Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Meditatie

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Meditatie

De heerlijkheid komt

5 minuten leestijd

“Want wij weten, dat het ganse schepsel tezamen zucht”

Plechtig zijn de verklaringen in Rio de Janeiro ondertekend. Of de milieutop geslaagd is of mislukt, is onzeker. Dit is zeker: heel de schepping blijft zuchten. De oorzaak daarvan zit niet slechts in schoorstenen met giftige uitstoot, in uitlaatgassen van auto’s, in verontreinigende afvalstortingen en lozingen, in de mens die de schepping exploiteert terwille van de consumptie.

U bent geneigd om aan God te denken. God zou niet goed geschapen hebben. God zou ervan de oorzaak zijn. Maar dat is niet waar. “En God zag al wat Hij gemaakt had, en ziet, het was zeer goed.” Een tweede beschuldiging zou kunnen komen. God zou niet wel regeren. Hij voorkomt niet vulkaanuitbarstingen, aardbevingen, cyclonen, droogte, overstromingen, oorlogen, ziektes. Wilt u met uw Maker twisten? Wie is als Hij: wijs en rechtvaardig, de eeuwige God, de HEERE, de Schepper van de einden der aarde, Die noch moede noch mat wordt?

“Zo zij het aardrijk om uwentwil vervloekt”. We moeten bij de wortel van de zaak beginnen, en dat is de zondeval van de mens in het paradijs, het God de rug toekeren, vrijwillig, moedwillig. Hem niet gehoorzamend, de indringende waarschuwing in de wind geslagen. Toen is het zuchten begonnen; het zuchten van heel de schepping, van mensen, dieren, bomen en planten.

Als u op vakantie bent of gaat moet u daarop eens letten. U behoeft niet naar Afrika te gaan om daar te zien hoe mensen sterven van de honger, hoe het vee versmacht van dorst, hoe planten verwelken en bomen afsterven.

‘t Is ook dichter bij huis te zien: de doornen en de distels die het goede zaad verstikken, het ene dier dat het andere opeet, een stervende boom, een loeiende koe bij hevig onweer. Uit heel de schepping kreunt een eenstemmige smartkreet en klacht voortdurend omhoog. En dat... om mijnentwil. Alles vervloekt, onder de vloek, onder het oordeel om mijnentwil. De gevolgen van mijn verlaten van mijn Schepper zijn er voor heel de schepping. Ik heb alles meegesleurd. Ik vergankelijk en sterfelijk geworden, maar door mij ook de onbezielde schepping. Om mijnentwil werd alles van onverderfelijk verderfelijk.

‘t Ware te wensen dat in onze vakantietijd dat “om mijnentwil” zo op ons afkomt dat we - misschien midden in het veld of in het bos - gaan wenen, wenen voor Gods aangezicht, ‘t Zou een gezegende vakantie worden. Want wie voor Gods aangezicht leert wenen, die ontvangt de vertroostingen die er zijn in Christus Jezus.

Paulus weet, de kinderen Gods weten - de oren zijn er voor geopend geworden. Zij horen, zij beluisteren een zuchten van heel de schepping. Dit zuchten is niet slechts een zuchten onder, maar vooral een zuchten naar. Met opgestoken hoofd, reikhalzend ziet heel de schepping uit naar de herstelling; dat de vloek om onzentwil wordt weggenomen, dat er harmonie is, dat alles door de vrede bloeit.

Godverlaters of kerkverlaters zeggen: dit is een droom die nooit werkelijkheid zal worden. Laten we eten en drinken, want morgen sterven wij. Maar door het ongeloof is men doof en hoort men niet, en weet men niet. Die oren heeft om te horen, die hore.

En dezulke weet, weet van het zuchten van de schepping, van het reikhalzend uitzien naar de nieuwe hemel en de nieuwe aarde.

“Wij weten, dat - zo zegt de apostel Paulus - het ganse schepsel tezamen zucht”. Dat zuchten is niet een doodsnik. Het is ook niet een zuchten in wanhoop. O neen - het is als een vrouw die in barensnood is. De barensweeën kondigen aan de geboorte van het nieuwe leven. Barensweeën zijn geboorteweeën. Dus het zuchten van heel de schepping is als geboorteweeën. Het kondigt aan een nieuwe heerlijke geboorte. Het is daarvan profetie.

Paulus hoort in het zuchten van de schepping een profetische klank. Het zegt hem: de volkomen verlossing zal komen, ‘t Is voor hem onwrikbaar vast.

Hij had gesproken over de verlossing, de heerlijkheid voor de kinderen Gods. De zekerheid daarvan ontleende hij aan de verheerlijking van Christus. De verheerlijking van Christus is de waarborg ervan. Die zekerheid hoort Paulus nu ook in het zuchten van heel de schepping. Dat zuchten is voor hem ook een bewijs dat de heerlijkheid komen zal. ‘t Blijft niet zoals het is. Elke dag weer hoort hij in het zuchten van het schepsel de geboorteweeën van het nieuwe dat komen gaat.

Dat nieuwe wordt toch de begeerte van al Gods kinderen. Wie zo het zuchten van heel de schepping hoort, verblijdt zich zeer.

Hoort u niet? Bent u nog doof? Dan wacht u geen heerlijkheid, maar eeuwige verschrikking, eeuwig zuchten, zuchten onder de vloek en de toorn van God. Daar kan en wil de Heere u nog van verlossen. Om u uitzicht te geven op de heerlijkheid die komt.

Het zuchten van de schepping zegt: die heerlijkheid komt. Zonder enige twijfel!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 juli 1992

Bewaar het pand | 12 Pagina's

Meditatie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 juli 1992

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken