Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Opening middagbijeenkomst

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Opening middagbijeenkomst

Twee getuigen

6 minuten leestijd

En Ik zal Mijn twee getuigen [macht] geven, en zij zullen profeteren duizend tweehonderd zestig dagen, met zakken bekleed.

Om het Woord Gods en het getuigenis van Jezus Christus is Johannes verbannen op Patmos. Hij ziet dat de zegels van het geschiedenisboek worden opengebroken. Maar voordat het eindoordeel komt en op de laatste bazuin geblazen zal worden ontvangt Johannes van de engel een klein boekje. Opnieuw wordt een deel van de Raad van God hem bekend gemaakt. Wanneer God Zijn Raad bekend maakt, zijn dat zoete woorden. Wanneer Gods recht en genade verkondigd worden, dan kan het niet anders of een ziel smelt daar onder weg. Als Gods gena en waarheid worden ontmoet dan is er blijdschap. Hoe is het mogelijk dat de Heere naar zulk een heeft omgezien! Dan wordt de vrede met een kus van het recht begroet. Maar de uitwerking heeft bittere gevolgen. Geen kroon zonder kruis. Door lijden tot heerlijkheid. Het eindoordeel komt. Christus als de getrouwe Getuige heeft bitterlijk geweend toen Hij het oordeel zag komen en Zijn genade prediking werd afgewezen. Maar voor dat het wereldeinde er zal zijn geeft de Heere nog een tijd van voorbereiding op het einde. Johannes ontvangt een rietstok om de tempel Gods te meten. Het oude tempelcomplex te Jeruzalem bestond helaas niet meer. Wat kan dat een verdriet doen als de luister van het oude is voorbij gegaan. Maar dit gezicht is niet gegeven om te treuren over wat niet meer is. Het gezicht bevat juist zoveel troost omdat het verkondigt hoe het met Gods kerk in de toekomst zal gaan. Er zal een gemeente van de levende God zijn. Christus zal Zijn kerk bewaren. Hij zal ze afschutten van het voorhof der heidenen. Die buiten de tempel zijn. zullen vergaan. Dat is het terrein wat aan de heidenen is overgegeven. De wereld zal opkomen en de heilige stad vertreden. De uitwendige godsdienst zal de kerk binnen dringen. Hoe zal de ware Kerk dan staande kunnen blijven? De Koning van de Kerk zal Zijn twee getuigen daartoe de kracht geven. Er zijn veel voorbeelden uit de Schrift te noemen waaraan we kunnen zien dat de Heere aan Zijn kinderen getuigenis heeft gegeven in de strijd. Denk maar aan Habel en Henoch in de eerste wereld. Op weg en reis naar het beloofde land geeft de Heere in Mozes en Aaron getrouwe getuigen aan een ontrouw volk. En in de tijd als het volk de afgoden dient zendt de Heere Zijn profeten Elia en Elisa. Het is duidelijk dat het getuigen van Christus zijn. De Zone Gods spreekt hier. We moeten daarom niet denken aan de getuigen die er geweest zijn. Alsof Zijn hand nu verkort zou zijn. Integendeel. Er zullen ook in het laatste der dagen twee getuigen zijn. Dat is niet veel, maar wel genoeg. Ze staan in ieder geval niet helemaal alleen. Want in de mond van twee getuigen zal immers alle woord bestaan. Tot de jongste dag zal God in Zijn gemeente predikers geven die de heerschappij van de boze zullen tegenstaan en die de afgoderij zullen aanwijzen. Laten we echter nu niet naar een ander kijken. Laten we niet zeggen die heeft het niet of is geen trouwe getuige. Maar laten we ons onderzoeken of Gods Geest met onze geest getuigt. De kanttekening op vers I zegt namelijk, wie die getuigen zijn. Dan worden er twee zaken genoemd. Zij leren allereerst de noodzakelijkheid van het brandoffer altaar. Denk aan de tollenaar die van verre stond en zijn ogen niet durfde opheffen. Hij heeft gebeden: o God wees mij arme zondaar genadig. De getuigen van Christus hebben dagelijks Zijn bloed ter verzoening nodig. Niet eigen verdiensten, maar Christus en Zijn offer alleen is de eerste oorzaak van hun verzoening. Daar waar het Woord der verzoening recht wordt gepredikt daar vindt het weerklank door het werk van de Heilige Geest. Waar het bloed van Christus drupt worden zijn getuigen macht gegeven. Dat is het eerste: het getuigenis van het volbrachte werk van de Zone Gods.

Het tweede waar die getuigen aan te herkennen zijn is dat ze leven bij het gouden wierook altaar. Ze zijn ware bidders geworden. De enige God kunnen ze alleen aanroepen door de enige Middelaar Gods. Bidden vanuit de verslagenheid over zonden en schulden. Als armen, onwaardigen.

Ontbreekt het in onze kerken aan deze twee zaken? Christus heeft aan Zijn twee getuigen macht gegeven. Macht is niet hetzelfde als kracht of geweld. Macht wordt genormeerd door het recht. Kracht kan bruut onrecht zijn. De macht die Christus geeft verwacht het niet van zichzelf. Gegeven macht schuilt geheel weg achter Christus. In Zijn Naam en op Zijn gezag spreken ze in de gelegenheden die Hij geeft.

De Heere geeft nog dat we onder Zijn getuigenis zondags mogen opkomen. Maar zoeken we het ook in de week? Om Zijn Woord biddend te onderzoeken? Daar ligt de macht van de Kerk. Daar alleen, maar daar ook voor allen die het getuigenis mogen bevestigen met hun leven. De kanttekening wijst naar plaatsen waar de getuigen vertre den werden en op de brandstapels werden gedood. In de achterliggende maanden hebben we de plaatsen bezocht waar in 5 jaar tijd meer dan 300 bloedgetuigen van Christus gedood zijn. Maar de geschiedenis verhaalt dat voor ieder gedode getuige er 100 gewonnen werden voor de zaak van Christus. Ontroerende getuigenissen zijn bewaard gebleven. Te midden van de pijn werd getuigd tot elkaar: ‘heb goede moed, we zullen een vreugdevol en zoet avondmaal hebben. Credo. Welkom kruis van Christus. Mijn geest verheugt zich.’ En we hebben ze gesproken. Enkelingen in verhouding met de wereld. Maar die door genade nakomelingen waren. Die ten eerste het verzoenend werk van Christus kenden en ten tweede daar biddend bij leefden. Twee getuigen. Het Gods getuigenis stelt hen schuldig. Ze gaan in rouwgewaad gekleed. Maar voor hen zal de tijd van de verdrukking plotseling worden afgebroken. Dan zal hun zak ontbonden worden. Hun weeklacht en geschrei zullen dan veranderen in een blijde rei. Zullen we er bij mogen horen? Buig dan en neem nog de toevlucht tot dat verzoenende bloed.

Behoeftig volk in hunne noden, in hun ellend en pijn. Gans hulpeloos tot Hem gevloden, zal Hij ten Redder zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 oktober 1998

Bewaar het pand | 12 Pagina's

Opening middagbijeenkomst

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 oktober 1998

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken