Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Je lichaam - een tempel? - in Zijn toekomst 2.

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Je lichaam - een tempel? - in Zijn toekomst 2.

10 minuten leestijd

In het vorige artikel hebben we een aantal dingen gezegd over de opstanding en met name over het opstandingslichaam. Daarbij stuitten we op de vraag: Wat betekenen deze gedachten over de opstanding voor de praktijk van ons leven hier en nu? Ik zou dat in dit artikel in vijf punten willen samenvatten.

Dit leven is het hoogste niet

Het is van groot belang dat we allereerst vaststellen dat dit leven - en dus ook dit lichaam - het hoogste en het laatste niet is! Begrijpen jullie me niet verkeerd: Dit leven is een gave van God. We mogen die gave uit Gods hand ontvangen en er - in de weg van Zijn geboden - van genieten. We mogen plannen maken voor onze toekomst, ons daarvoor inzetten en eraan werken. Ook ons lichaam is een geschenk van de God die ons geschapen heeft. We mogen - als goede rentmeesters! - ons lichaam uit Zijn hand ontvangen, ervoor zorgen en ook in ons lichamelijk leven zoeken te leven tot eer van Hem. Maar.... we mogen niet leven alsof dit leven het één en het al is. Het is zelfs niet het hoogste of het laatste! Veel mensen voor wie dit leven alles is, leven in een zekere krampachtigheid: Ze willen dit leven tot de bodem toe beleven, eruit halen wat erin zit. Als die geest mijn leven beheerst dan moet ik alle sensaties beleefd hebben en dan wil ik experimenteren met alle prikkels in mijn lichaam. Vaak met alle gevolgen van dien.... Maar als we ervan doordrongen zijn dat dit leven niet het hoogste of het laatste is, worden we bewaard voor dit soort kramphoudingen. Als we misschien niet zo’n knap uiterlijk hebben als anderen, of niet zo gevat zijn in onze woorden of intellectueel niet vooraan staan, betekent dat niet dat ons leven mislukt is. Wél zijn het tekenen die erop wijzen dat we in dit leven te maken hebben met zwakheid en onvolkomenheid.... Als we misschien vanaf onze geboorte tobben met een kleine handicap, of heel ernstig gehandicapt door dit leven moeten gaan, is ons leven daarom niet zonder zin. Wél is die handicap of die ziekte een herinnering dat dit leven aan de vergankelijkheid onderworpen is en het kan moeilijk genoeg zijn als je daar dag in dag uit mee geconfronteerd wordt. Maar, hoe moeilijk de vragen ook zijn: Dit leven dat God ons gaf heeft zin! Bovendien: Dit lichaam, dit leven is hoogste en het laatste niet.... Als het goed is hebben we iets beters, iets véél beters te verwachten! Leven we - door genade - ook in de verwachting dat eens dit broze en misschien wel gebrekkige lichaam in heerlijkheid zal worden opgewekt?

Dit leven is beslissend

Het volgende praktische punt dat we aan moeten roeren is dat dit aardse leven en onze lichamelijkheid beslist niet zonder betekenis zijn voor de Grote Toekomst. Integendeel: We hebberr gezien dat op de morgen van de wederkomst van Christus ons lichaam zal worden opgewekt. Met nadruk mogen we daarbij zeggen: Ditzelfde lichaam! De Belijdenis van Westminster - die ruim driehonderd jaar geleden in Engeland werd opgesteld - zegt het zó: “Alle doden zullen opgewekt worden met precies hetzelfde lichaam en geen ander. Hoewel het lichaam wel zal opgewekt worden met andere hoedanigheden” (Art. 32-2). Op de dag van de opstanding zullen wij dus opstaan met hetzelfde lichaam dat we nu bezitten. Maar onder welke omstandigheden dit lichaam van ons opgewekt zal worden, wordt beslist in dit leven: Als wij hier op aarde de zonde dienen en ons lichaam misbruiken als een speelplaats voor onze zonden, dan zullen we opstaan tot het oordeel! Als we Gods genade leren kennen en ons lichaam een tempel wordt van de Heilige Geest, zullen we opgewekt worden tot het eeuwige leven! Daarom komt op dit punt heel dringend de vraag tot jullie, tot u en tot mij: Hoe leven wij? Leven we zonder God en de kennis van Zijn genade? Is ons lichaam misschien dan geen speelplaats voor openlijke zonden, maar toch gekerkerd in de macht van de zonde? Als dat zo is roept de Schrift ons van alle kanten toe: Bekeert u! Zoekt de Heere terwijl Hij te vinden is! Schuif die roepstem niet van je af ... want in dit leven valt de beslissing hoe je zult verschijnen voor de rechterstoel van Christus: Of je zult opstaan tot het oordeel, of tot het eeuwige leven!

