Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Meditatie

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Meditatie

Hemels onderwijs

5 minuten leestijd

“en onderricht Gij mij”

Job, nog zittend op de ashoop, spreekt. Hij vraagt zijn God om onderwijs, ‘t Was eerst God Die Job om onderwijs vroeg. God had tot Job gesproken: “gord nu, als een man, uw lenden, zo zal Ik u vragen, en onderricht Mij”.

‘t Is u bekend dat Jobs vrienden meenden te weten waarom Job op de ashoop terecht was gekomen. God doet de dingen niet zo maar. Er was oorzaak voor. Job zou gezondigd hebben. Daarom moest Job schuldbelijdenis doen. Elifaz en toen vooral Bildad dreven de zaak op de spits. En toen zijn de stoppen bij Job doorgeslagen. Job heeft gezegd dat hij het klachtenboek van zijn tegenpartij als een kroon op zijn hoofd wilde binden en zo als een vorst tot God wilde naderen. De Almachtige moest hem antwoorden. God zou verantwoording moeten afleggen. Zo ging Job boven God staan. Hij heeft zichzelf meer gerechtvaardigd dan God. Dat hij opkwam voor zijn onschuld was goed. Tegelijkertijd had hij moeten spreken over zijn zon-daar-zijn. Nu leek het erop alsof Job geen Adamskind was. ‘t Gevolg daarvan was dat hij God beschuldigde. Toen is de wijze Elihu aan het woord gekomen. Hij heeft gezegd dat God meerder is dan de mens. Elihu onderstreepte de almacht en de rechtvaardigheid van God. Hij heeft gesproken over de volmaaktheid van God: God is volmaakt ook wanneer Zijn wegen zo onbegrijpelijk zijn. Daarna is Jobs mond dicht gegaan. Hij had geen enkel weerwoord meer. In dat zwijgen van Job kwam God. O neen - Hij legde niet als een vader Zijn hand op het moede hoofd van Job. Zijn openbaring was goddelijk, majestueus. Dat, dat had Job nodig. God sprak vanuit een onweder. Als toen op de Sinaï: “Een Sinaï omringd van bliksemstralen”. O hoe groot, hoe vreselijk zijt G’alom, uit Uw verheven heiligdom! Als de grote, de majestueuze God heeft Hij Job gevraagd om onderwijs van Job te mogen ontvangen. Heilige ironie. Job scheen alles toch zo goed te weten? Daarom: “Job, onderricht gij Mij”. God zou niet weten. Zijn schepsel zou Hem moeten onderrichten!

In onze tekst is het andersom. Job vraagt om hemels onderwijs. Hij is op z’n plaats gekomen. Niet meer boven God, maar onder God. Niet meer wetend, maar onwetend.

God had gevraagd: Job, waar waart gij toen Ik alles heb geschapen? God heeft gesproken over heel gewone dingen. Hij sprak over de behemoth en over de leviathan. Toen is Jobs mond dichtgegaan. Nu ziet hij God zoals God is. Straks verfoeit Job zichzelf, en heeft hij berouw in stof en as. Eerst belijdt hij zijn onwetendheid. Hij dacht te weten. Hij is er achter gekomen dat hij niets weet. Hij is weer leerling geworden op Gods school: “onderricht Gij mij”. Wie minder wil of die meer wil, is helemaal fout.

Er zijn wat wetende mensen! Men zegt: ja maar - hij of zij kan het weten. Derhalve maakt men tot paus, men aanbidt en men verheerlijkt. De oorzaak van alle polarisatie, het staan tegenover elkaar zit in het weten. Men schijnt alles te weten. Men vecht voor eigen gelijk. Men weet precies hoe God bekeert, welke wegen de Heere gaat. Men kan zeggen wie bekeerd wel en wie niet, welke Avondmaalgangers de ware zijn en welke niet. Ook vandaag zijn er de Sofars, de Elifazzen en de Bildads. Ze weten helemaal waarom God dit en dat doet in het leven van een ander. Er zijn ook de Jobs die God willen onderwijzen. Omdat ze menen dat God de dingen verkeerd doet.

Wat weten we nu eigenlijk van onszelf? De Bijbel zegt dat we blind zijn in ’s hemels wegen, dat we niet-weten-de mensen zijn geworden. Weten we van onszelf dat we arm zijn en blind en jammerlijk? Kennen we vanuit onszelf onze doodslaat, ons dood-zijn in zonde en in misdaden? Kennen we uit onszelf hoe groot onze zonde en ellende zijn? Weten we van onszelf hoe we verzoend, gered, behouden en gezaligd kunnen worden? Kennen we vanuit onszelf de enige, ware God en Jezus Christus Die Hij gezonden heeft? Daar is die wondere genade van de Heere: Hij brengt op Zijn school, op de school van de Heilige Geest. En op wat daar geleerd wordt, kan men zich nooit verheffen. Heel dat onderwijs is enkel genade. Wie van die school spijbelt of wegloopt of meent alle klassen te hebben doorlopen en uitgeleerd te zijn, wordt opgeblazen en blijft in wezen dom, geestelijk dom. O zeker -de Heere kan bevorderen, maar je kunt ook doubleren of zelfs teruggezet worden. Zelfs van de zesde klas naar de eerste klas. De Heere heeft een hardleers volk. Ze kunnen zo spoedig de lessen vergeten.

Er is terecht gezegd: hoe meer een mens aan de weet komt des temeer zegt hij: ik weet nog zo weinig. Zo is het met elke wetenschap. Zo is het ook op de school van de Heilige Geest. Nu bidt u Job na: “Heere, onderricht Gij mij”? Zo openbaart zich genade. Dan begeren we door de hemel zelf geleerd te worden. Leerling te worden en leerling te blijven - dat is ware bekering. “Zij zullen allen van God geleerd zijn, de groten en de kleinen”. Hier is Gods toezegging aan mensen die niets weten. Geadresseerd aan u. “Wie Hem nederig valt te voet, zal van Hem Zijn wegen leren”. Wat een genade die hemelse lessen. Nooit kun je e rmee boven de ander uit. Alleen de ander ermee dienen, dienen tot zijn eeuwige zaligheid.

Dit artikel werd u aangeboden door: Bewaar het Pand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 oktober 1996

Bewaar het pand | 8 Pagina's

Meditatie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 oktober 1996

Bewaar het pand | 8 Pagina's

PDF Bekijken