Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Nederlandse Geloofsbelijdenis (59)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Nederlandse Geloofsbelijdenis (59)

9 minuten leestijd

Instelling Heilig Avondmaal

Van de Doop naar het Heilig Avondmaal. Ook aan het tweede sacrament wordt in onze belijdenis overvloedig aandacht besteed. Artikel 35 overtreft zelfs in lengte al de anderen. In dat opzicht is er overeenkomst met de Heidelbergse Catechismus: drie Zondagen over het Avondmaal en dat telkens met gemiddeld lange antwoorden.

Het zal niemand verbazen, die iets weet van de strijd in de reformatie-tijd om de tafel des Heeren. Er was de tegenstelling tussen Rome en de reformatie wat betreft de mis. Er waren ook tegenstellingen tussen de reformatoren. Het gaat hier vooral om de controversie met Rome. Guido de Brés heeft de vijandschap wel ervaren tegen wat hij naar zijn diepe overtuiging beleed ten aanzien van deze zaak. Nog geen zes jaar na het opstellen van deze belijdenis werd hij gevangen genomen en in Doornik ter dood veroordeeld. Het officiële vonnis was, dat hij tegen het gebod van de overheid in het Heilig Avondmaal had bediend. Het moet wel tot ons spreken dat niettemin dit lange artikel niet gevuld is met een uitvoerige beschrijving van de Roomse dwalingen en een brede bestrijding daarvan. Daar zoekt deze belijdenis z’n kracht niet in en het behoort ook niet tot de feitelijke bedoeling. Tussen de regels door kunnen we het lezen, hoe ongeestelijk en arm de leer en praktijk van Rome zijn, terwijl er aan het eind een korte passage is, die wat directer spreekt. Het gaat in heel dit artikel om wat het Heilig Avondmaal betekent voor de Kerk des Heeren en wat het levend geloof daarin ontvangen heeft. Zo blijft ook na ruim 400 jaar dit artikel ten volle zijn actualiteit houden. Zo spreekt het ook vandaag bij allerlei verkeerde opvattingen en praktijken ten aanzien van de tafel des Heeren.

Dit laatste zien we gelijk al, als we aandacht geven aan de instelling door Christus.

Verordend en ingesteld

Artikel 35 geeft kort en sober weer, dat het Heilig Avondmaal een instelling van Christus is. “Wij geloven en belijden, dat onze Zaligmaker Jezus Christus het Sacrament van het Heilig Avondmaal verordend en ingesteld heeft..”

Het zal niet onduidelijk zijn, dat onze belijdenis dit zo stelt vanuit de Heilige Schrift. We lezen van deze instelling in de Evangelieën Mattheüs, Marcus en Lucas en in 1 Corinthe 11.

We kennen de geschiedenis. Het gebeurde bij de laatste Pascha-viering van Christus met Zijn discipelen. Tevoren had de Heere Christus hen uitgezonden om het Pascha te bereiden, zodat de maaltijd gehouden kon worden met brood en wijn. Hij beschikt ook op een wonderlijke wijze over de zaal, waar het Pascha gegeten zal worden. Het was gericht op de inzetting van het Heilig Avondmaal in verbondenheid aan het Pascha van Israel.

Terwijl de discipelen aan de maaltijd zijn met Hem, vindt de eigenlijke instelling plaats. Tekenend wordt door de apostel Paulus in 1 Corinthe 11 de tijd weergegeven: “..in de nacht, in welke Hij verraden werd”. Hij neemt het brood en als Hij gedankt heeft zegt Hij: “Neemt, eet, dat is Mijn lichaam, dat voor u gebroken wordt; doet dat tot Mijne gedachtenis.” Daarna neemt Hij de drinkbeker en zegt: “Deze drinkbeker is het Nieuwe Testament in Mijn bloed; doet dat, zo dikwijls als ge die zult drinken tot Mijne gedachtenis.”

Hier worden brood en wijn in verband gebracht met Zijn sterven, dat zo kort na deze maaltijd zal plaats vinden. “Dit is Mijn lichaam..” en “dit is het Nieuwe Testament in Mijn bloed.” Tevens blijkt de verordening om blijvend deze maaltijd te houden: “doet dit tot Mijne gedachtenis.” Het komt ook in Gods Woord uit dat de Kerk des Heeren in de Nieuw-Testamentische bedeling deze instelling gehouden heeft. In Handelingen 2 lezen we van de Pinkster-Kerk: “En zij waren volhardende in de leer der apostelen, en in de gemeenschap, en in de breking des broods en in de gebeden.” Het blijkt ook uit 1 Corinthe 11, dat het een blijvende verordening des Heeren is het Heilig Avondmaal te bedienen. Het is een bevel aan de Kerk, dat geldt voor alle tijden en plaatsen: “..zo verkondigt de dood des Heeren, totdat Hij komt”. Het gaat in dat woord niet alleen om een tijdsbepaling, maar er komt ook in uit dat het Avondmaal spreekt van de toekomst in de volkomen zaligheid, die bereid wordt in de bruiloft des Lams.

Critische Benadering

We zouden hier een punt kunnen zetten en gelijk verder kunnen gaan met de bespreking van het doel van de instelling van het Heilig Avondmaal. Zo doet onze belijdenis het! Toch meen ik, dat het goed is om hier iets meer te zeggen, het is namelijk in onze tijd niet overbodig om in het kort wat op te merken over de schriftgedeelten, waarop we geloven dat het Heilig Avondmaal als instelling van de Koning der Kerk gegrond is.

Onze belijdenis gaat er in de sobere vermelding van de instelling eenvoudig van uit, dat deze schriftgedeelten genoegzaam en waar zijn. Zij wordt niet nader genoemd. Ook valt het op, dat - anders dan in het vorige artikel over de Doop - niet ingegaan worden op het verband tussen het Oude- en Nieuwe Testament.

Vandaag hebben we wél te maken met allerlei critische vragen, die ten aanzien van deze schriftgegevens gesteld worden. Ik denk aan onze jongeren, die bijv. bij het godsdienstonderwijs zulke vragen en opmerkingen kunnen horen. De grote zorg daarbij is, dat een geheel andere voorstelling van het Heilig Avondmaal gegeven wordt, dan Gods Woord geeft.

Men heeft gewezen op de verschillen, die er zijn tussen de evangelisten Mattheüs en Marcus enerzijds én de evangelist Lucas en de apostel Paulus in 1 Corinthe 11:23-26 anderzijds. Het zou om twee verschillende Avondmaals-typen gaan. Ook zijn er die stellen, dat Lucas 22:19, waarin duidelijk het bevel van Christus doorklinkt: “doet dat tot Mijne gedachtenis” niet tot de oorspronkelijke tekst zou behoren. Tenslotte heeft men critiek gehad vanuit de datering van het sterven van Christus, zoals Johannes die in zijn evangelie zou aangenomen hebben namelijk de dag voorafgaande aan het Pascha. Dan zou volgens deze critici het Avondmaal niet ingesteld kunnen zijn bij de viering van het Pascha.

We noemen hier maar énkele critische opmerkingen. Er zouden er veel meer genoemd kunnen worden. Het gaat er om dat we zien, hoe men probeert het Heilig Avondmaal als instelling van Christus te miskennen. Niet zelden dienen zij om de betekenis van het enige zoenoffer van de Heere Jezus Christus, die op zo bijzondere wijze spreekt aan Zijn tafel, te verdonkeren.

Laat het duidelijk zijn, dat we tegen deze critische benadering een hartgrondig “nee” moeten zeggen. Het is voor ieder, die de schriftuurlijke gegevens ten aanzien van het Heilig Avondmaal in het geloof beaamt, ook niet zo, dat we hier met “tegenstrijdige verhalen” te doen hebben. Terecht is het opgemerkt dat het om kleine verschillen gaat in de beschrijving - dat is iets anders dan tegenstrijdigheden - maar dat er in de hoofdzaken overeenstemming is in de betreffende schriftgedeelten. We kunnen die hoofdzaken weergeven:

Allereerst komt de band uit tussen het Pascha en het Heilig Avondmaal. De instelling van het Heilig Avondmaal is de vervulling van het Oud-Testamentische Pascha.

