Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Meditatie

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Meditatie

Danken

5 minuten leestijd

“Dankt God in alles”

De apostel Paulus spreekt. Als dienstknecht van de Heere maakt hij bekend de wil van God. God wil dat Hij gedankt wordt in alles.

‘t Is dankdag voor gewas en arbeid geweest. Er mocht oogst zijn. In de zaaien pootperiode waren er zorgen. Landbouwers keken bezorgd. Wat was het droog, en de droogte bleef aanhouden. Toen zei men: er komt niets van terecht. Toch - de Heere gaf regen. De velden hebben wel gedragen. Er is overvloed. De gebeden opgezonden op de biddag bij de aanvang van het seizoen, zijn rijk verhoord.

God heeft onderscheid gemaakt, terwijl er geen onderscheid is. Op andere plaatsen in de wereld alles verdroogd. Er kwam geen oogst. Weer honger, en sterven van de honger. Mannen, vrouwen en kinderen. Moet het ons niet verbazen dat wij zoveel hebben? Dat de Heere ons zo gezegend heeft? Wal geschiedt er allemaal niet in Nederland? Wat een zonde; wat een ongerechtigheid. Als kerkmens raken we er aan gewend dat het zo is. Maar het is niet gewoon! Hoe wordt God onteerd! Daarom moet het ons verbazen dat de oordelen niet gekomen zijn, dat Gods toorn niet over Nederland werd uitgegoten. Verder nog. Want het oordeel begint niet vanuit de wereld. Dat begint vanuit het huis Gods. Ik denk dat wi j groter zondaar zijn dan al die anderen. Wij hebben zoveel kerken, plaatsen waar de heilige wet van God gelezen wordt. Wij als kerkmensen zondigen altijd tegen beter weten in. Ach - hoeverre wordt Gods wet niet overtreden in de kerk. En dan toch zo gezegend. Spijze en drank in overvloed.

Niemand van ons zal sterven vanwege honger. Waarlijk - het zijn de goedertierenheden van de Heere dat we niet vernield zijn.

Hebben we in verwondering over zoveel goedheid van de Heere dankdag gehouden? Was er nog een verbroken hart en verslagen geest? Was er nog bekering? Er staat immers in de Schrift dat de goedertierenheden van de Heere tot bekering leiden?

‘t Gaat echter niet om één dankdag per jaar. ‘t Gaat ook niet alleen over gewas en arbeid. Het woord “dankt” van “dankt God in alles” staat in de tegenwoordige lijd. Het geldt dus voor vandaag, voor elke dag weer. Zolang we hier zijn; zolang de Heere ons bij het leven bewaart. Elke dag weer komt dat woord tot ons: “dankt God”. Wat een stof om te danken is er elke dag weer. Hij, de Heere, overlaadt ons dag aan dag met Zijne gunstbewijzen.

Wij zijn onnut geworden; we beantwoorden niet meer aan het schep - pingsdoel. We hebben alles verbeurd, alles verzondigd. Elke dag stapelen we de zonde op; elke dag vermeerderen we onze schuld. Hoe bekeerd ook door Gods genade we blijven tot het sterven toe zondaar. Daarom - God kan ons rechtens alles onthouden. Tot zelfs dat koekje bij de thee: tot zelfs dat ene slokje water.

Dat we zoveel hebben is alleen te danken aan Christus, aan Zijn werk, aan Zijn verdienste. Omdat Hij gehongerd heeft en gedorst, ‘t Heeft God Zijn enige Zoon gekost om ons te kunnen verzorgen, ‘t Heeft Christus Zijn bloed en Zijn leven gekost opdat wij spijze en drank zouden hebben. Al die overvloed die we vandaag hebben is alleen te danken aan Christus. Hij heeft dat alles verworven.

Kunt u het nu begrijpen dat de apostel zegt: “dankt God”. Kunt u het nu begrijpen dat dit de wil van God is?

Wat een ondankbare mensen zijn we toch! Moeten we niet schaamrood worden? Moet het ons niet tot schuld worden? Dat we ons dan nu buigen in het stof en ons verootmoedigen!

God wil een dankend leven. O neen - niet alleen dat. Het voorgaande vers zegt: “bidt zonder ophouden”. Bidden en danken zullen hand in hand moeten gaan in het leven van een christen. Beide worden geleerd door de Heilige Geest.

Hebt u geleerd dat het danken zo moeilijk is. Hebt u gemerkt dat u zo moeilijk in het danken uw hart kan meekrijgen. Er is de dankende Hogepriester! Zijn dankzegging is volmaakt. Leer om te schuilen achter hem!

Nu staat er in onze tekst nog bij: “in alles”. “Dankt God in alles”. Dat betekent in, onder alle omstandigheden. Misschien is er tegenspoed. De gezondheid die te wensen overlaat. De afbraak van het lichaam. Misschien zonder werk; werkloos geworden. Misschien een zwaar kruis te dragen gekregen. Zorgen, verdriet, eenzaamheid. Het kan zo zijn dat u zegt: hoe zou ik God kunnen danken. Ik heb alleen maar te klagen. Wel - dan wensen we elkaar toe het beleven van het verdiend hebben van tijdelijke straffen en zelfs de eeuwige straf. Zie - dan leer ik alles wat ik nog heb te tellen als zegeningen. Jeremia zong zelfs zijn danklied op de puinhopen van Jeruzalem! De vernieling waardig en nu toch niet vernield. Inderdaad - dan wordt zelfs het kleinste groot! “Dankt God” - zie hier de opdracht van de Heere. Hebt u van de Heere bijzondere stof om te danken ontvangen? Ik bedoel de geestelijke weldaden? Ook die kan en wil de Heere geven. Daardoor wordt het straks eeuwig danken.

Dit artikel werd u aangeboden door: Bewaar het Pand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 november 1996

Bewaar het pand | 8 Pagina's

Meditatie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 november 1996

Bewaar het pand | 8 Pagina's

PDF Bekijken