Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

NIET MIS

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

NIET MIS

7 minuten leestijd

Een opvallend verschijnsel is dat na de overgang uit de wereld of naar een andere kerk op een gegeven moment een neiging ontstaat naar dualisme. Paulus constateerde dit bij de Cretenzen. Dwaalleraars deden hun invloed gelden. Paulus had dit bemerkt. Het greep hem aan, vandaar dat hij gedrongen werd pastoraal te schrijven. De dwaalleraars begaven zich tot joodse fabelen en daardoor konden zij die daardoor geïmponeerd werden afgekeerd worden van de waarheid (vs. 14). Nu was het bezit van fabels of mythen bij Grieken en Joden een algemeen goed. De Griekse mythologie was in en bij de Joden zorgden rabbijnen voor allerlei fabels. Sommige rabbijnen waren sterk in het doorgeven van fabels. Want men bezat een schat van fantastische verhalen over personen zoals Mozes, David en Elia. Wat gehoord werd moest als waarheid aanvaard worden. Men kon er diepzinnig en met nadruk over spreken. Want alles is geloofwaardig. Er mocht niet aan getwijfeld worden. Nu gingen de dwaalleraars op Kreta in het spoor van het voorgeslacht en zelfs verder. Door hun indringend, indrukwekkend spreken verkreeg men invloed onder de christen- joden. Het licht ging op. Het werd zelfs in de gemeenten bemerkt. Nu is dit vandaag geen vreemde zaak. Hoe wordt de hermeneutiek gezien en hoe wordt er mee omgegaan? Hermeneutiek is de leer van de regels en hulpmiddelen die bij de uitlegkunde gebruikt worden. De theorie van de verklaring vooral van de Bijbelse uitlegging. Niet allen die de belijdenis hebben ondertekend gaan in het gereformeerde spoor. Het komt voor dat men stelt: Na gedaan onderzoek is het te sterk om te zeggen dat de Bijbel Gods Woord is. Het is juister te zeggen dat Gods Woord in de Bijbel staat. Wat de wetenschap aandraagt over schepping moet overtuigend meegenomen worden. Het woord tijdgebondenheid mag niet beperkt worden tot de ceremoniële wetten. De onderlinge verhoudingen en de samenlevingsverbanden zijn ruimer dan hier en daar nog beleden wordt Nu moeten we niet menen dat dit alleen raakt het belijden van de Schrift, het gaat ook over de beleving van de leer, de praktijk van de godzaligheid is er bij ingesloten. Daarin mag geen verschuiving plaatsvinden, laat staan verandering. Een anders denken en spreken. Afwijkend van het verleden. Die werkelijkheid is vandaag niet ondenkbeeldig. Zien we het? Horen we het? Lezen we het? Wat wordt er aan gedaan? Is er een streven om een goed versterkend contact te hebben met allen die naar Schrift en belijdenis willen leven en spreken? In één verband, in één kerk? Is dat nodig? Johannes 17 mogen we niet overbrengen op kerkelijke instituten. Er behoort naar Johannes 17 een band aan elkaar te zijn. Respect voor elkaar. Dit moet merkbaar zijn. Samenwerken waar mogelijk is Met elkaar spreken. Bidden en werken. Het blijft toch niet beperkt tot de Haamstededagen? Wat groeit er uit?

Scheuren

Nu is er nog een zaak waar Paulus op wijst. De dwaalleraars waren meesters in het verzamelen van geboden en inzettingen. Maar al de gepropageerde geboden hadden een menselijk karakter. Het wetticisme voerde zo hoogtij. Er schitterde eigenwillige godsdienst in. Er was een zekere navolging van wat bleek in Jezus’ dagen. Het aankomen op het uiterlijke leidde tot die conclusie dat het in orde is en dat het verder wel goed zou komen. Zeer sterk is de Heere Jezus daar tegenin gegaan. Hij heeft gewezen waar het op aan komt. Er mag geen onderscheid zijn tussen het uitwendige en het inwendige leven. Nu moeten wij vandaag geen excessen of extremen aangrijpen om een bepaalde aanpassing aan de wereld te rechtvaardigen. Leer en leven behoren naar het Woord van de Heere samen te gaan. Er mag geen andere levensstijl of leven zijn als in het verleden. Daar behoren kleding en hoe we gekleed zijn op de zondag ook bij. Een halve eeuw geleden was er gelijkheid. In Rotterdam werd het gezien. Op de zondag kon men zien en zeggen: daar gaat kerkvolk Ouderen en jongeren. De opmerking dat het niet in het uiterlijke zit is een loze, voze opmerking. Willen ambtsdragers gereformeerd zijn met een band aan het verleden dan zullen ze staan naast ouderen en jongeren die Bijbels door het leven willen gaan. Bijzonder zullen de meisje hun steun bemerken. Want tegen het leven naar Gods Woord komt veel op. Niet alleen van buiten de kerk maar ook van binnen de kerk. Soms is het laatste erger dan het eerste. Het respect voor een positieve levensinstelling en leven komt nog voor. Bijzonder wanneer de ander geen eigengereidheid bemerkt, maar meelevendheid. De menselijke voorschriften door Paulus genoemd moeten betrekking hebben gehad op reinheid van voedsel en onthouding. Samenvattend: de reinheidscultus die met name in Joodse kringen voorkwam en door de dwaalleraars niet opzij werd geschoven. Zij bleef in het vaandel staan. Men zocht reinheid en heiigheid in het zich onthouden van wat de Heere in het natuurlijke leven had gegeven.

Er waren reinigingswetten. Door zich daaraan te houden ging het goed. Wie het niet deed bewerkte zijn ondergang. Hiertegenover stelde Paulus: alle dingen zijn de reinen rein (vs. 15). Terecht stelt een Schriftverklaarder: voor wie door God geheiligd en aan Zijn zijde is geplaatst en overeenkomstig deze roeping in zedelijke roeping leeft is het natuurlijke leven en zijn gaven niet verwerpelijk. Maar veeleer gave Gods. Maar zegt Paulus, de bevlekten en ongelovigen is geen ding rein maar beide hun verstand en geweten zijn bevlekt (vs. 15). Bevlekten en ongelovigen zijn zij die geen deel hebben aan de ware innerlijke reiniging door de Geest doordat zij ongelovig staan tegenover de vergevende en heiligende genade van God in Christus en zoeken zij in uitwendige het hart niet rakende reinigingsvoorschriften en gewoonten hun eigen verlossing te bewerken. Vandaag kan het zo zijn dat het uitwendige zo overtrokken wordt zodat de innerlijke beleving schuil gaat. Zo’n leven staat niet los van het farizeïsme. Ook kan de nadruk vallen op : alles is rein. En dat leidt tot een leven naar eigen willekeur zonder te denken aan het feit dat men gebonden is aan het liefdesbevel Hetzij dat gijlieden eet, hetzij dat gijlieden drinkt. Het zij dat gij iets anders doet, doet het al ter ere van God (1 Kor. 10: 31). Het leven, het doen en het laten moet de toets van Gods Woord kunnen doorstaan. Zelfbepaling is uitgesloten. De Heere heeft geen wetteloze christenen.

Oordeel

Wie vers 16 leest moet zeggen: welk een oordeel wordt door Paulus uitgesproken. Zij belijden dat zij God kennen, maar zij verloochenen Hem met de werken alzo zij gruwelijk zijn en ongehoorzaam en tot alle goed werk ongeschikt. Laten we weer luisteren naar de exegeet Ridderbos. Het gaat hier niet om atheïsme, maar om de valse religie die gevaarlijker is dan het atheïsme Valse religie pretendeert wel God te kennen en verleidt op die manier lichtgelovige mensen. Zij is daarin ook niet onzeker of aarzelend. Zij stemt toe dat er een God is en betuigt dat zij ten aanzien van Hem niet in het donker tast, maar Hem kent en met Zijn wil vertrouwd is. Maar die aldus spreken geven in hun werken het bewijs van het tegendeel. Een heldere analyse wordt gegeven van de bedreigingen op het eiland Kreta. Zedeloos heidendom en eigenwillige godsdienst. Wat een gevaren voor de gemeenten. Bedrieglijk. Misleidend. Maar in die zo verdorven landshoek in de hel (Calvijn) heeft Christus Zijn kerk geplant in de overtuiging dat die kerk niet verwoest zal worden maar zelfs uitgebreid en opgebouwd zal worden, komt Paulus met zijn schrijven tot Titus en de ouderlingen. Bij alle waarschuwingen en vermaningen is de spits: doorgaan! Tegen de stroom in. Zo ook vandaag. Machteloos? Krachteloos? Kwam de Legeraanvoerder tot Jozua op het juiste moment en gaf Hij zijn instructies. Zo spreekt de Legeraanvoerder Jezus Christus nu tot Zijn soldaten. Zijt standvastig, onbewegelijk, altijd overvloedig zijnde in het werk des Heeren, als die weet dat uw arbeid niet ijdel is in de Heere (1 Cor. 15:58). De muren van het sterke BabyIon zullen vallen. Haar inwoners zullen vergaan. Wie ze ook zijn. De volgelingen, de soldaten van Koning Jezus zullen triumferen. Ze zullen zelfs meer dan overwinnaars zijn. Door Hem Die hen heeft liefgehad. (Rom. 8:37).

Dit artikel werd u aangeboden door: Bewaar het Pand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 september 2009

Bewaar het pand | 12 Pagina's

NIET MIS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 24 september 2009

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken