Bekijk het origineel

Jojakim-2

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Jojakim-2

Jeremia 36:11-36

10 minuten leestijd

Baruch heeft op het tempelplein Gods Woord gelezen. War de vele tempelgangers ermee doen wordt niet verteld. Wel horen we wat een van Baruchs luisteraars ermee doet, een zekere Michaja, zoon van Gemarja, de secretaris van de koning. Hij heeft Baruch horen lezen en hij vindt wat hij gehoord heeft belangrijk genoeg om verder verteld te worden. Het lijkt erop dat hij er diep van onder de indruk is.

Schrik
Hij snelt naar het paleis waar hij weet dat zijn vader is en inderdaad, in de kamer van een van de collega’s van zijn vader, Elisama, vindt hij hem samen met nog een aantal andere regeringspersonen. Gebruiken deze mannen deze vastendag om zich nog eens nadrukkelijk te beraden op de situatie waarin Juda en Jeruzalem zich op dit moment bevinden? Michaja stoort hen in hun besprekingen vertelt zo nauwkeurig mogelijk wat hij Baruch heeft horen voorlezen. De vorsten willen hier meer van weten. Ook zij zijn onder de indruk en zo komt het dat ze deze boodschap van Michaja niet afdoen als iets onbelangrijks. Stel dat dit waar is! Dan moeten zij vanuit hun verantwoordelijkheid wat doen. Maar dan moeten ze wel eerst weten hoe alles precies zit. Dus sturen ze een van hen. een zekere Jehucli, erop uit om Baruch te halen en voor hun oren te herhalen wat hij in de tempel aan het volk heeft doen horen. Waarom, zo kan gevraagd worden, gaan ze niet met elkaar direkt naar de tempel om daar ten aanschouwen van het volk her voorbeeld te geven? Het voorbeeld van verootmoediging door te doen waartoe de woorden van de rol oproepen. Nee, dat doen ze niet. Wel laten ze Baruch komen. Zit daar niet iets dubbels in? Jehucli, die van afkomst een Ethiopiër is, zoals de naarn van zijn overgrootvader Cuschi aangeel t, haast zich de opdracht uit te voeren. I lij vindt Baruch en brengt hem naar de vergadering in de kamer van Elisama. Daar wordt hem gevraagd de rol nog eens voor te lezen. Men behandelt hem beleefd. Baruch krijgt zelfs een stoel aangewezen. Dit en nog verschillende andere dingen lijken erop te wijzen dat men in deze kring niet zo negatief oordeelt over Jeremia en zijn boodschap. Men wil er in ieder geval naar luisteren en dan overwegen wat ze te doen hebben. Baruch leest opnieuw uit de rol en het duurt niet lang of in de kring van deze regeringspersonen ontstaat schrik. Als war ze nu horen eens echt waar zal zijn! Jeruzalem verkeert toch al in een crisis en dan komt daar nu dit bericht nog eens overheen. Dit bericht namelijk dat de Heere Jeruzalem in de hand van de koning van Ba bel zal geven en dat het lot van de stad dus beslist is. Er staat ‘ze verschrikten de een tegen de ander’. Dat wil zeggen dat ze elkaar met angstogen aankijken en elkaar vragen: Wat moeten we doen?Ja, het zijn godsdienstige mensen, die met God en Zijn recht rekening houden, althans tor op zekere hoogte. Ze voelen ook wel aan dat er nu wat moer gebeuren. Er zal bekering moeten zijn om nog aan het dreigende oordeel te ontkomen. Maar toch nemen zij zelf geen initiatieven. Ze vinden dat de koning dat maar moet doen. Maar als ze naar de koning gaan dan moeten ze er wel zeker van zijn, dat dit alles echt is. Vandaar de vraag aan Barnch hoe alles in zijn werk gegaan is. Baruch verzekert hen dat de rol echt is. Hij heeft alles opgeschreven zoals Jeremia het hem voorzei. Heus, dit is via de profeet echt het Woord van God. Ze geloven Baruch en zeggen hem dat ze dit natuurlijk aan de koning moeten berichten. Alleen, dat kan dan wel eens verkeerd aflopen. Ze kennen de koning en ze weten hoe hij tegenover Jeremia staat en tegenover het woord dat hij spreekt. Van de Hee- re moet hij niets hebben en naar Zijn stem zal hij ook nu niet willen luisteren. Dat is wel gebleken toen Uria het Woord Gods sprak. Met hem heeft Jojakim toen korte metten gemaakt. Het zou daarom wel eens kunnen gebeuren dat de koning bevel zal geven om Baruch en Jeremia gevangen te nemen, zo niet erger. Daarom geven de vorsten Baruch maar alvast het dringend advies om zich samen mee Jeremia te verbergen. Zij zijn bezorgd voor hen. Vandaar dit advies. Dat laatste is een mooie trek. Mooi is ook dat ze voor Gods oordeel schrikken. Hun geweten spreekt nog. Maar het heeft er anderzijds alle schijn van dat ze voor koning Jojakirn nog banger zijn dan voorde Mee re.

Jojakims reactie
Ze gaan naar de koning. Voor alle zekerheid nemen ze de rol niet mee. Je weet maar nooit wat de koning in een uitbarsting van toorn zou kunnen doen. Als ze echter aan Jojakim verteld hebben wat er intussen gepasseerd is en dar de boodschap van Jeremia weer geklonken heeft onder het volk, geeft de koning aan Jehudi het bevel om de rol te halen en eruit voor te lezen. Merkwaardig, Jojakim haat Jeremia en zou zijn woorden maar het liefst allemaal willen begraven. Maar toch wil hij ze eerst nog weer horen. Begrijpt de koning dan niet dat hij op deze manier geen enkel voorwendsel meer overhoudt? Nooit zal hij zich nu nog kunnen beroepen op onkunde. Hij weet het zo goed want hij heeft het zo goed gehoord! Met spanning wachten de vorsten af wat er nu zal gaan gebeuren. Ze staan om de koning heen en zo horen ze de woorden die ze al eerder gehoord hebben. Weer ervaren ze het gevoel van schrik en ontzetting. Maar als ze dan letten op de koning dan verdwijnt hun schrik weer. Althans gedeeltelijk. Schijnbaar onbewogen en onaangedaan luistert Jojakim. Maar als jehudi dan een aantal stukken heeft voorgelezen geeft de koning hem het bevel om de rol aan hem te geven. Met ontzetting zien de vorsten wat de koning gaat doen. Hij neemt een pennemes en snijdt daarmee de stukken die Jehudi gelezen heeft van de rol af. In het vertrek staat een vuurpan waarin vuur brandt. Het is namelijk winter en de gebeurtenis speelt zich af in het gedeelte van het paleis dat het winterhuis genoemd wordt. Welnu, de van de rol afgesneden stukken gooit Jojakim zonder enige aarzeling in dat vuur en de vorsten moeten toezien hoe de vlammen dar deel van de rol verteren. De op dat deel van de rol geschreven boodschap van de I leere moet verstommen. Jehudi leest weer verder en na een poosje doet Jojakim hetzelfde. Totdat tenslotte de hele rol verbrand is en het Woord Gods niet meer bestaat. Zover durft Jojakim gaan. Ach, hij ging al eerder zover toen hij Uria liet doden. Verbaasd hoeven ze daarom niet te zijn. Jojakim staat nergens voor. Dat hebben Hlnathan, Delaja en Gemarja ondervonden, die nog een poging deden om Jojakim ervan te weerhouden om de rol te verbranden. Het hielp echter niets. Wat ze ook zeiden, hij luisterde niet eens naar hen. Het gevolg van alles is dat de vorsten zich maar schikken in de situatie en verder niets zeggen tegen de koning. Ze beheersen zich, denkend aan hun eigen positie die ze er niet aan willen wagen. Het laat wel zien dat de sympathie die ze schijnbaar voor Jeremia en Baruch hebben en de indrukken die Gods Woord soms op hen maakt niet verder reiken clan de oppervlakte. Hun godsdienst blijkt slechts iets van de buitenkant te zijn. Jojakim is niet tevreden met het verbranden van de rol; hij wil ook de schrijver ervan en diens secretaris in handen hebben. Ook van hen wil hij af. Jeremia’s stem mag nooit meerspreken en Baruchs pen mag nooit meer iets op papier zetten. Jojakim staat zo vijandig tegenover Gods Woord dat hij her volledig uit zijn leven zoekt uit te bannen. Zeg nu maar niet: Hoe bestaat het dat een zoon van zo’n godvrezende man als Josia, zo doet. We hebben dit soort dingen meer gezien en we zien ze nog. De Bijbel is vaker verbrand of op een andere manier vernietigd. De duivel wil de boodschap omtrent zonde en genade doen verstommen. Vandaar ook allerlei vormen van Schrift- kritiek en al die pogingen om de Bijbel te vervalsen door er onze eigen meningen aan op te dringen. Jojakims zijn er altijd geweest en ze zijn er nog. Ze zullen er ook wel altijd blijven want het verzet tegen God en Zijn Woord houdt pas op als de nieuwe hemel en de nieuwe aarde er zijn. Ons past het daarom goed in de gaten te houden dat de duivel altijd listen zal blijven verzinnen om ons Gods Woord te ontnemen. Wees op uw hoede voor Jojakim. En verfoei ook de houding van die regeringspersonen, die soms wel ernstig lijken, maar die in de grond van de zaak net zo onverschillig zijn als Jojakim.

