Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De weg van weduwe Witvliet (7)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

De weg van weduwe Witvliet (7)

7 minuten leestijd

We hebben in haar eigen bewoordingen weergegeven hoe Adriaantje Witvliet tot de zekerheid van haar verkiezing is gekomen. Zonder alle uitdrukkingen voor onze rekening te willen nemen, maar die voor het uitdrukkingsvermogen van de schrijfster in haar tijd te laten, hebben we gezien, hoe haar leven overeenstemt met wat Schrift en belijdenis zegt. Over haar geloofsbelevenis schrijft tenslotte haar predikant ds. J. Juch het volgende slotwoord:

“Ziedaar geliefde lezer, hetgeen deze christin ruim 12 jaar voor haar dood heeft geschreven. Zij is de 26 januari 1890 ontslapen en heeft in de vroege morgen van de dag des Heeren de eeuwige sabbat aangevangen. Gedurende haar laatste ziekte, die vier weken geduurd heeft, heeft de Heere haar Zijn ondersteunende en vertroostende genade niet onthouden. Hoewel zij wegens grote zwakte de laatste dagen niet veel heeft gesproken, heeft zij toch, zelfs tot kort voor haar dood, getuigenis gegeven van haar hoop en verwachting op de aanstaande heerlijkheid.

Gedurende de tijd van haar wandel door de woestijn van dit leven, heeft zij kennis gehad aan de wisselingen van het geestelijke leven. Licht en donker, bestrijding en vertroosting waren haar niet onbekend. Ook had ze zoals de kinderen Gods, zolang ze in dit leven zijn. haar zwakheden en gebreken. Maar dit alles is nu met het lichaam der zonde en des doods voor eeuwig afgelegd en zal haar niet meer kwellen, noch hinderlijk zijn, om de drie-enige God met al de gezaligden voor de verkregen verlossing toe te brengen, de lof, eer, aanbidding en dankzegging tot in eeuwigheid.

Bij de teraardebestelling van het stoffelijk overschot der overledene, was het aantal vrienden en vriendinnen zeer groot. Een vriendin, die daar mede tegenwoordig was en zeer opgewekt in haar spreken, is haar drie maanden later, na een langdurig en smartelijk lijden reeds gevolgd. Ook deze vriendin is in het geloof gestorven en is mede nog voor het eindigen van de rustdag op 20 april 1890 ingegaan in de rust die voor de kinderen Gods overblijft. Zo worden Gods kinderen, elk op de bij God bepaalde tijd ingezameld en verkrijgen het einde van hun geloof, namenlijk de zaligheid der zielen. En dat zal zo voortgaan, totdat de laatste uitverkorene zal zijn toegebracht. Dan zal het einde komen, wanneer Christus al de gekochten door Zijn dierbaar bloed, de Vader voorstellen zal, als een gemeente, die geen vlek of rimpel heeft. Zolang moet Christus als Koning heersen, totdat alle vrienden binnen en alle vijanden buiten zullen zijn. Dan zal het Middelaarswerk volbracht zijn en Christus het Koninkrijk de Vader overgeven. Het Koninkrijk der genade, anders genoemd de strijdende kerk, zal dan veranderen in het Koninkrijk der heerlijkheid, waarin God alles in allen zijn zal. O, zalige verwachting voor allen die in de Heere sterven, al zijn het hier niet vele rijken, niet vele edelen en aanzienlijken in de wereld, maar meestal een arm en ellendig volk, uitwendig en inwendig. Moeten zij hier nog gedurig strijden tegen een menigte vijanden van binnen en van buiten, in Christus hun Hoofd zullen ze eenmaal meer als overwinnaar zijn, en beërven het koninkrijk dat voor hen bereid is van voor de grondlegging der wereld.

