Bekijk het origineel

Na honderd jaren

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Na honderd jaren

6 minuten leestijd

3.

Vlak na de doleantie in 1886 stelden de Dolerenden zich scherp op tegenover de Chr. Gereformeerden. Maar toen hun pogingen om de Hervormde Kerk te herstellen tevergeefs bleken te zijn, veranderde hun houding. Er werden al spoedig voorstellen tot vereniging gedaan tussen de Ned. Geref. Kerk en de Chr. Geref. Kerk. Zo werd er in 1887 een samenspreking gehouden tussen de hoogleraren van Kampen en Amsterdam over een vereniging tussen de Ned. Geref. Kerk en de Chr. Geref. Kerk. Daarna is op meerdere synodale vergaderingen over een vereniging gesproken. Eerst vond het spreken over vereniging niet veel weerklank bij de Chr. Gereformeerden. Aanvankelijk werd een afwijzende houding aangenomen. Maar langzamerhand kwamen er meer voorstanders van een vereniging tussen beide kerken. Die beoogde vereniging is inderdaad tot stand gekomen. Vooraf is meer dan eens op kerkelijke vergaderingen over de wederzijdse voorwaarden gesproken. De vereniging werd werkelijkheid op de synode te Amsterdam 17 juni 1892.

Men was echter van de zijde van de Chr. Gereformeerden over het algemeen niet met de vereniging ingenomen. In de plaatselijke gemeenten was er tevoren al roering en het werd gaandeweg duidelijker dat niet alle leden der Christ. Geref. Kerk zouden bewilligen in een vereniging op de toenmaals vastgestelde voorwaarden. Niet omdat zij tegen verenigen waren, maar zij waren tegen deze manier van verenigen. Zij voelden dat dit een compromis en geen vereniging was. En toch werd de vereniging op een formalistische basis doorgezet. In 1892 kwamen de beide groeperingen in generale synode bijeen te Amsterdam. Het vooropgezette doel was: Verenigen ten koste van alles.

Dat niet ieder gerust was op de gang van zaken blijkt wel hieruit dat reeds op de synode van Amsterdam een bezwaarschrift inkwam tegen de vereniging, door ongeveer 700 leden ondertekend. Onder hen waren vier predikanten, nl. ds. Wisse, ds. van Lingen, ds. Wessels en ds. Jonkman. We geven dit bezwaarschrift in de hedendaagse spelling weer:

BEZWAARSCHRIFT

Aan de eerwaarde synode der Christ. Geref. Kerk in Nederland vergaderd te Amsterdam, den 2den juni en volgende dagen.

Eerwaarde Vaders en Broeders in onzen Heere Jezus Christus!

De ondergetekenden, predikanten, kerkeraadsleden en lidmaten van verschillende gemeenten der Christ. Geref. Kerk in Nederland, nemen bij dezen de vrijheid tot uw eerwaarde vergadering te komen met een ernstig bezwaar.

Met belangstelling is door ons kennis genomen van de veelvuldige onderhandelingen, die op achtereenvolgende synodale vergaderingen gevoerd zijn met de kerken in doleantie; en wij vergissen ons immers niet, als wij het hoofddoel van uw tegenwoordig samenzijn achten te wezen de bevestiging van de voorlopige gesloten vereniging op de voorwaarden, die te Leeuwarden vastgesteld en te ‘s Gra-venhage door uw deputaten verklaard zijn.

Tegen die vereniging, op dit tijdstip en volgens deze voorwaarden, richt zich juist met alle aandrang onze bede. Het heil der gemeenten, het ongeschonden bewaren van het beginsel der Afscheiding, het recht der afzonderlijke gemeenten om over haar vereniging met andere te beslissen, de vreze voor scheuring in eigen boezem, dringt ons uw vergadering met alle bescheidenheid, maar daarom met niet minder klem, te verzoeken: broeders! sluit thans nog niet definitief de door zovelen gevreesde vereniging.

Vergunt ons enkele onzer bezwaren in uw midden neer te leggen.

a. Nooit is den kerkeraden verzocht of opgedragen, de vergadering van manslidmaten in de gemeente op te roepen, ten einde al of niet toe te stemmen in de voorwaarden van Leeuwarden en de verklaring, daarvan gegeven, hetgeen toch het onvervreemdbaar recht der gemeente mag gerekend worden, omdat de vereniging alle gemeenten met de kerken in doleantie samenbindt. Wij achten daardoor de rechten der gemeente verkort.

b. In de strijd der laatste jaren bleken de beginselen van Afscheiding en Doleantie met elkander in strijd, vooral in de beschouwing van de Herv. Kerk. Indien dan niet een der twee beginselen in de verenigde kerken aan het andere zal opgeofferd worden, waarvan kan hun samenvoeging dan anders oorzaak zijn dan van twist en eindeloze verwarring?

c. Bezwaarlijk valt het ons, broeders! om voetstoots alle kerken in Doleantie, hoe ook ontstaan, zonder enig onderscheid voor “zuivere geref. kerken naar belijdenis en kerkorde” te erkennen, ja, zelfs te erkennen al haar lidmaten, die zonder enig kerkelijk onderzoek zich in het dupli-caatboek lieten inschrijven.

d. Een ander bezwaar is niet ons geringste. Het is onze vaste overtuiging, dat de wederkerige liefde, die toch bij elk huwelijk, ook bij dat van deze kerkengroepen, een allereerste vereiste is, maar al te veel wordt gemist, en zodanig huwelijk noodwendig bron van betreurenswaardige verwarring en tweedracht zal worden.

e. En eindelijk is het ons een overwegend bezwaar voor gereformeerd te erkennen, wat door voorgangers der dolerende kerken in de laatste tijd in het publiek is uitgesproken en geleerd omtrent wedergeboorte en de Heilige Doop.

Wij achten het overbodig dit nader te ontwikkelen. Om zelfs de schijn te vermijden, dat het ons om personen te treffen te doen zou zijn, noemen wij geen namen.

Er is in ‘t publiek genoeg over geschreven, dat u niet onbekend kan zijn.

Wij bidden u, broeders! neemt onze bezwaren in ernstige overweging, voordat het te laat is, en geeft aan onze bede gehoor. Sluit thans nog niet de door zovelen gevreesde vereniging; geeft althans vooraf alle gemeenten de gelegenheid zich openbaar uit te spreken.

Gods Geest besture uw vergadering in al haar handelingen, tot heil en eenheid der Gemeente Gods en tot eer van Zijn Naam!

Kort samengevat komen de bezwaren tegen de voorgestelde manier van vereniging hierop neer:

1. De plaatselijke gemeenten, de manslidmaten, zijn niet gekend in de zaak van de vereniging.

2. Het beginsel van de Doleantie is in strijd met het beginsel van de Afscheiding in de verhouding met de Hervormde Kerk.

3. Niet alle kerken van de Doleantie kunnen zonder nader onderzoek als zuivere gereformeerde kerken naar belijdenis en kerkorde erkend worden. Dit geldt ook de lidmaten persoonlijk.

4. Het ontbreekt aan wederzijdse liefde, wat bron van verwarring en tweedracht zal worden.

5. Bij sommige voorgangers waren ongereformeerde leringen en voorstellingen openbaar geworden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 april 1992

Bewaar het pand | 12 Pagina's

Na honderd jaren

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 april 1992

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken