Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Boekbespreking

11 minuten leestijd

DE ERGERNIS VAN HET KRUIS

Paul Wells, De Ergernis van het Kruis, gebonden, 339blz., € 19,90, Uitgeverij De Banier. ISBN 978-90-336-0752-3.

Auteur

De auteur woont en werkt sinds 1972 in Aix-en-Provence waar hij systematische theologie doceert aan de Faculté libre de théologie réformée (Theologische Faculteit). Hij schreef verschillende boeken in het Frans, onder andere over de leer van de Schrift, de woorden van Christus aan het kruis, het leven van een christen, een commentaar op het gebed des Heeren en een commentaar op de apostolische geloofsbelijdenis. Sinds 1981 is hij redacteur van La Revue réformée, een toonaangevend, Bijbelgetrouw tijdschrift in Frankrijk. Ook is hij verantwoordelijk voor uitgeverij Editions Kerygma, die nieuwe edities van de Heidelberger Catechismus en de Westminster Confessie heeft uitgegeven. Momenteel wordt gewerkt aan een uitgave in hedendaags Frans van de Institutie van Calvijn en zijn commentaren op het Nieuwe Testament. Hij werkte ook mee aan de rubriek Buitenpost van het Reformatorisch Dagblad.

Inhoud

De originele titel van het boek dat we hu bespreken luidt “Cross Words.” (Kruiswoorden). De vertaling is van de hand van Liesbeth Goedbloed. De ondertitel luidt: “Over de verzoening tussen God en mensen.” Achterin is een index opgenomen van de belangrijkste onderwerpen. Op de blz. 11 en 12 lezen we het volgende: “Het belangrijkste doel van dit boek is een antwoord te vinden op de vraag waarom het noodzakelijk was voor God om in Jezus Christus de menselijke natuur aan te nemen, om mensen te redden van de zonde door voor hen te sterven in het vlees. Om dat doel te bereiken wil ik in hoofdstuk twee tot en met zes kijken naar de verhouding tussen God en mens die het kruis noodzakelijk maakte. Wat het kruis openbaart over God is even belangrijk als wat het verwerft voor de mens. De manier waarop God mensen redt, is op een complexe manier verbonden met Zijn natuur. Hoofdstuk zeven tot en met twaalf gaan over de aanstootgevende woorden die beschrijven wat de dood van Christus inhoudt, gezien vanuit het perspectief van de voorbereiding op de komst van Jezus, Zijn leven en Zijn dood. Het centrum van het christelijke toneel is niet het kruis, maar de Gekruisigde Zelf en de unieke manier waarop Hij als Middelaar tussen God en mens staat. Dit is van essentieel belang, omdat het de doodlopende weg afsluit die leidt tot een interpretatie van het kruis als slechts een symbool voor menselijk lijden. In hoofdstuk dertien tot en met zeventien zullen de gevolgen van het kruiswerk worden onderzocht. Het volbrachte werk van Christus opent de weg naar vrijheid van zonde en dood, naar nieuw leven in gemeenschap met God - een leven dat gekenmerkt wordt door gehoorzaamheid, liefde en dienstbaar heid. De verzoening is meer dan alleen een verandering van richting: verzoe ning leidt tot een relatie met een nieuwe Meester en brengt het nieuwe besef teweeg dat wij een Ander toebehoren. Deze poging is in hoge mate aanstoot gevend voor de hedendaagse denkwij ze, binnen of buiten de kerk. We zullen daarom eerst aandacht besteden aan de manier waarop de moderne mens zich ergert aan het kruis.”

Gehoorzaamheid van Christus

Veel behartenswaardige zaken hebben we met instemming in dit boek gelezen. Op blz. 47 wordt geschreven over het voldoen aan degoddelijkegerechtigheid - positief - door de volmaakte gehoor zaamheid van Christus aan het goddelij ke gebod en - negatief - omdat Christus de toorn van God over de zonde van de mens draagt. Dit noemen we de dadelij ke en de lijdelijke gehoorzaamheid van Christus. Op blz. 177 en 178 lezen we dat de bijbelse taal van het offer lichtja ren afstaat van onze moderne wereld visie. Het is ten diepste God alleen Die het offer brengt. “Geen liefde is groter dan de Zelfgevende liefde van God, ge openbaard in Christus: ‘Niemand heeft meerder liefde dan deze, dat iemand zijn leven zette voor zijn vrienden’ (Joh. 15:13). Dat wonderlijke bewijs van liefde werd ontvouwd als Gods geschenk aan zondaren in het leven en in de dood van Christus: ‘Die ook Zijn eigen Zoon niet gespaard heeft, maar heeft Hem voor ons allen overgegeven.’ (Rom. 8:32). Wat had God ermee kunnen winnen? Niets. Wat konden wij ermee winnen? Alles. Dat is het bewijs van de hoogste liefde.”

Laatste kruiswoord

Over het sterven van Christus en het laatste kruiswoord lezen we op blz. 292 en 293 het volgende: ‘Er is een ander aspect aan de volmaakte aard van het verlossingwerk toegevoegd, toen Jezus Zich overgaf in goddelijke handen. Jezus sprak zeven keer aan het kruis en dat was niet toevallig en ook geen simpele samenloop, maar dat gebeurde met opzet. Het zevende kruiswoord is het kruiswoord dat de andere zes kruiswoorden tot voltooiing brengt. Meer dan dat, net zoals God zes dagen werkte en op de zevende dag rustte, ging Jezus, door Zijn geest over te geven aan de Vader, binnen in de goddelijke rust na Zijn werk. Verlossing gaat een stap verder dan schepping. In Genesis 1 lezen we zes keer: ‘God zeide.’ Jezus sprak zeven keer aan het kruis om de schepping binnen te voeren in de nieuwe schepping. Het scheppende woord van God is de oorsprong van de schepping, maar Jezus’ zevende kruiswoord is het begin van een nieuwe schepping en Jezus is de Eerste Die daar binnengaat. Als Gods scheppingswoord en Jezus’ verlossingswoord het goddelijke stempel dragen doordat ze machtig en werkzaam zijn, dan bracht Jezus iets nieuws voort uit het oude. De schepping kan zichzelf nooit volooien. Het is alleen Christus die de schepping kan voltooien en tot haar doel kan brengen in de rust…Christus deed het tegenovergestelde van wat Adam deed. Door de eerste zonde raakte de mensheid alles kwijt en werd verbannen uit de aanwezigheid van God. Maar nu ging de tweede Adam de strijd aan en Hij bracht Zijn volmaakte mensheid voor het aangezicht van God in de eeuwigheid. …Christus legt Zijn taak, een volmaakt mens te zijn, in de handen van God. Dit is het begin van de nieuwe schepping, de herstelde, vernieuwde mens in Christus, een voorsmaak van een schepping die uiteindelijk bevrijd zal zijn van zonde en kwaad (Rom. 8:21).”

Noodzaak van verzoening

De leer van de zoendood van Christus is heel belangri/k. De verzoeningsleer van de strafrechterlijke plaatsbekleding is wezenlijk voor de verlossing van verloren mensenkinderen. Christus heeft vrede met God en vergeving verworven. In de Persoon en het werk van Christus zijn liefde en gerechtigheid innig met elkaar verbonden. Christus heeft Zijn Kerk liefgehad en Zichzelven overgegeven. Petrus twijfelde er niet aan dat Jezus de beloofde Messias was. Hij sprak een heerlijke belijdenis uit: Gij zijt de Christus, de Zoon des levenden Gods.’ Toen Jezus sprak over Zijn naderende lijden en sterven en opstanding werd duidelijk dat Petrus daar niets van verstond toen hij uitsprak: ‘Heere, wees u genadig! Dit zal U geenszins geschieden’. Petrus ontkende de noodzaak van kruis en verzoening. De auteur schrijft op blz. 330 “De noodzaak van Christus’ dood voor de verlossing van de zonde ontkennen, staat gelijk aan een satanische verdraaiing van de waarheid De ‘dingen der mensen’ die zo aannemelijk leken voor Petrus namen niet alleen de plaats in van de ‘dingen die Gods zijn’, maar ze waren ook volkomen in tegenspraak met de goddelijke openbaring.” Het boek besluit met de volgende woorden op blz. 333: “Niets anders kan de diepste verlangens van ons hart zo bevredigen als de liefde van het kruis. Niets anders kan onze zonde uitwissen als de vergeving van het kruis. Niets verlost ons van een zekere dood als het kruis Niets doet ons zo hopen op het eeuwige leven als het kruis.”

A. Van Heteren

Ds. P. van Ruitenburg, Tijdgeest, paperback, 221 blz., € 14,50, Uitgeverij Den Hertog, Houten, ISBN 978-90-331-2150-0. De auteur is predikant van de Gereformeerde Gemeente geweest in Meliskerke en Dordrecht. Sinds 1996 is hij als predikant verbonden aan de Ne-therlands Reformed Congregation van Chilliwack BC Canada. Het boek bestaat uit 46 hoofdstukjes waarin de tijdgeest getekend wordt en de moderne manier van denken wordt weergegeven. In het voorwoord schrijft de auteur dat we vergiftigd worden door de tijdgeest. Verder lezen we in het voorwoord betreffende de tijdgeest: “Wat voor geest dat is? Concrete verschillen moeten verdwijnen. Het verschil tussen waarheid en leugen, tussen man en vrouw, tussen goed en kwaad. Het gevoel moet heersen. Alles wat goed voelt, is goed. Zo lijkt de moderne mensheid verder en verder van God af te komen staan. In het paradijs zijn we Gods beeld al kwijtgeraakt, en ook het ‘beeld Gods’ in de bredere zin gaat steeds verder verloren. Het godsbesef neemt af, het geweten wordt toegeschroeid. Hoewel de kloof tussen God en mensen eigenlijk niet groter kan worden, in zekere zin wordt de moderne mens steeds vijandiger tegenover de enige ware God. Het lijkt wel of Gods algemene genade vermindert en de Heere de teugels laat vieren.” Op blz. 17 wordt geschreven over de ernst van de dood. De moderne mens beseft niet dat de dood een vreemd element in deze wereld is. De verbinding met de zonde wordt niet meer gelegd. Het wordt niet meer beseft dat de dood een straf is op de zonde. Wat de literatuur betreft wordt een boek al snel kleinburgerlijk, preuts en saai genoemd als er geen seksuele passages in voorkomen (blz. 77). In het oog van de moderne mens moet het leven een feest zijn. Men weet geen weg met zaken die de feestvreugde van het leven bederven. Men verzet zich met hand en tand tegen alles wat onaangenaam is en beseft het niet meer dat God kruisen oplegt, (blz. 139). Asaf mocht het anders zien in Psalm 73. Ondanks alles was het toch goed, want de Heere zou Asaf leiden en op Zijn tijd in heerlijkheid opnemen. God zou zijn deel zijn in eeuwigheid. “Bezwijkt mijn vlees en mijn hart, zo is God de Rotssteen mijns harten, en mijn deel in eeuwigheid” Psalm 73:26. Het is nodig tegen de tijdgeest in te gaan. Wat we lazen aangaande het eerbiedigen van de zondag op blz. 208 willen we aan u doorgeven: “Ook in christelijke kerken bestaat de neiging om op zondag steeds meer te doen. Men wil immers niet zo wettisch zijn als vroeger. Toch denk ik dat het ook heel gezond is om al het onnodige werk te laten wachten en als het even kan niet te reizen. Laten we de zondag niet gebruiken om op maandag in de startblokken te kunnen staan en weer met volle vaart het leven te leven. Ik stel voor tegen de tijdgeest in te gaan en niet steeds meer van de zondag aan de wereld af te staan. Laten we niet sporten, niet onnodig reizen, geen vakantie houden op het strand, geen visites afleggen, maar ons beperken tot het hoognodige. Dat is niet alleen gezond voor ons lichaam en voor onze geest die moe worden van de drukte. Met het houden van de zondag bepalen we onszelf bij de betrekkelijkheid van het leven. Laat het een bezinningsdag zijn. Zelfs de verveling die op zo'n dag optreden kan kan ons in de juiste richting drijven. Net zoals kinderen die de hele middag op hun kamer moeten blijven, en dan van verveling hun huiswerk gaan maken, kan de zondag ruimte maken voor datgene waar we eigenlijk niet zo'n zin in hadden. Mogelijk zien we het niet direct in, maar komen we er toch langzamerhand achter dat het goed voor ons is om afgeremd te worden in onze dagelijkse beslommeringen. De zondag is een soort vastendag. Op zondag eten en drinken we niet van de dagelijkse beslommeringen en houden we onze ziel in toom. De zondagsviering is een middel om matig met de wereld om te gaan.” Vreemdelingen en bijwoners hebben toekomst. Die de wereld liefhebben zullen met de wereld verloren gaan. Gods kinderen zullen verlost worden van zichzelf, van hun wereldse, egoïstische, overspelige, zondige hart. Zij zullen geen onreine, boze, onoprechte gedachten meer hebben. Zij zullen de Heilige Geest niet meer bedroeven. Ongeloof zal voorbij zijn. De eeuwige zaligheid zal hun deel zijn.

Jaarboek van de Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland 2009, onder redactie van ds. G.P.M, van der Linden, drs. R.W.J. Soetersends H.J.Th. Velema, € 10,20, Uitgave Buijten and Schipperheijn, Amsterdam, ISBN 978-90-5881-348-8.

Een onmisbare vraagbaak is opnieuw verschenen. Jammer dat onze kerken alleen in de drie classes van het noorden groeien en in de classis Dordrecht, maar verder slinken. Totaal genomen daalde vorig jaar het ledental met 77. Heel wat leden die vertrekken sluiten zich bij geen enkele andere kerk meer aan. Per jaar is er ongeveer 1% van de leden die de kerk verlaat. Wie zich wil verdiepen in het grensverkeer met andere kerken kan in dit jaarboek terecht. Uiteraard heb ik veel waardering voor het samenstellen van dit jaarboek. Het zal door velen geraadpleegd en gebruikt worden. Naast allerlei gegevens zijn enkele bijdragen opgenomen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 april 2009

Bewaar het pand | 12 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 april 2009

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken