Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Vragen uit Canada (3) en het Heilig Avondmaal

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Vragen uit Canada (3) en het Heilig Avondmaal

6 minuten leestijd

Graag ga ik nog even in op een vraag over Genesis 11 vers 6. Daar staat: En de HEERE zeide: Ziet, zij zijn enerlei volk en hebben allen enerlei spraak; en dit is het dat zij beginnen te maken; maar nu, zou hun niet afgesneden worden al wat zij bedacht hebben te maken?

In de King James Version, waaruit onze vriend in Canada leest, staat: “Niets zal van hen weerhouden worden wat zij van plan zijn te doen”. Aan de verschillende vertalingen en commentaren kun je zien dat het in de grondtaal, het hebreeuws, blijkbaar een moeilijke passage is. Het ene commentaar gaat uit van een vaststelling. God stelt vast dat niets van wat de mensen zich voornamen te doen, namelijk een hemelhoge toren bouwen, voor hen onmogelijk zou zijn. Dat vind je dan ook terug in de Herziene Staten Vertaling. Een ander commentaar ziet in deze woorden geen vaststelling van een feit door God, maar een voornemen van God om de torenbouw te verhinderen: zullen zij niet weerhouden worden? Dit vinden we terug in de Staten Vertaling. De King James Version ziet deze woorden ook als een vaststelling van een feit door God. In beide gevallen is echter het voornemen van God duidelijk: namelijk om de mens in zijn hoogmoed en trots te vernederen. Als de Heere dat niet doet zal de mens in zijn trots en eigenzinnigheid doorgaan namelijk. Een mens zal doorgaan tot het einde, de dood, tenzij God Zelf ingrijpt. Alle zelfvertrouwen, eigendunk, trots en alle zoeken van zekerheid buiten het geloof om, breekt God ook vandaag nog af door de middelen van Woord en Geest. Ook vandaag zien we allerlei torens van Babel oprijzen. Denk alleen maar aan de enorme vlucht die de techniek heeft genomen. Maar wie denkt zich door wat voor middel dan ook onkwetsbaar, sterk en onafhankelijk te kunnen maken, en dus God niet nodig heeft, zal er achter komen dat vroeg of laat al het bouwen aan de torens van Babel op een grote teleurstelling zal uitlopen. Wie leert bouwen op hetgeen God werkt, die zal niet beschaamd worden. De torens van God zullen nooit vallen, Zijn Woord bestaat in der eeuwigheid. De mensen in Genesis 11 gingen in tegen Gods bedoeling om zich over de aarde te verspreiden. Dat streven heeft God verhinderd door een machtig groot wonder: het talenwonder. Hij Die in den beginne hemel en aarde schiep, met alles wat daarin is, schept na de zondvloed menigerlei talen. Wat is God toch oneindig groot en machtig. Zijn ingrijpen had onmiddellijk effect. God maakte scheiding tussen de mensen. Men wilde macht en eenheid zonder en tegen God. En daarin zal God blazen. God verstaat en begrijpt elke taal. Daar kwam eens een kind achter toen hij op een grote foto in een tijdschrift een biddend chinees meisje zag. Mama, zei hij: kent God ook chinees? God is zo groot dat Hij iedereen verstaat. Maar ook zo groot dat Hij tot mij spreekt in mijn eigen taal. Zullen Gods kinderen nu in de hemel en straks op de nieuwe aarde elkaar allemaal verstaan? Spreken zij dezelfde taal? Dat zal toch wel? Alle barrières zullen zijn opgeheven. Men zal elkaar niet alleen geestelijk verstaan, maar ook letterlijk. Tot zover de beantwoording van de vragen uit Canada.
Ik ga nu beginnen met de beantwoording van een vraag die te maken heeft met belijdenis doen en Avondmaal. Wat te denken van de volgende uitdrukking in een preek: “Als je hier geen avondmaal kunt houden, dan kun je dat in de hemel ook niet”. Of van deze woorden, ook uit een preek: “Iemand die geen avondmaal kan houden, kan dat in de hemel wel, als je maar geloof, een gelovig hart hebt”. Ik wil wel proberen op deze dingen in te gaan, al moeten we er ons wel van bewust zijn dat we alleen deze zinnen kennen en niet het verband. Als het losse opmerkingen zijn, waar niet nader op werd ingegaan, vind ik het inderdaad voor de hand liggen dat er dan vragen rijzen. Je mag overigens bij het horen van dergelijke uitspraken best aan de dominee vragen wat en hoe hij dit bedoelt. Maar dat even terzijde. Goed, deze woorden: als je hier geen avondmaal kunt houden, dan ook in de hemel niet. Mijn eerste reactie hierop is een vraag. Vieren Gods kinderen in de hemel dan ook nog het Heilig Avondmaal? Dat staat toch nergens? De tekenen van gebroken brood en vergoten wijn zijn daar toch niet meer nodig? Daar heeft Gods kind echte, wezenlijke, geestelijke en eeuwige gemeenschap met de Heere. Zoals aan de schaduwdienst van het Oude Verbond een einde kwam, zo komt ook aan de nieuwtestamentische tekenen een einde. Die tekenen dienen hier ook nog eens als versterking van het geloof. Welnu, ook het geloof dient in de hemel niet versterkt te worden. Het is overgegaan in aanschouwen. Dat allereerst. Er zijn kerkmensen die nooit aan het Avondmaal deel nemen en sterven zonder dat daar ooit verandering in kwam, om de eenvoudige, maar wel aangrijpende reden, dat er nooit honger naar Christus was. Dat is heel erg als een mens geen honger en dorst kent naar de gerechtigheid van de Heere Jezus. Zeker als die mens beweert dat het je gegeven moet worden. Wie dat werkelijk gelooft, leert erom vragen. Wat is de reden dat een mens niet hongert naar de kennis van Christus? Omdat hij hongert naar andere dingen. Naar de ongerechtigheid bijvoorbeeld of naar de eigengerechtigheid. En op grond daarvan zal hij voor eeuwig veroordeeld worden en omkomen. Wie nog voor eigen rekening leeft kan niet deelnemen aan de viering van het Heilig Avondmaal, maar wil dat ook niet. Zijn verdiende loon zal zijn dat ze niet zullen aanzitten straks bij de bruiloft van het Lam, maar buiten zullen moeten verblijven, bij de honden. Vreselijk! Dan die tweede uitspraak: als je maar geloof hebt, ook al ga je niet aan het avondmaal, dan komt het wel goed, je gaat dan naar de hemel en daar zul je dan Avondmaal houden. Nu, dat laatste klopt dus niet. Wel is het zo dat het voor een mens op het geloof aankomt. Is er geen sprake van een waar zaligmakend geloof, dan zal hij niet zalig worden, ook al zit hij bij wijze van spreken zijn leven lang aan de avondmaalstafel. Maar is er wel sprake van waar geloof, dan blijkt dat uit een honger en dorst naar gerechtigheid. Dan zal de nodiging op de avondmaalszondag hem niet onberoerd laten. Maar daarover een volgende keer meer!

Dit artikel werd u aangeboden door: Bewaar het Pand

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 16 februari 2015

Bewaar het pand | 12 Pagina's

Vragen uit Canada (3) en het Heilig Avondmaal

Bekijk de hele uitgave van maandag 16 februari 2015

Bewaar het pand | 12 Pagina's

PDF Bekijken