droefheid. Altijd weer.

Die tranen zijn vrucht van de verkiezing. Een onfeilbare vrucht. En nu spreken de Dordtse Leerregels uit, dat de uitverkorenen een geestelijke blijdschap en een heilige vermaking hebben over die tranen. Is dat nu geen onzin, dwaasheid? Wie verblijdt, wie vermaakt zich over tranen? Dit klopt toch niet?

Wel - als pastor heb ik mij verblijd over tranen die geschreid werden. Ik denk aan een oude broeder die ik wenend aantrof bij zijn kanarie in de kooi. In mijn domheid wilde ik het beestje dat het hoogste lied zong, het zwijgen opleggen. Totdat die broeder met hortende stem zei: dat dier zingt de lof van z’n Schepper en......ik niet. Of die andere die aan het eind van zijn leven met tranen uitsprak: nog onbekeerd en de schuld daarvan ligt bij mij; heel mijn leven gezeten onder de bediening van het Woord, onder de aanbieding van het heil; zovele roepstemmen waren er, en ik ben dezelfde gebleven, ik heb mij gehandhaafd, ik heb mij verhard, ik wilde zelf koning blijven. Of weer een andere, die hete tranen schreide, die zei dat hij voor eeuwig verloren ging omdat hij zo goddeloos, zo verdorven was. Nietwaar - dan verblijd je je als herdertje van de grote Herder zeer. Dan kun je de boodschap kwijt.

Doch niet alleen de pastor, maar ook dezulke zelf mag zich verblijden en vermaken over die tranen. Dat klinkt wonderlijk, en toch is het zo. En nu bedoel ik geenszins die tranen te verzelfstandigen, alsof die tranen zalig maken. In geen geval. Wie dat doet gaat het fundament van zaligworden verleggen vanuit Christus in de tranen. Die komt straks dan bedrogen uit. Want niet de tranen die ik schrei, maar Christus alleen maakt zalig. Allereerst wil ik dit nog benadrukken: de echte tranen zijn onfeilbare vrucht van de verkiezing. De tranen die God droogt, de tranen die in Gods fles bewaard worden, komen niet op uit onze natuur. Wij wenen hoogstens over de gevolgen van de zonde. Verder brengen wij het niet. Als vrucht van de verkiezing zijn ze er.

Waarom nu heilige vermaking over het waarnemen van die vrucht? Waarom vermaak in de tranen die ik pleng voor Gods aangezicht? Ik geef een voorbeeld. Een kind dat met z’n kinderverdriet uithuilt bij moeder, het betraande gezicht opheft naar moeder. Of een volwassen mens met het verdriet over het heengaan van een geliefde, die zijn tranen eens de vrije loop kan laten tegenover een ander. Hoe kan dat opluchting geven. Een liefdevolle blik, een begrijpend oog tegenover je.

Tranen voor Gods aangezicht schreien daarin is toch zoetheid. En dan blikken in Zijn oog. Heilige vermaking. En die tranen laten God niet onberoerd.

Och werd ik derwaarts weergeleid. Ik schrei niet zo vaak over het bedreven kwaad voor Gods aangezicht. Maar - ’t is zo’n zalig plekje.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 augustus 1989

Bewaar het pand | 6 Pagina's

De heilige vermaking van de christen 3.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 augustus 1989

Bewaar het pand | 6 Pagina's

PDF Bekijken