Bekijk het origineel

Meditatie

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Meditatie

Troost, troost Mijn volk, spreekt de Heere (5)

6 minuten leestijd

Hij zal Zijn kudde weiden gelijk een herder

In deze lijdensweken volgen wij de Heere Jezus op Zijn lijdensweg, die uitloop op de kruisdood, die van God vervloekt was, want vervloekt was een iegelijk die aan het hout hing.

Wie zal ooit naar waarde kunnen beschrijven, wie God is voor het hart van degenen die door Hem getroost worden? Getroost met Christus, in Wien de Vader Zich volkomen openbaarde als de Herder van Zijn volk. In Christus! De Heere Jezus, de goede Herder! Nietwaar, zo noemt Hij Zichzelf in die zo bekende gelijkenis uit Johannes 10: “Ik ben de goede Herder!” En dan voegt Hij eraan toe: “de goede Herder stelt Zijn leven voor Zijn schapen.”

In tegenstelling met de huurling, die alleen maar bedacht is op eigen lijfsbehoud, zal de echte herder zich met al zijn krachten voor zijn schapen inzetten, al zou het hem ook zijn leven kosten. In zijn jonge jaren heeft David de strijd aangebonden met de leeuw en de beer, die de kudde van zijn vader bedreigden. En David heeft ze verslagen en heeft er zelf het leven afgebracht. Maar Davids grote Zoon, de Heere Jezus Christus, was niet alleen bereid om desnoods voor Zijn schapen te sterven, maar als de Goede Herder is Hij ook voor hen gestorven. Alleen in die weg kon Hij Zijn schapen het eeuwige leven geven, zodat ze niet verloren zouden gaan in eeuwigheid.

Want de schapen, die Zijn hand wil leiden, waren zondaren, moedwillig van

God afgevallen Adamskinderen, en daarom onderworpen aan Gods vloek, aan de eeuwige dood. Maar om hen als bruid te werven, kwam die Goede Herder ten hemel af en Hij was het, die door Zijn sterven aan hen het leven gaf.

Gedreven door een liefde, die nooit te peilen is, voldeed Hij aan het recht van God, is Hij tot zonde gemaakt, begaf Hij Zich onder Gods toorn en vloek. Al Gods baren en golven zijn over Hem heengegaan. Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten? En Hij deed het zo helemaal gewillig: de drinkbeker, die Mij de Vader gegeven heeft, zou Ik die met drinken? Hij deed het plaatsbekledend: Ik voor u, daar gij anders de eeuwige dood zoudt moeten sterven! Hoor toch doe Goede Herder spreken tot de bende in de hof, met hun zwaarden en stokken: “Indien gij dan Mij zoekt, zo laat dezen heengaan!” Dezen: dat zijn de schapen, Hem van de Vader beloofd en gegeven, als loon op Zijn Borgwerk.

Wat zijn Gods kinderen duur gekocht. Welk een prijs is er voor hen betaald! Maar wat ligt hun zaligheid nu ook eeuwig vast. Gekocht en betaald met de prijs van Zijn bloed zijn ze nu het wettig eigendom van de Goede Herder, Die Zijn schapen en lammeren en zogenden leidt en weidt, om ze tenslotte allen te voeren naar de hemelse schaapskooi, waar ze eeuwig leven en overvloed hebben.

Kent gij reeds de goede Herder? Met die vraag sloten we onze vorige meditatie af. U gevoelt toch, dat het daarom gaat voor ieder van ons persoonlijk. De Heilige Geest, de grote Trooster, troost met Christus, de goede Herder. En het ware ons beter nooit geboren te zijn, dan die enige troost in leven en in sterven te missen. Wanneer u de meditaties hebt gelezen, zegt u misschien bij uzelf: och, ik heb er niets nieuws in kunnen ontdekken. Het waren allemaal voor mij bekende klanken en woorden, die ik al zo dikwijls heb beluisterd en gelezen. Maar het raakt mijn hart niet, en het heeft nog nooit mijn hart geraakt. Verstandelijk stem ik het allemaal wel toe, maar de droefheid naar God is mij vreemd en voor de enige troost is er dan ook bij mij geen plaats.. Ik heb er ook geen behoefte aan om er doekjes om te winden of om mij vromer voor te doen dan ik ben!

Meent u het? Dan is het tenminste eerlijk. Maar wel vreselijk!

Troost, troost Mijn volk, spreekt de Heere. Maar we roepen u toe: treurt en weent: uw lachen worde veranderd in treuren en uw blijdschap in droefheid! Bedenk uw zonde en vervloeking! Eer God de zonde ongestraft zou laten, heeft Hij ze gestraft aan Zijn lieve Zoon. Lees dan aan het lijden van de Borg eens af, hoe verschrikkelijk de zonde is in Gods heilige ogen, en hoe verschrikkelijk het dan ook moet zijn om straks buiten Christus voor die God te verschijnen. En dat ogenblik kan zomaar daar zijn. Alle vlees is als gras en al zijn goedertierenheid als een bloem des velds. En daarom: heden, zo gij Zijn stemme hoort! Morgen zou het te laat kunnen zijn.

Nee, uw strijd is niet vervuld, maar ze duurt nog steeds voort: uw strijd tegen God en Zijn Gezalfde; uw ongerechtigheid is niet verzoend, maar ze is nog altijd op u; en ge zult uit Gods hand dubbel vergelding ontvangen voor al uw zonden! Althans: wanneer het zo blijft: wanneer u zo blijft. Maar laat het niet zo blijven. Het kan niet, het mag niet, het hoeft niet!

We hebben toch te doen met een God, die geen lust heeft in onze dood, maar in onze bekering en in ons leven. Toon Hem eens uw gedoopte voorhoofd! HEERE, bekeer Gij mij, zo zal ik bekeerd zijn! Hij laat geen bidder staan! Kent gij reeds de goede Herder? Kent u Hem echt, met een ware geloofskennis? Kent u Zijn stem? Hebt u Hem liefgekregen boven alles? Hij kent degenen, die de Zijnen zijn. En eens zal Hij komen om de schapen van de bokken te scheiden. Niemand bedriege zichzelf! HEERE, doorgrond mij, en ken mijn hart: beproef mij en ken mijn gedachten!

Tenslotte: de Heere HEERE zal Zijn kudde weiden gelijk een herder; Hij zal de lammeren in Zijn armen vergaderen en in Zijn schoot dragen; de zogenden zal Hij zachtjes leiden.

Zalig de schapen van deze Herder! De Heere is mijn Herder; mij zal niets ontbreken! Niets!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 maart 1996

Bewaar het pand | 8 Pagina's

Meditatie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 maart 1996

Bewaar het pand | 8 Pagina's

PDF Bekijken