Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

ALARM OM DE KERK

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

ALARM OM DE KERK

7 minuten leestijd

Vorige week konden we een treurig bericht lezen, dat de betrokkenen zeker ter harte zal gaan. Het gaat om de Raakskerk in Haarlem, een kerk die 90 lange jaren dienst gedaan heeft als kerkgebouw van de gemeente Haarlem-C.

Het is een van de oudere kerken in ons kerkverband met een duidelijk historische betekenis. Deze kerk heeft geschiedenis gemaakt in betere tijden dan thans. Zeer bekende en alom geachte voorgangers hebben er jarenlang gepreekt. Ik denk dan aan predikanten zoals Schotel, van der Vegt, J. W. Geels, W. Bijleveld, Prins, Laman, Holtrop en Geels.

Wat doet het pijn als zulke kerken gaan verdwijnen en eigenlijk overbodig raken. Het is een teken aan de wand, dat ons kerkelijke leven afbrokkelt en almaar minder wordt. Eerder gebeurde dit in Den Haag-C, waar de gemeente werd opgeheven. Ik heb zelf eens, misschien al wel bijna twintig jaar gelden in die kerk gepreekt en toen ging het al om een gering aantal mensen.

Er zijn meer gemeenten waar deze trend zich reeds lang heeft ingezet. Ik denk ook aan het imposante kerkgebouw van de gemeente Rotterdam-W, waar de gemeente ook langzaam maar zeker minder wordt en op de lange duur, naar te vrezen valt, gaat verdwijnen. Ik weet zelf nog heel goed dat langs de brede toegangswegen van deze wijk in Rotterdam de gezinnen opgingen naar Gods huis, terwijl ik vele jaren later in plaats daarvan de massa’s mensen zag gaan naar de Kuip (voetbalstadion Feyenoord). Wat een gruwelijk proces heeft zich reeds voltrokken in de grote steden, terwijl nu in allerlei plattelandsgebieden dezelfde gang van zaken zich voordoet. Van nabij weet ik dat zich dat ook in Utrecht reeds lang geleden heeft voltrokken. Het is een vast te stellen feit.

Zij die in zulke kerken hebben verkeerd en daar de hand des Heeren onder de prediking hebben opgemerkt, zullen met diep heimwee terugdenken aan de tijd, dat alles zo anders was. Er komt iets boven van wat Jeremia eeuwen terug klaagde, toen hij sprak van de verwoesting van Jeruzalem. “En van de dochter Sions is al haar sieraad weggegaan”.

Kerken zijn de sieraden van een volk. Er is geen schonere aanblik dan een kerkgebouw, waarin de Heere wil wonen en werken. “Gaat het ulieden niet aan, gij allen die over de weg gaat...?”

Deze gebouwen hebben onze kerken gediend in de bloeiperiode van het Woord der prediking. Er is een tijd geweest dat onze gemeenten grote aantrekkingskracht hadden op ons volk. De bevindelijke prediking trok mensen aan, die hongerden naar de zuivere bediening. Er leefde in die dagen een levende begeerte naar het Woord Gods.

De predikanten van toen hadden ook iets, wat onze generatie voorgangers lijkt te missen, namelijk een geestelijke en persoonlijke betrokkenheid bij het Woord, gepaard aan een diep inzicht en een rijke kennis aangaande het Woord van God en aangaande Zijn weg in mensenharten.

De meeste leden van onze kerken nù zullen dit niet meer persoonlijk hebben meegemaakt. Onze jeugd kan er ook met van weten. Daarom ontstaat er iets zoals hetgeen gebeurde bij de stichting van de tweede tempel onder Jozua; de ouderen weenden omdat zij terugdachten aan de betere tijden van weleer en de jongeren juichten vanwege de aanvang van de tempelbouw. We kunnen dan vragen of de dingen van toen nu ontbreken?

Het zal niet overal zo zijn, maar wie bekend is met de grote steden en ook met de vele, vele middelgrote steden waar eveneens al evenzovele schone kerkgebouwen zijn verdwenen, zal dit moeten toestemmen. Trouwens, ook in bijvoorbeeld de dorpen boven Dokkum voltrekt zich dit proces in een zeer snel tempo.

Daarom heb ik de vinger willen leggen bij een treurig stemmend verschijnsel. Althans, mij en zeer vele anderen overvalt bij het lezen van zulke berichten een gevoel van droefheid.

