Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Het verleden onvergetelijk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Het verleden onvergetelijk

4 minuten leestijd

In het gebed staat heel het verleden van Israel Nehemia voor de aandacht. Ondanks de zonden heeft het Israel op de woestijnreis aan niets ontbroken. Dat wil niet zeggen, dat de Heere iets voorbij ziet of gering acht. Elke zonde, zelfs de kleinste is overtreding. Laat staan het maken van een gegoten kalf en het aanbidden ervan. De gruwelijkheden waren ontzettend. In alles kwam hun minachting aan het licht van alles, wat de Heere voor hen gedaan en tot hen gezegd had. De straf bleef niet uit, maar het volk werd niet vernietigd. De Heere verliet hen niet. Dit alles in en door de Zelfovergave en de voldoening van Jezus Christus. In Hem en door Hem is er de handhaving van ’s Heeren werk. Van Zijn belofte. Zo is het de eeuwen door. Vandaar dat niemand kan roemen in de mens noch in zichzelf. Beleden moet worden: barmhartig is de Heere en zeer genadig. Schoon zwaar getergd, lankmoedig en weldadig. De Heere is groot van goedertierenheid. Overdenkend de gang van Israel door de woestijn, stond Nehemia dit duidelijk voor de aandacht. Vandaar zijn belijden: door Uw grote barmhartigheid hebt Gij hen niet verlaten. Woidt de geschiedenis van de kerk, van de plaatselijke kerk ook zo gezien? Want wanneer er in het verleden ’s Heeren vergevende liefde, Zijn genade, barmhartigheid en lankmoedigheid niet waren, wat zou er dan vandaag zijn? Zouden we dan het Woord van de Heere bezitten? Zouden we dan Zijn dag hebben met alles wat daaraan verbonden is? Het is de moeite waard om dat eens te overdenken. Of is het verleden een afgeschreven zaak? Soms lijkt het. Erg! Dan kan de Heere toegeschreven worden wat Zijn werk niet is. De praktijk zal het zeker laten zien. Welk een zorg heeft Israel gekend. De wolkkolom was er dagelijks en des nachts de vuurkolom. Op de veertigjarige reis ontbrak het aan niets. Men leed geen gebrek. In de woestijn was er brood en water. In het nodige voorzag de Heere. Zelfs slijtage van de kleren kwam niet voor en men had geen gezwollen voeten. Bij de gunstbewijzen van de Heere gaf de Heere Zijn goede Geest. De heilige Geest. Die Geest werd hen gegeven om te onderwijzen. Deze hemelse leermeester spaarde hen niet. Hij wees op de zonde. Op de overtreding. Hij spaarde hen niet. Ontzag hen in niets. Maar daar liet Hij het niet bij. Hij wees ook op het heil des Heeren. De wet van de Heere en Zijn eredienst gingen leven. Men verkreeg kennis ervan. Middelijk werd dit gedaan door de profeet Mozes. Denk aan wat de Heere Jezus getuigt: gelijk Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, alzo moet de Zoon des Mensen verhoogd worden, opdat een iegelijk die in Hem gelooft niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe. De beet van de gifslang was dodelijk. Men kon aan de dood niet ontkomen. Nu mocht Mozes een koperen slang hoog op een staak plaatsen. Wie op de koperen slang zijn blik richtte, bleef ondanks de slangenbeet in leven. Jezus betrok het gebeuren in de woestijn geheel op Zichzelf. Zijn verhoging aan het kruis, een Goddelijk moeten, zou tot heil zijn van allen die hoopvol, vertrouwend, de ogen zouden opslaan naar de Gekruisigde. Men zou ontvangen het eeuwige leven. Vandaar dat het Geesteswerk onder Israel ook noodzakelijk is in het heden. Door de grote barmhartigheid van de Heere gaat de Onderwijzer door met Zijn arbeid. Zijn onderricht neemt geen einde. Zonder die Geest is er geen kennis van de Heere, van Christus en van onszelf. Kennisneming van de Schriften, studie ervan maken of volgen is noodzakelijk want de Schrift heeft de Heere ons gegeven, maar persoonlijk onderwijs tot verstaan, tot beleving is onmisbaar. Wat de Heilige Geest doet met het Woord van de Heere vinden we rijk in het boek der psalmen. De psalmen spreken van Godskennis, zelfkennis en Christuskennis. Kennis van de Heilige Geest. De Leermeester. Vandaar dat Zijn onderwijs, hulp en leiding en Zijn vertroosting worden ingeroepen en beleden. Die psalmen zijn geliefd door allen die de Heere vrezen. De Heere laat ze ook zingen in de eredienst. En daaraan heeft men in de dienst genoeg. Genoeg voor heel het leven. Uitbreiding of aanvulling met liederen heeft men niet nodig, Wij ook?

Dit artikel werd u aangeboden door: Bewaar het Pand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 april 2001

Bewaar het pand | 8 Pagina's

Het verleden onvergetelijk

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 april 2001

Bewaar het pand | 8 Pagina's

PDF Bekijken