Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Vorm en wezen van de huwelijkssluiting naar de oud-oostersche rechtsopvatting - pagina 8

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Vorm en wezen van de huwelijkssluiting naar de oud-oostersche rechtsopvatting - pagina 8

Openbare les, gehouden bij den aanvang van zijn lessen als privaat-docent in de Oostersche rechtsgeschiedenis en de Grieksch-Egyptische papyrologie aan de..Rijks-Universiteit te Leiden op Woensdag 31 Januari 1934

2 minuten leestijd

rechtskringen, waarop wij bij de bespreking van het z.g. koophuwelijk nader in zullen gaan. II Trachten wij nu de menigvuldige, in het oude Voor-Azië voorkomende huwelijksvormen onder bepaalde gezichtspunten te rangschikken, dan merken wij het volgende op : al naar het karakter van de machtsverhouding, waaronder zich de vrouw ten tijde van de huwelijkssluiting bevindt, is de vorm van het huwelijk verschillend. Is de vrouw ten tijde van de huwelijkssluiting aan de macht van den man onderworpen, dan heeft het sluiten van het huwelijk, gelijk men nauwelijks anders verwachten kan, plaats door een eenzijdige handeling van den man. Dit laat het midden-assyrische wetboek (§41) zien voor het geval, dat iemand zijn halfvrije bijvrouw 18), die zich bijgevolg in zijn macht bevindt, in zijn eigen stand, dus in den stand der vrijen verheft, om haar in aansluiting daaraan als „vrouw van zijn eigen stand te hebben". Beide handelingen worden voltrokken door een optreden van den man alleen. Op gelijke wijze kent het bijbelsche recht in Deuteronomium een huwelijkssluiting door eenzijdig optreden van den man voor het geval, dat de vrouw als krijgsgevangene zich in zijn macht heeft bevonden. „Wanneer gij tegen uw vijanden ten strijde trekt, en de Heer Uw God hen in uw hand geeft, en gij onder hen gevangenen maakt, en gij ziet onder de gevangenen een vrouw schoon van gedaante en gij lust tot haar gekregen zult hebben, dat gij ze u ter vrouwe neemt, zoo zult gij haar binnen in uw huis brengen, zij zal haar hoofd scheren en haar nagels afsnijden, en zij zal het kleed van haar gevangenschap afleggen en in uw huis wonen en haar vader en moeder beweenen een maand lang. Dan zult gij tot haar ingaan en haar man zijn en zij zal U tot vrouw zijn" (Deut. 21 : 10 v. v.). De

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 31 januari 1934

Brochures (TUA) | 45 Pagina's

Vorm en wezen van de huwelijkssluiting naar de oud-oostersche rechtsopvatting - pagina 8

Bekijk de hele uitgave van woensdag 31 januari 1934

Brochures (TUA) | 45 Pagina's

PDF Bekijken