God eert het lichaam dat Hij schiep

Het derde punt dat in dit verband genoemd moet worden is het verbazingwekkende feit dat het blijkbaar Gods bedoeling is Zijn volk in de hemel op te nemen met lichaam en ziel. Dat is daarom zo verbazingwekkend omdat wij met lichaam en ziel van God zijn afgevallen en nog iedere dag tegen Hem zondigen. Ondanks dit feit dat onze hele persoonlijkheid door de zonde getekend is, rust God niet voordat Zijn volk met lichaam en ziel eeuwig bij Hem is. Het is alsof de lof die God in de hemel ontvangt niet volledig is als de lichamen van de Zijnen niet bij die lofprijzing betrokken zijn. Daarom wekt Hij de Zijnen op, op de morgen van die grote Dag, opdat ze met hart en mond, ja met héél hun lichaam Hem zouden loven en dienen. Daarin eert de Heere het lichaam dat Hij schiep. Hij schonk immers in den beginne aan de mens een lichaam opdat hij zó tot lof van de almachtige God zou leven. Straks zal het lichaam weer beantwoorden aan het hoge doel waarvoor God het in het aanzijn riep, als het door de Geest zal worden opgewekt uit het stof van de aarde en met heerlijkheid en kracht zal worden bekleed. Dat betekent ook dat de gelovige in heerlijkheid mens blijft. Hij wordt niet één van de engelen. Hij wordt ook niet “opgenomen in de Godheid” of iets dergelijks. Hij blijft méns. Hij behoudt zijn eigen persoonlijkheid. En met zijn eigen lichaam en ziel mag hij - in heerlijkheid -zijn Schepper grootmaken! Dat is ook pas het volle, het voltooide mens-zijn, als de gelovigen met het verheerlijkt lichaam voor hun Koning mogen staan. Daar vindt ook de lichamelijkheid haar volledige ontplooiing. Daar bereikt zij haar laatste doel, wanneer ze voor eeuwig léven mag in dienst van haar Heere.

Zonder vlek en zonder rimpel

We zijn aan het vierde praktische aspekt van ons onderwerp toegekomen. Daarin willen we benadrukken dat God de gelovigen opwekt met een verheerlijkt lichaam, opdat ze Hem volmaakt zouden dienen en eren. Als we iets van Gods genade mogen kennen in ons leven, weten we dat alles hier ten dele is: We kenen ten dele (1 Cor. 13 : 9 en 12). Ons geloof is onvolkomen en we struikelen iedere dag.... We gaan steeds dieper beseffen dat God het waard is om met héél het hart, met ziel én lichaam verheerlijkt te worden, maar we zien tegelijk hoeveel we daarin tekort schieten. Als het goed is wordt daardoor toch ook het verlangen opgewekt om Hem te dienen zónder zonde. We beginnen ernaar uit te zien om Hem te kennen zonder schaduwen, om Hem lief te hebben zonder dat onze zondige zelfzucht ertussen zit. Dat verlangen wordt voor Gods Kerk vervuld op de grote Dag van de opstanding: Dan ontvangt iedere gelovige een lichaam waarmee hij zonder zonde en zonder énige remming of schaduw God mag groot maken! Ziel én lichaam zullen daar tenvolle toegerust zijn om Gods lof uit te stralen. Het wordt vaak gezegd dat straks in de eeuwigheid de Kerk God zal dienen “zonder vlek en zonder rimpel”. Misschien mogen we dat in dit verband heel letterlijk en tegelijk ook figuurlijk nemen: De gelovigen zullen eeuwig voor God leven met een lichaam zonder vlek en zonder rimpel, maar ook het dienen van hun Koning zal zonder rimpeling en zonder smet zijn!

Het beste komt nog

Dat brengt ons meteen bij het laatste punt: Als we dit aardse leven van de gelovigen vergelijken met hun toekomstige heerlijkheid kan de conclusie niet anders luiden dan dat het beste nog komt! Dat betekent ook dat alle veranderingen die op de morgen van de opstanding plaatsvinden geen verarming zijn maar verrijking. Van verschillende veranderingen is dat zonder meer duidelijk. Zo weten we dat het opstandingslichaam ontheven zal zijn aan de vergankelijkheid: Ziekte, zonde en dood zullen voorgoed tot het verleden behoren. We hoeven er niet lang over te praten dat dit een geweldige verrijking is vergeleken met dit leven. Maar er zijn ook andere kanten aan de opstanding. We lezen bijvoorbeeld dat de Heere Jezus in een gesprek met de Sadduceën gezegd heeft: “In de opstanding nemen zij niet ten huwelijk, noch worden ten huwelijk uitgegeven; maar zij zijn als engelen Gods in de hemel” (Matth. 22 : 30). Dat betekent op zijn minst dat zoiets belangrijks als het huwelijk en het huwelijksleven in de eeuwigheid niet meer zal bestaan. Het is daar niet meer noodzakelijk, zoals zovéél overbodig is geworden met de opstanding. Eten en drinken zullen dan bijvoorbeeld ook niet meer nodig zijn (Vgl. 1 Cor. 6 : 13). Nu kunnen we ons moeilijk voorstellen hoe we zouden kunnen léven zonder dingen als de huwelijksrelatie, eten en drinken. We denken misschien ook dat het leven armer zou worden zonder dat alles. Ik ontken niet dat hier een aantal moeilijke vragen liggen; vragen waarop we het antwoord schuldig moeten blijven. Tóch zou ik met nadruk willen zeggen: Ook al is het huwelijk in de Toekomst niet langer nodig; ook al zullen we niet meer behoeven te eten of te drinken, het leven na de opstanding is daarmee niet armer dan dit aardse bestaan. Het wordt door al die veranderingen juist veel rijker! Misschien kunnen we dat ook hiermee duidelijk maken dat de verhouding met God en de verhouding met onze naaste in de eeuwige heerlijkheid volmaakt zal zijn. Daarmee is ook gezegd dat de relatie met onze naaste in de eeuwigheid voller en meer volkomen zal zijn dan bijvoorbeeld de diepste huwelijksrelatie hier op aarde. Uiteindelijk droeg ook die relatie nog de sporen van de gebrokenheid en de zonde. Neen, het is ten volle waar dat voor alle gelovigen, voor lichaam én ziel het beste nog komt!

Ons lichaam een tempel?

We zijn begonnen met de vraag uit dat bekende lied:


Wie zal op die grote morgen
buigen voor die majesteit?
Wie zal op die grote morgen
vluchten voor die heerlijkheid?


Er zijn maar twee mogelijkheden. Wie zonder God en Zijn genade leefde, zal opstaan tot het oordeel. Hij zal vluchten als die dag aanbreekt! Maar wie God door genade leerde kennen zal opstaan tot het léven. Hij zal buigen in verwondering als die grote morgen gekomen is! Wat zal die dag brengen voor jou? Kijk vanavond eens in de spiegel naar je gezicht en naar je ogen; kijk eens naar je handen en naar je voeten! Wat is jouw lichaam: tempel van de Geest of speelplaats van de zonde? Als dat laatste het geval is kan ik je niet dringend en ernstig genoeg oproepen tot bekering! Bekeer je tot de Heere, want waarom zou je sterven? Waarom zouden je ogen met schrik opengaan als die grote morgen aanbreekt? Waarom zou je deze handen voor je ogen slaan? Waarom zou je met deze voeten vluchten voor die heerlijkheid? Wat zou het een zegen zijn als op die dag jouw knieën zich zouden buigen, omdat de Heere die verschijnt op de wolken door genade geen vreemde voor je is. Dan zal je verwonderd Hem daarvan alle eer geven. Dan mag je eeuwig bij Hem zijn en met hart en hoofd, met mond en handen altijd Hem dienen. Dan is je lichaam tenvolle Zijn tempel!

Dit artikel werd u aangeboden door: Bewaar het Pand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 juni 1990

Bewaar het pand | 6 Pagina's

Je lichaam - een tempel? - in Zijn toekomst 2.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 juni 1990

Bewaar het pand | 6 Pagina's

PDF Bekijken