Bekijk het origineel

Kennis en kennen is twee

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Kennis en kennen is twee

5 minuten leestijd

Onkunde is verwerpelijk

Het behoeft geen betoog dat onkunde wél een vruchtbare akker is voor het zaad van de leugen, maar níet voor het zaad van de waarheid. Onkunde is de dochter van het ongeloof. Wie geen kennis van de leer der godzaligheid heeft, kan de geesten niet beproeven. En dat is een bijbelse opdracht! “Beproeft de geesten of zij uit God zijn, want vele valse profeten zijn uitgegaan in de wereld” (1 Joh. 4:1b). Wij, kerk-mensen dienen met de “geest des onderscheids” begiftigd te wezen. Zo niet, dan hebben wij er de Heere vurig om te bidden en tegelijkertijd de Schrift en de belijdenisgeschriften te bestuderen.

Onze plicht

Het is onze plicht de Naam van de Heere te belijden. Hoe zou dat kunnen als wij Hem, de Christus der Schriften, niet eens verstandelijk kennen. Dat dit laatste niet genoeg is, zullen we zo vernemen. Evenwel kan het ook niet gemist worden. U begrijpt dat we geen pleidooi voeren voor een minimum aan kennis van de Bijbel. We moedigenjong en oud aan om de Schriften te onderzoeken. Catechese is van groot belang. Wie de stof van de geloofsleer niet goed in zich opneemt, kan de prediking nauwelijks volgen.

De noodzaak van kennis

Om te kunnen geloven is kennis nodig. De apostel zegt: “Hoe zullen zij in Hem geloven van Welken zij niet gehoord hebben?” (Rom. 10:14m).

Toch is de kennis die de catechismus in Zondag 7 bedoelt meer dan de historische kennis. Zeker, het is een zegen en een dure verplichting aan onze zijde om alles wat de Bijbel zegt te geloven.

Maar deze uiterlijke instemming werkt ten diepste niets uit.

Historische kennis is niet genoeg

Met de historische kennis kan men weten dat wij van nature kinderen des toorns zijn, maar het raakt onze harten niet. Zelfs die kennis kan een grond van zorgeloosheid worden om op te rusten. We kunnen zo tevreden zijn met onze kennis omtrent de Christus der Schriften én dat terwijl we niet echt Hem met ons hart begeren, zoeken en kennen. Dan gaan we, helaas, met al onze kennis toch nog verloren. Hoe is het anders te verklaren dat iemand weten kan een kind des toorns te zijn, op reis te zijn naar Gods rechterstoel en toch rustig verder kan leven zonder de geborgenheid in Christus.

Voorbeelden

De rijke jongeling beleed zijn begeerte om meer te weten, opdat hij vervullen mocht, wat aan zijn gehoorzaamheid ontbrak. Daarom ging hij naar Christus. En nochtans hoe ver hij ging; hij ging niet ver genoeg. Hij was niet meer dan bijna een christen. Hij verliet Christus en had zijn bezittingen lief.

Als we letten op de dwazwn maagden, dan zien we dat zij nauwelijks te onderscheiden zijn van de wijze maagden. Zij deden hun plichten; zij gingen uit de Bruidegom tegemoet. Dit wijst op hun hoogachting van Christus. Ze hoopten met de Bruidegom in te gaan, maar de Heere kende hen niet. Ze waren geen gekenden! Zij kenden de Heere Jezus niet vanuit de wezenlijke ontmoeting met Hem! Ze hadden genoeg aan hun godsdienst, aan hun godsdienstige kennis!

Het kennen van het geloof

Het ware geloof neemt de hele mens in beslag, met al zijn functies van hoofd, hart en hand. Heel de mens wordt overwonnen door de waarheid Gods. Dit kennen is vrucht van de verlichting van de Heilige Geest. Wij beginnen dan anders te denken over God, onszelf en Christus. Een oude schrijver zegt: “Wij leren dan God kennen in Zijn dienenswaardigheid, onszelf in onze vloekwaardigheid en Jezus in Zijn dierbaarheid”. Dit kennen maakt ons hart naar God bedroefd en doet in het geloof de toevlucht nemen tot Christus.

Groei in het kennen

Als het geloof recht functioneert, is er groei in het kennen van de Heere en Zijn Woord. Dat zijn we niet tevreden met de eerste beginselen van de grondwaarheden. Dan staan we naar het ondervinden van de kracht van de beloften Gods. Dan willen we de Heere Jezus kennen in Zijn alles over-klimmende liefde. Dat kennen is niet los te maken van het vertrouwen.

Het vertrouwen van het geloof

Het geloof stelt Christus op hoge prijs. “U dan die gelooft, is Hij dierbaar” (1 Petr. 2:7). Hebben wij zo’n hoogachting voor Christus? Als dat zo is, worden we door de Heilige Geest steeds meer naar de Heere uitgedreven. We leren Hem te vertrouwen op Zijn Woord. In de psalmen komen we dat voortdurend tegen. Er wordt gesproken over mijn Heil, mijn Toeverlaat, mijn Steenrots en mijn Burcht. Door het geloofsvertrouwen werpt een gelovige zich aan Jezus’ voeten. Vertrouwt u zich onvoorwaardelijk vanuit het kennen van het geloof aan de Heere toe? “Die Uw Naam kennen, zullen op U vertrouwen, omdat Gij, HEERE, niet hebt verlaten degenen die U zoeken” (Ps. 9:11). Zalig kennen en vertrouwen, gewerkt door de Heilige Geest.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 april 1999

Bewaar het pand | 8 Pagina's

Kennis en kennen is twee

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 april 1999

Bewaar het pand | 8 Pagina's

PDF Bekijken