De rol opnieuw geschreven
De rol is verbrand. Op de profeet wordt jacht gemaakt. Alleen, hij en Baruch zijn door de I leere verborgen. Dat wil zeggen dat ze echt veilig, ja onvindbaar zijn. Maar zal het hier dan eindigen? Zwijgt Gods Woord voortaan? Gaat het zoals Jojakim wil dat het gaat? God zegt dat Zijn Raad zal bestaan en dat Hij al Zijn welbehagen doen zal. Dat gebeurt nu ook. De Heere geeftJeremia opdracht om Baruch opnieuw te dicteren. Wal op de eerste rol stond moet opnieuw op schrift gesteld worden met nog een aantal andere woorden van de Heere erbij. Jeremia zit weliswaar in zijn schuilplaats en van optreden in het openbaar is geen sprake, maar hij is niet werkeloos, Ook nu mag hij werk verlichten dat dienstbaar /al zijn in Gods Koninkrijk. Dat Woord zal blijven bestaan. God geeft het Jeremia opnieuw duidelijk voor de aandacht en Baruch hanteert opnieuw de pen. Met welk doel gebeurt het? Gods Woord moet bewaard blijven. Ook in de toekomst wil de Heere van Jeremia’s profetieën gebruik maken. Als het dan niet kon dienen tot bekering van Jojakim en het volk van Juda, dan zullen er in de komende eeuwen mensen zijn die kunnen getuigen dat dit bijbelboek in hun leven door de Heere gebruikt is tot hun zaligheid, in Luthers leven heeft deze geschiedenis zich bijna letterlijk herhaald. Ook zijn leven werd bedreigd zodat hij zich schuil moest houden. Preken en doceren kon hij niet meer. Maar hij bracht zijn dagen niet door in ledigheid. In zijn schuilplaats ging hij de Bijbel in het Duits vertalen. Ook een van de eerste vertalingen in het Engels, die van William Tyndale, is voor het grootste gedeelte in allerlei schuilplaatsen tot stand gekomen. De I leere is wakker over Zijn Woord om dat te doen. Dat heeft Hij nadrukkelijk tot Jeremia gezegd toen Hij hem riep tot profeet (Jet*. 1:12). Hier ziet de profeet het. Wat zal het hem een wonder geweest zijn om dagelijks te mogen verkeren in de schaduw van de Almachtige (Ps. 91:1). Daar, in die schaduw mag hij werken. Werk verrichten ten dienste van de verbreiding van Gods Woord. Jeremia weet het weer: dejojakims zullen het niet winnen. Ook Jojakim zal herweten, vroeg of laat. Zijn listen worden verijdeld. Tegen God strijden is onbegonnen werk. Gods Woord tot zwijgen brengen? Als we dat proberen dan zal het enige resultaat zijn dat we zelf tot zwijgen gebracht worden. Alle mond zal immers gestopt worden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 december 2010

Bewaar het pand | 12 Pagina's

Jojakim-2

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 december 2010

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken