Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Tempel en wet

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Tempel en wet

4 minuten leestijd

.......en stelden valse getuigen, die zeiden: “deze mens houdt niet op lasterlijke woorden te spreken tegen deze heilige plaats en de wet.

Stefanus, één van de zeven diakenen, een man vol des geloofs en des Heiligen Geestes is voor het Sanhedrin geleid. Hij zal zich moeten verantwoorden voor verschrikkelijke dingen, die hij zou hebben gezegd. Zijn aanklagers zijn godsdienstige, oorspronkelijk uit het buitenland afkomstige Joden, die met hem hadden geredetwist over godsdienstige zaken. Maar zij konden niet wederstaan de wijsheid en de Geest, door Welken hij sprak, zo lezen wij in vers 10. En nu moet hij zich dan maar verantwoorden voor de Joodse Raad, waarvoor eens Zijn Meester en Zender Zich ook moest verantwoorden. En de aanklachten die tegen Stefanus worden ingebracht zijn in feite dezelfde, die ook tegen Jezus werden ingebracht. Er worden valse getuigen opgeroepen, die zeiden: deze mens houdt niet op lasterlijke woorden te spreken tegen deze heilige plaats en de wet.

Tempel en wet, of wilt u: kerk en Woord Gods, zijn niet alleen twistpunten tussen kerk en wereld, maar ook in.de kerk zelf, tussen geestelijk en vleselijk Israel, tussen de echte en de schijngelovigen. Dat was al zo onder oud-Israel. Telkens gaat het over tempel en wet bij de profeten en het veruitwendigde bondsvolk, bij Jezus en de farizeeërs, en hier weer bij Stefanus en het Sanhedrin.

En nee: de laster van de valse getuigen bestond niet hierin dat ze zomaar een paar willekeurige punten fantaseerden.

Wat Jezus over tempel en wet zei, was ook inderdaad heel wat anders dan wat de farizeeërs zeiden. En Stefanus beleed wat Jezus en de profeten voor hem al gezegd hadden.

De gemene laster bestond hierin dat ze de bedoeling van Jezus’ woorden en van de prediking van Stefanus verkeerd weergaven. Ze deden het voorkomen alsof Stefanus in het voetspoor van Jezus lasterlijke dingen zei van de tempel en van Gods wet. Maar helemaal ten onrechte! Stefanus streed niet tegen de tempel en de tempeldienst, zoals God die bedoeld heeft en hij streed niet tegen de wet als Gods wet en inzetting. Maar Stefanus streed tegen de afgodische en eigenwillige betekenis die het veruitwendige volk eraan hechtte.

De tempel en de tempeldienst was voor de massa onder leiding van de farizeeën niet meer dan een vrome vorm geworden, waarbij men zich veilig voelde. En de wet had men ongevaarlijk gemaakt door allerlei menselijke uitleggingen en toevoegingen, zodat de onbekeerde mens buiten het doemvonnis van Gods oordeel bleef.

Maar voor Stefanus was de tempel de plaats van Gods heiligheid en van Gods loutere genade. Het offerbloed, dat daar in de tempel vloeide was een prediking van Godswege van de doodschuld van de zondaar en het wees heen naar het verzoenend bloed dat het Lam Gods op Golgotha zou storten en reeds gestort had als de enige rechtsgrond waarop God de doodschuldige zondaar genade kan en wil bewijzen.

En voor Stefanus was Gods wet de kenbron van de ellende, maar om dan als tuchtmeester de veroordeelde zondaar uit te drijven tot Christus. De strijd is vandaag nog niet uitgestreden. Het is waar: als schaduwachtige inzetting heeft de tempel en de tempeldienst voor altijd afgedaan sinds Christus op Golgotha Zijn ziel gegeven heeft tot een rantsoen. Maar de geestelijke zin van de tempeldienst is nog dezelfde. Wie door het geloof met de God van de tempel in aanraking komt, die ontmoet Hem als de Heilige, Die met de zonde geen gemeenschap kan hebben. Die gaat voor die Heilige God door de knieën en komt op de knieën. En die krijgt het zoenbloed van het Offerlam onmisbaar nodig.

Wie met het oog des geloofs bij het licht van de Heilige Geest zichzelf ziet in de spiegel van Gods wet leert zichzelf kennen als een overtreder van al Gods geboden maar om in die weg een geschikt voorwerp te worden voor Christus, Die de wet vervuld om de vloek der wet gedragen en weggedragen heeft.

Het natuurlijk hart verwerpt tempel en wet of het degradeert beide tot een vrome vorm, waarachter het zich veilig waant. Een vermenselijkt Woord en een aangepast evangelie en een wet, die men zo kan plooien dat ze je allerminst neerwerpt en schuldig stelt. Maar God handhaaft Zijn rechten. Wat de dwaze mens ook ondernemen mag. Wat ook een verantwoordelijkheid voor Gods knechten om tempel en wet de plaats te geven zoals God het bedoelt.

Recht om genade, schuld om verzoening duidelijk voorstellen. Dan wordt God op het hoogst verheerlijkt. En de diep-vemederde zondaar gaat Gods grote deugden prijzen.

Dit artikel werd u aangeboden door: Bewaar het Pand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 juni 1994

Bewaar het pand | 8 Pagina's

Tempel en wet

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 juni 1994

Bewaar het pand | 8 Pagina's

PDF Bekijken