Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

KOSTBARE MIDDELEN TEGEN SATANS LISTEN (5)

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

KOSTBARE MIDDELEN TEGEN SATANS LISTEN (5)

6 minuten leestijd

De zevende list: de ziel stoutmoedig maken zodat ze zich waagt in de nabijheid van de gelegenheden die tot zonde verleiden.

De satan zegt bijvoorbeeld dat u gerust met een dronkaard kunt drinken, als u maar niet dronken wordt.

Het eerste middel tegen deze list is te overdenken hoe ernstig de Bijbel waarschuwt tegen zondige gelegenheden en de schijn des kwaads. Schuw de schijn des kwaads zoals u vergif in uw eten schuwt. Theodosius verscheurde de geschriften van de Arianen toen hij ontdekte dat zij vol leugens stonden. Doe niets waarin de zonde schuilt of waarin een schaduw van de zonde zich vertoont. Schuw al wat het geweten verwondt. In Judas: 23 staat “en haat ook de rok die van het vlees bevlekt is.” We behoren niet alleen grove zonden te haten, maar ook alles dat de schijn van zonde draagt. Wie zich niet wil branden moet bang zijn voor het vuur. Op blz. 83 lezen we: “Zich in de buurt van de zonde te begeven en dan te bidden: ‘leid ons niet in verzoeking’, is hetzelfde als zijn vinger in het vuur te steken en dan te bidden of hij niet verbrand mag worden.” “Vriendschap met de goddelozen is een van de sterkste ketenen der hel, en doet ons niet alleen delen in hun zonden, maar ook in hun straf.”

Het tweede middel is te overdenken dat men de zonde niet kan overwinnen als men zich niet van de gelegenheid tot zondigen afkeert. Wie het waagt op de rand van de put te lopen, loopt gevaar erin te vallen. Hij die buskruit in handen heeft moet ver van de vonken vandaan blijven. Wie met de zonde speelt, wordt gemakkelijk in de zonde verstrikt. Wie in de buurt komt van de zonde doet als iemand die vuur met olie wil blussen.

Het derde middel is te bedenken dat kinderen Gods zich van de gelegen- heid tot zondigen als van de hel afgekeerd hebben. Zo ontvluchtte Jozef de gelegenheid tot zondigen. Job had een verbond gemaakt met zijn ogen, een wacht gezet bij de ingang van zijn zintuigen, opdat zijn ziel niet besmet en in gevaar gebracht zou worden. Een mens moet niet met aandacht zien naar hetgeen hem verleiden kan. De duivel vindt de gelegenheid tot zondigen een halve overwinning, want hij weet dat de verdorven natuur een zaaibed voor alle zonde is.

Het vierde middel is te overwegen dat het vermijden van gelegenheden tot zondigen een bewijs van genade is. Een goddeloze verlangt naar de gelegenheden tot zondigen en zoekt ze op. Hij wil zondigen ten koste van zijn geld en zijn ziel. We lezen van Lot dat hij zijn rechtvaardige ziel kwelde in Sodom.

De achtste list is dat de satan de ziel de uitwendige weldaden toont die goddelozen genieten.

De satan wijst erop dat goddelozen veel weldaden hebben en weinig kruis en moeite. Dus wie voorspoed wil hebben moet net als de goddelozen wandelen. Zo stelt de duivel het voor.

Het eerste middel is te bedenken dat een mens in dit leven veel voorspoed kan hebben en daarna in de eeuwige rampzaligheid zal komen. Zie bijvoorbeeld de rijke man. Omgekeerd kunnen Gods kinderen met een Job veel tegenspoed ondervinden, terwijl de zaligheid hen wacht. De zon van voorspoed schijnt zowel op de doornstruiken in de woestijn als op de vruchtbomen in de boomgaard. Sneeuw en hagel valt op tuinen en woestijnen. Mozes sterft net als de murmurerende Israelieten in de woestijn. Nabal en Abraham waren rijk. Toch is het onderscheid zeer groot.

Het tweede middel is te bedenken dat Gods toorn bijzonder wordt verwekt als goddelozen uit Gods goedheid redenen nemen om zich uit te leven. Hoe is Gods toorn over de welvarende steden Sodom en Gomorra niet uitgegoten. Gods algemene goedheid geeft geen vrijheid om te zondigen. Kwaad voor goed vergelden is duivels.

Het derde middel is te overdenken hoe erg het is als God een mens overgeeft om ongeremd te zondigen. Het is als met een dokter die een patiënt heeft opgegeven, dan is de dood nabij. Gemis aan kastijding is de oorzaak van goddeloosheid. Uitwendige weldaden zijn vaak een strik voor de ziel.

Het vierde middel is te bedenken dat de goddelozen bij al wat zij aan voorspoed hebben toch heel veel missen. Ze hebben eer, rijkdom, genoegens en vrienden. Maar het is niets in vergelijking met wat zij missen. Zij missen God, Christus, de Heilige Geest en de zaligheid. Zij missen Gods goedertierenheid die beter is dan het leven. Goddelozen zijn ten diepste de armste mensen in de wereld.

Het vijfde middel is te bedenken dat rijkdom veel zorg met zich meebrengt. Een keizer heeft eens gezegd dat de mensen wel staren op zijn purperen mantel en gouden kroon, maar als zij zouden weten van de zorgen die eronder schuilgaan zouden die mensen de mantel en de kroon niet eens van de grond willen oprapen.

Het zesde middel is te bedenken wat God ermee voorheeft de goddelozen veel goederen te geven en weinig smarten. Zij storten van de top van eer in eeuwige verwoesting neer. God zal hen oordelen tot eer van Zijn Naam. Wie zou verhoogd willen worden om daarna neergeworpen te worden? Is het dan niet beter gering en klein te zijn in deze wereld en groot te mogen zijn in de toekomende wereld?

Het zevende middel is te bedenken dat mensen die uitwendig de meeste voorspoed hebben vaak inwendig sterk geplaagd worden. Ook zijn zij overgegeven aan geestelijke blindheid en hardheid van hart. Hemel en hel bewegen en beroeren hen niet. Zij zijn dol op hun zonden en zij zullen voor eeuwig omkomen. Geen wonderen of weldaden verbreken het hart.

Het achtste middel is te overwegen dat de goddelozen rekenschap zullen moeten afleggen voor het misbruik van al de weldaden die God hen in dit leven heeft geschonken en van al het boze dat zij gedaan hebben. God zal vragen hoe iedere penning is besteed. Misbruikte weldaden zullen veranderen in pijnlijke slagen. God is traag tot toorn, maar ook onveranderlijk in toorn. Het rechtvaardig vonnis zal komen over alle verachters en misbruikers van Zijn goedheid. We lezen op blz. 98 van Hieronymus dat zijn gehele lichaam schudde en zijn hart beefde, zo vaak hij aan de oordeelsdag dacht.

Dit artikel werd u aangeboden door: Bewaar het Pand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 augustus 2002

Bewaar het pand | 8 Pagina's

KOSTBARE MIDDELEN TEGEN SATANS LISTEN (5)

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 augustus 2002

Bewaar het pand | 8 Pagina's

PDF Bekijken