Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

POSITIEBEPALING T.A.V. DE VRIJGEMAAKTEN TOEGESPITST OP DE PREDIKING (2)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

POSITIEBEPALING T.A.V. DE VRIJGEMAAKTEN TOEGESPITST OP DE PREDIKING (2)

5 minuten leestijd

De vorige keer besloten we met te wijzen op de noodzaak van het toetsen van bijbelse en confessionele grondlijnen die we gemeenschappelijk hebben aan het functioneren ervan in de praktijk van de prediking. Ditmaal enkele voorbeelden die ons onderwerp mogelijk wat dichterbij brengen en concreter maken .

De zaaier

Ik herinner mij een discussie binnen de kerkenraad over de benadering van de gemeente in de prediking. We deden dit vanuit de bekende gelijkenis van de zaaier (Mattheüs 13). Mijn collega stelde dat je deze gelijkenis niet zomaar op de christelijke gemeente kunt toepassen. Ze is in beginsel een gelovende gemeente.

In de gelijkenis wijst de Heere Jezus op het goede zaad (beeld van het Woord van God) dat in vierderlei aarde valt. Slechts een deel valt in goede aarde en draagt vrucht. De rest levert niets op voor Gods Koninkrijk. De stelling werd verdedigd dat deze voorstelling is bedoeld om aan te geven hoe het evangelie onder de heidenen werkt: op het zendingsveld en in het evangelisatiewerk zie je vaak maar enkelen tot geloof komen. Dit standpunt gaf heel wat stof tot gesprek. Ik schrok wel danig van zo’n opvatting. Die kan niet zonder gevolgen blijven voor de prediking. De ontdekkende boodschap van de grootste Profeet, de Heere Jezus, aan het adres van het Joodse volk hoeft ons als gemeente van de nieuwe bedeling niet meer direct te raken. Me dunkt dat zo de ernst van het Evangelie van zonde en genade en het vrije van Gods welbehagen overschaduwd worden door een idealistische verbondsopvatting, die de gemeente in haar totaliteit als een gelovende gemeente ziet.

Dit komt mij voor als een bedenkelijke benadering van de prediking, die in de Schrift geen grond heeft, integendeel.

Vragen aan de gemeente?

In vrijgemaakte kringen is men bepaald niet gewend aan het heel persoonlijk benaderd worden in de prediking met vragen naar wat God je deed ondervinden, naar zaken die heilsnoodzakelijk zijn om te kennen. Zulk vragenderwijs spreken wordt ervaren als het zaaien van twijfel en het zetten van vraagtekens achter het deelhebben aan Christus en de zaligheid. Dat vragen werkt geloofsonder - mijnend. Meerdere keren heb ik in het verleden daar kritische reacties op gehad. De verzuchting was dat de dingen die je met de ene hand geeft aan de gemeente, met de andere weer worden afgenomen. In het algemeen hebben vrijgemaakten niet zoveel op met een ontdekkende, ontgrondende en onderscheidenlijke prediking die scherpe lijnen trekt tussen schijn en zijn. De gemeente moet als geheel op haar rijkdom in Christus gewezen worden, die ze krachtens het genadeverbond, verzegeld door de Heilige Doop, bezit. Elk vragen naar persoonlijke kennis of bevinding van het heil: „Hebt u daar deel aan?” en: „Hoe hebt u daar deel aan gekregen?” ondergraaft de dingen die voor vast en zeker worden gehouden

Zelfbeproeving

Na een voorbereidingspreek op het Heilig Avondmaal kwam eens een gemeentelid overstuur de kerk uit. Hij moest uit de preek afleiden dat hij niet zonder meer aan het Avondmaal kon deelnemen. De predikant was daaraan debet, want die had niet genoeg aangespoord tot deelname aan het sacrament maar veeleer ontmoedigd. Ooit had hij geloofsbelijdenis afgelegd en altijd z’n geloof voor het ware gehouden; altijd Avondmaal kunnen vieren. Zou het nu ineens niet meer kunnen? Nee, dit moest wel aan de prediking liggen.

Hoe dat ook geweest mag zijn, spijtig is wel dat er van waarachtige zelfbeproeving op deze manier weinig terecht kan komen. In plaats van zelfbeproeving voor Gods aangezicht zoekt men zelfbevestiging in het zien op eigen geloof. Wie er iets van verstaat hoe erg het is om je te bedriegen voor de eeuwigheid en hoe arglistig ons hart is en dat de Heere Jezus gewaarschuwd heeft voor zelfbedrog: „velen zullen menen in te gaan en niet kunnen”, die zal niet gauw op deze wijze reageren.

Catechismusprediking

Het is mij opgevallen dat vooral kerkleden met een gereformeerde/vrijgemaakte achtergrond soms al afhaken bij de prediking over de zondagen 2 t/m 4 van de Catechismus, over de kennis van onze ellende. In Zondag 1 wordt beleden dat we eerst dienen te weten „hoe groot mijn zonde en ellende zijn.” Ook al besteedt de Catechismus slechts een drietal zondagen aan dit eerste geloofsstuk, voor sommigen is dat al te veel van het goede.

Een gemeentelid liet de kerkgang bij Zondag 3 ’s middags al afweten. Bij navraag verklaarde hij dat zijn Koning, Christus, niet werd grootgemaakt in de prediking.

De wet als tuchtmeester tot Christus (zie Galaten 3 vers 24) zoals Luther persoonlijk doorleefde en sterk benadrukte, moet het in dit geval ontgelden ten gunste van de door Christus vervulde wet.

Uiteraard mag en moet wel steeds op zonde en schuld gewezen worden, maar dan als betaalde schuld. Van openstaande rekeningen wil men niet horen. Aangeslagen, door schuldbesef getroffen en verslagen (Psalm 51) de kerk verlaten is dan een bewijs dat de prediking in gebreke is gebleven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juni 2002

Bewaar het pand | 8 Pagina's

POSITIEBEPALING T.A.V. DE VRIJGEMAAKTEN TOEGESPITST OP DE PREDIKING (2)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juni 2002

Bewaar het pand | 8 Pagina's

PDF Bekijken