En nu nog een kort woord tot degenen die dit boekje in handen zullen krijgen en lezen. Medereizigers naar de eeuwigheid, zijt gij nog onbekeerd? Leeft gij nog in de wereld en in de zonde, hetzij meer of minder uitwendig, zedig en Godsdienstig. Dan is uw staat nog allertreurigst en beklagenswaardig. Gij zijt dan nog zonder God, zonder Christus en zonder hoop voor de eeuwigheid. En komt gij in die toestand te sterven, wat zal dan uw einde vreselijk zijn. Gij zult dat Koninkrijk der Heerlijkheid dan niet beërven, maar worden uitgeworpen in de buitenste duisternis, daar wening zal zijn en knersing der tanden. Mocht gij dat nog eens met ernst ter harte nemen, en leren vlieden van de toekomende toorn. Mocht gij uwe knieën voor Christus leren buigen terwijl het nog het heden is, voordat de deur der genade voor eeuwig zal worden toegesloten. Maak naarstig gebruik van de genade middelen, Gods Woord en de verkondiging van het evangelie, dat door velen in deze dagen helaas zo zeer verwaarloosd wordt, daar de straten, dijken en wegen op de dag des Heeren getuigen van zijn. De Heere verlichte uw verstand en opene uw hart, om te leren kennen wat tot uw eeuwige vrede is dienende.

En gij heilbegerigen, die door des Heeren Geest de ogen zijn geopend, om uw verloren toestand door erf- en dadelijke zonden te leren kennen, met een oprecht berouw en hartelijk leedwezen over uw zonden, is er in uw harten reeds een ware droefheid naar God? Is Jezus u dierbaar? Hongert en dorst gij gedurig naar Hem? Heb dan goede moed. De Heere laat niet varen de werken Zijner handen. Jezus nodigt alle vermoeiden en belasten met hun zonden om tot Hem te komen. Met de troostrijke beloften dat ze bij Hem vrede zullen vinden en rust voor hun zielen. Zoek veel gelijk Maria, de zuster van Lazarus, aan Jezus voeten te zitten om van Hem geleerd en onderwezen te worden in de goede en rechte weg die ten leven leidt. Hij weet wat een arm verloren zondaar behoeft, en bezit een overvloedige volheid om alles te schenken wat tot het leven en de zaligheid nodig is. Hij schenke u het oprecht geloof om op Hem te zien als op het Lam Gods dat de zonde der wereld wegneemt. En brenge u op Zijn tijd tot de zalige verzekering dat de drie-enige God uw deel is, voor tijd en eeuwigheid.

Eindelijk, kinderen Gods, die door genade wat verder gevorderd zijt in het geloof en van uw deel aan Christus en Zijn gerechtigheid verzekerd door de Heilige Geest, gij zijt het volk dat de Heere geformeerd heeft om Zijn lof te vertellen. Maar hoe weinig geschiedt dat in onze dagen. In plaats van onderlinge liefde, eensgezindheid en stichting van elkander is er helaas maar al te veel verdeeldheid, liefdeloos oordelen. indien niet nog erger, dat wij nu niet alles zullen noemen. Waarlijk dat zijn geen vruchten van des Heeren Geest, maar van het zondig, verdorven vlees, de oude mens, die dikwijls nog zo weinig gedood is in Gods kinderen en hen zo menigmaal doet zuchten: Ik ellendig mens, Wie zal mij verlossen uit het lichaam dezes doods? Nochtans omdat het genadeverbond onveranderlijk is, en de roeping en verkiezing onberouwelijk is, blijft het geestelijk leven in hen bewaard, totdat het lichaam der zonde bij de dood zal worden afgelegd en hetgeen hier beneden nog maar ten dele was, te niet gedaan, als het volmaakte zal gekomen zijn, en al degenen, die de verschijning van Christus hebben liefgehad, zullen worden overgebracht in die plaats waar geen zonde of dood, moeite of verdriet meer zal zijn, maar verzadiging van vreugde en lieflijkheden aan Gods rechterhand eeuwiglijk.

Daar zal ons ‘t goede van Uw woning, Verzaden reis op reis.

En ’t heilig deel o, grote Koning, Van Uw geducht paleis.

Gij, Gij zult vreselijke dingen.

Ons in gerechtigheid

Doen horen en ons blij doen zingen.

Van ‘t heil voor ons bereid.

Psalm 65:3”

Dit artikel werd u aangeboden door: Bewaar het Pand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 november 2000

Bewaar het pand | 8 Pagina's

De weg van weduwe Witvliet (7)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 november 2000

Bewaar het pand | 8 Pagina's

PDF Bekijken