Als ik het betreffende bericht in “De Wekker” verder lees, dan is er sprake van ontvolking van de binnenstad en de “Raaksplannen”. De kerk is verkocht aan een projectontwikkelaar. In Utrecht heb ik zo’n koop van zeer nabij persoonlijk meegemaakt.

Meestal noemen we dat als de reden van de terugloop: ontvolking van de binnenstad. Het zal ongetwijfeld zo zijn dat dit in Haarlem, een situatie immers die mij persoonlijk niet bekend is, meegespeeld heeft in het hele proces. Maar dat zou dan moeten betekenen dat rond de stad allerlei satelietgemeenten gegroeid zijn in aantal. Het is echter zo dat rond de grote steden onze kerken ook niet zijn toegenomen, meer eerder zijn afgenomen. Vooral in de PS. Van het Westen is de terugloop over de hele linie, in steden en dorpen, vrijwel in gelijke mate desastreus.

Als u dat vergelijkt met de Gereformeerde Gemeenten, die ook in steden als Rotterdam en Den Haag weinig mensen meer overhebben, dan neemt u rond de steden juist wel een grote toename waar. Daar is sprake van een verplaatsing vanuit de stad naar aangrenzende plaatsen zoals Ridderkerk en Zoetermeer. Daar en in veel meer andere plaatsen ontstonden heel grote gemeenten.

Rond Haarlem zie ik bij ons geen gemeenten, waar groei is waar te nemen in die mate en mede bepaald vanuit de stad.

Dat brengt me tot de conclusie, dat onze kerken geen enkele werfkracht hebben. Dat is al jarenlang door vele anderen eerlijk uitgesproken en geconstateerd.

En dat is verdrietig. Het brengt ons dan wel tot de vraag: Hoe komt dat nu en wat is daarvan de oorzaak? Zeker, onder onze mensen ontbrak een heel erg sterk kerkelijk besef. De binding van het doorsnee Christelijk Gereformeerde kerklid aan het kerkverband is anders dan in de GG.

Maar er zal ook een overwegend gevoel bestaan bij velen dat er ook in de prediking en in het gemeentezijn allerlei zaken zijn gewijzigd en dat alles heeft niet geleid tot een consolidering van het geestelijk erfgoed. Daar ligt een grote, zo niet dè grootste oorzaak!

Het is dan ook zo jammer, dat dat niet wordt opgemerkt. Wie Jeremia leest in zijn Klaagliederen, weet dat hij wel doordrong tot de wortel van het probleem, namelijk de zonden van het volk. Hij zag er een oordeel van God in. Het gaat me aan het hart, dat we daar als kerken nog niet aan toe zijn. Het besef breekt nog niet door dat we iets kwijt zijn, iets wezenlijks en iets dat niet gemist kan worden. De kracht van het Woord bijvoorbeeld, of, misschien de nabijheid van de Heere Zelf. En dat is veel ernstiger.

We lezen van allerlei voorstellen tot vernieuwing en verandering. Drama en toneel in de kerk zouden dan de zaak moeten redden. Rituelen behoren bij deze tijd, zo zegt men. De prediking moet beeldend gaan worden. Velen onder ons stellen simpelweg vast dat de oude stijl van de verkondiging zijn tijd gehad heeft. We spreken nu over de viering en over de maaltijd enz. En zodoende gaan we nog al meer inleveren en prijsgeven. Totdat we straks niets meer overhebben en Nederland alleen nog maar de skyline gaat vertonen van bankgebouwen en voetbalstadions.

Is het dan terecht, zo vraag ik, dat het betreffende bericht spreekt van een bijeenkomst, waar men gezellig bijeen hoopt te zijn, onder het genot van een drankje en een hapje? Dit als onderstreping van een nieuw begin, terwijl er toch slechts sprake is van een weemoedig afscheid?

Is dat terecht, zo vraag ik? Ik begrijp wel dat men verder moet en verder gaat. Maar deed Jeremia het niet anders?

Moge de Heere ons de ogen openen eer het voorgoed te laat is. Alles wat we kwijtraken, komt nooit meer terug.

Ik hoop dat onze ogen daarvoor open mogen gaan. Gelukkig voor de Kerk, dat er in het nieuwe Jeruzalem ook geen kerk meer zijn zal, omdat die niet meer nodig is en omdat zelfs op de bellen der paarden de heiligheid des Heeren vermeld staat.

Dit artikel werd u aangeboden door: Bewaar het Pand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 april 2003

Bewaar het pand | 8 Pagina's

ALARM OM DE KERK

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 april 2003

Bewaar het pand | 8 Pagina's

PDF Bekijken