Bekijk het origineel

Jezus voor Pilatus (2)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Jezus voor Pilatus (2)

5 minuten leestijd

.......en zeide tot Hem: Zijt Gij de Koning der Joden?

Nog eens: Jezus voor Pilatus! Jezus, de Aangeklaagde, voor de rechter Pilatus. Een drietal beschuldigingen hebben de Joden tegen Jezus ingebracht. In Lucas 23:2 worden ze opgesomd. In de eerste plaats zou Hij het volk verkeerd, afgekeerd, uit de koers gebracht hebben. Verder zou Hij Zijn volgelingen hebben verboden om de keizer schatting te betalen. Wel een heel brutale leugen. Jezus had immers zo uitdrukkelijk gezegd: geef dan de keizer wat des keizers is en Gode wat Gods is. En hun derde aanklacht was dat Hij zeide Zelf Christus, de Koning te zijn. En op deze laatste aanklacht haakt de stadhouder in, en Hij stelt Jezus de vraag: “Zijt Gij de Koning der Joden?” Immers, in dat geval zou deze Man staatsgevaarlijk kunnen zijn. Nee, Pilatus was daar niet echt bang voor. Hij wist dat de Joden Jezus uit nijd aan hem hadden overgeleverd. Maar toch, op deze vraag zal deze Jezus van Nazareth moeten antwoorden. En daarom: “Zijt Gij de Koning der Joden?” En Jezus, Die zweeg op alle valse beschuldigingen, gaat op deze wettige vraag van de stadhouder in. En we luisteren naar Zijn antwoord: “Mijn koninkrijk is niet van deze wereld. Indien Mijn koninkrijk van deze wereld was, zo zouden Mijn dienaren gestreden hebben, opdat lk de Joden niet overgeleverd ware, maar nu is Mijn koninkrijk niet van hier.”

O nee, Jezus is geen concurrent van de keizer van Rome. Hij is geen aardse vorst, want Hij is van een andere orde. Hij is een hemelse Koning. Als Hij het had gewild, dan hadden hemelse legioenen voor Hem kunnen strijden. Nog in de afgelopen nacht had Hij met één machtwoord die tierende bende achterover laten vallen. Zo vol van vermogen is de Man van smarten. Maar nu wil Hij dulden, dragen, lijden. Want Hij wil Borg zijn! Toen Petrus Hem wilde verdedigen door met het zwaard te slaan, had Hij gezegd: “Steek uw zwaard in de schede; want allen die met het zwaard slaan, zullen door het zwaard vergaan!” Nee, Hij heeft geen leger en geen politie-apparaat of iets dergelijks. Zijn rijk is geestelijk van aard. Zijn rijk is van Boven, geestelijk en eeuwig. Hier, voor Pilatus lijkt het er niet veel op dat Hij een Koning is en dat Hij een koninkrijk heeft. Maar het is toch waar! Zijn rijk is er al, door de Heilige Geest gesticht in mensenharten. En eens, aan het einde van de wereldgeschiedenis zal de triumfzang klinken: Nu zijn de koninkrijken der wereld onzes Heeren en van Zijn Christus geworden! O ja, Jezus is waarlijk Koning! Hij heeft een troon, een troon der genade, waar onwaardige smekelingen hun verzoekschriften neerleggen om geholpen te worden ter bekwamer tijd. En zij ervaren het dat Hij een goedertieren Koning is. Hij heeft Zijn herauten, die voor Hem de weg bereiden. Hij heeft Zijn getuigen die hun leven niet liefhebben voor zichzelf. Koning Jezus! Straks wordt de doornenkroon op Zijn hoofd gedrukt en de rode soldatenmantel om Zijn schouders gehangen: een Spotkoning! Maar over enkele uren de Kruiskoning, Die het overwinnend uitroept: “Het is volbracht!” En over enkele dagen: de Paas-Koning, Die dood en graf en hellemacht heeft overwonnen. En over enkele weken: de Hemelkoning, Die woont in het hemelse paleis, in het Jeruzalem dat boven is. De Koning van Zijn duur-gekochte kerk, die Hij beschermt en bewaart tegen al Zijn en haar vijanden. Want Hem is gegeven alle macht in hemel en op aarde. “Mijn koninkrijk is niet van deze wereld”, zegt Jezus. Dat moeten ook Zijn onderdanen leren: niet van hier, maar van Boven geboren! Van Boven geboren om voor die gezegende Koning te buigen, om in het rijk van deze Koning in te gaan, om de wapenrok van deze Koning te dragen. Wel in de wereld, maar niet meer van de wereld. En daarom: Ik ben, o Heer’ een vreemdling hier beneên; Laat Uw geboön op reis mij niet ontbreken. Komt, werden we al een onderdaan van Koning Jezus? Werden we al ingewonnen voor Zijn dienst, zodat ze ons een liefdedienst is geworden? Wee ons, wanneer wij nog altijd de teugels van ons leven in eigen handen willen houden! Wee ons, wanneer wij blijven volharden in onze vijandschap: wij willen niet dat Deze Koning over ons zij! Wanneer wij het hier niet van Hem leren verliezen, zullen wij het eeuwig verliezen! Buigt u dan in het stof! “Mijn koninkrijk is niet van deze wereld”, zegt Jezus. Niet van, maar toch wel in deze wereld. Daarom hebben Zijn onderdanen het vaak zo moeilijk. Vijanden van buitenaf: satan en wereld. En dan de vijand van binnen: het eigen vlees, dat zich nooit aan de wet van de Koning onderwerpt, en dat daarom gekruisigd moet worden. In zichzelf geen kracht! De onderdanen weten het en ervaren het elke dag. Maar gelukkig: de Koning weet het ook! En Hij houdt ze vast, en helpt ze door en helpt ze uit. En Hij zegt: Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht! En we horen een onderdaan van deze Koning belijden: als ik zwak ben, dan ben ik machtig. Zo zal ik dan veel liever roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus in mij wone! Ik vermag alle dingen, door Christus, Die mij kracht geeft! Het is het geloofsgeheim, dat geleerd wordt op de school van de Heilige Geest.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 april 1999

Bewaar het pand | 8 Pagina's

Jezus voor Pilatus (2)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 april 1999

Bewaar het pand | 8 Pagina's

PDF Bekijken