Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Wel den strijd in, doch niet in 't harnas - pagina 41

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Wel den strijd in, doch niet in 't harnas - pagina 41

Antwoord aan I. de Wolff, geref. predt. te Mussel, en verder aan vele gereformeerden

2 minuten leestijd

37, W a a r in den regel het meest over gesproken wordt, willen we ook hier het eerst noemen. Ds. de W o l f f , U hebt op den Ouderavond gezegd: Ik veronderstel, maar ds. Dam veronderstelt ook. Zelfs een man als ds. Kersten veronderstelt. W a n t ik veronderstel, dat ds. Dam een kind Gods is. En ds. Dam veronderstelt dat toch zeker ook van mij. Dus ds. Dam veronderstelt ook. Nu gaat deze vergelijking heelemaal niet op. W a n t U spreekt toch eigenlijk niet bij U w belijdende leden van veronderstelling? Dat doet U toch alleen maar bij U w kinderen? Maar laat ik nu nog eens mogen zeggen, wat ik U op die vergelijking geantwoord heb. Ik heb toen gezegd: Zie, daar zit het juist. Ds. de Wolff veronderstelt, dat ds. Dam een kind Gods is. Toen heb ik verder gezegd: Dat mag ds. de W o l f f niet doen. Ds. de Wolff heeft mij nooit over mijn geestelijk leven hooren spreken, en nu heeft hij niet het recht om te gaan veronderstellen, dat ik dat leven bezit. Ook niet al ben ik zelfs predikant. Ik wil U wel zeggen, dat ik het van mijn gemeenteleden niet doe. En al zijt ge nu ds., ik doe het ook van U niet. Als U mij niet en nooit hebt meegedeeld hoe d e Heere U, of van kindsbeen af, of in U w later leven het nieuwe leven in U gewerkt heeft, dan veronderstel ik niet, dat U het bezit. Als U dat wel tegenover mij uitgesproken hebt en Uw wandel is in overeenstemming met Uwe getuigenis, dan veronderstel ik nog niet. Dat is veel te slap. Voor mij zonder beteekenis. Maar dan geloof ik het. Zie, dat is het verschil. Nu weet ik wel, dat hier genoeg op gezegd kan worden. En ik voel al weer d e klappen, maar ik neem er voorloopig nog niets van terug. In hetgeen ik .boven noemde, gaat het niet over de mate en ook niet langs welken weg de Heere Zijn werk gewerkt heeft. Het gaat om de zaak als zaak. En dan zeg ik, als d e Heere een zondaar gaat bekeeren, dan is dat zulk een groot werk, dat het onmogelijk bedekt kan blijven. Doch dan gaat men niet de leer verdedigen waarin

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 april 1934

Brochures (TUA) | 70 Pagina's

Wel den strijd in, doch niet in 't harnas - pagina 41

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 april 1934

Brochures (TUA) | 70 Pagina's

PDF Bekijken