Dán spreekt duidelijk de taal van de offerdood van Christus. Hij geeft het gebroken brood en de vergoten wijn. Daarbij wijst Hij Zijn discipelen op de betekenis van dat brood en die wijn, hoe deze heenwijzen naar Zijn lijden en sterven: “Dit is Mijn lichaam” en “Dit is het nieuwe verbond in Mijn bloed”.

Vervolgens zien we dat er gesproken wordt van de vrucht voor de Zijnen, waartoe Zijn lichaam verbroken zou worden en Zijn bloed vergoten. We kunnen denken aan uitdrukkingen die we in de Evangeliën vinden “hetwelk voor velen vergoten wordt tot vergeving der zonden” of “hetwelk voor u vergoten wordt”.

Ook komt openbaar dat het niet om een maaltijd voor een keer gaat maar om een blijvende instelling.

We willen tenslotte ook niet voorbijgaan aan het uitzicht dat duidelijk in de Schriftgegevens uitkomt. Er is voor de Zijnen een uitzicht op de toekomst, wanneer Hij met de Zijnen de drinkbeker nieuw zal drinken in het Koninkrijk Zijns Vaders.

Ten aanzien van de kleine “verschillen” tussen de evangelisten kunnen we opmerken, dat het doel van de evangelieverhalen niet ligt in het bijhouden van de zaken die gebeuren, maar de volgorde van de tijd. Zo wordt het Woord van Christus aangaande het verraad van Judas bij Mattheüs verhaald vóór de instelling van het Heilig Avondmaal en bij Lucas na de instelling van het Heilig Avondmaal. Ook is het van belang dat we letten op de gang van de Israelietische Paasmaaltijd, waarbij er bijv. sprake is van meerdere bekers.

Uiteindelijk moeten we ook zeggen dat het geloof in Gods Woord ook geen oplossing verkrijgt voor alle vragen, die in zulke verschillen zich kunnen opdringen. Het volle licht zal hier beneden niet opgaan over alle vragen. Het gaat om dat we de Heere leren geloven op Zijn eigen Woord.

De instellingswoorden troostvol

Onze overleden prof. L.H. v.d. Meiden schreef eens in een boekje over het Heilig Avondmaal: “Troostvol zijn de instellingswoorden van het Avondmaal voor allen, die oprecht van hart zijn”. Het gaat dan vooral om de woorden van Lucas 22:20: “Deze drinkbeker is het nieuwe testament in Mijn bloed, hetwelk voor u vergoten wordt”. Zijn dat geen troostvolle woorden voor de oprechten van hart?

De instelling en verordening van het Heilig Avondmaal is zo’n troost voor het ware geloof. Het is ook opvallend dat in onze Heidelbergse Catechismus dat element spreekt ten aanzien van de instelling. Voor die in oprechtheid hongeren en dorsten naar de Heere en die geen zekerheid in zichzelf kunnen vinden, omdat alles tegen hen getuigt, is er een rijke bemoediging in die instelling. Hij verzekert daardoor dat de toepassing van het heil vastligt, beschikt is in Zijn bloed.

Het is een goede zaak om tegen alle bestrijders in deze instelling te verdedigen. We worden er toe geroepen. Echter het gaat om die oprechtheid, die vrucht is van genade voor eigen hart en leven. Dan zullen we steeds meer ontdekken in de woorden van Christus aangaande Zijn tafel gesproken.

Dit artikel werd u aangeboden door: Bewaar het Pand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 januari 1994

Bewaar het pand | 8 Pagina's

Nederlandse Geloofsbelijdenis (59)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 januari 1994

Bewaar het pand | 8 Pagina's

PDF Bekijken