Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

De preektrant van de dominé's in de Kerken der Afscheiding in de jaren 1834-1869 - pagina 37

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De preektrant van de dominé's in de Kerken der Afscheiding in de jaren 1834-1869 - pagina 37

Referaat, gehouden op de Predikantenconferentie te Utrecht, april 1934

2 minuten leestijd

Door een reeks van kenmerken trachtten ze het den hoorders duidelijk te maken of zij bekeerd waren of nog buiten het Koninkrijk der hemelen stonden, om dan de onbekeerden met klem van redenen op te wekken toch de bekeering te zoeken. Daartegen kwam ik met kracht en klem op. W i e niet aanvaardt de idee van de volkskerk, wie staat op het standpunt van de belijdenis-kerk, mag zoo niet doen. Zoolang ik iemand niet van de gemeente heb afgesneden moet ik hem behandelen als een geloovige, ook in de prediking. Daartegen nu is van Christelijke Gereformeerde-, èn van Hervormde zijde, ook uit eigen kring, bezwaar gemaakt. V a n Christelijke Gereformeerde zijde heeft men uit deze uitspraken van mij afgeleid, dat ik zou leeren : „alle gedoopten zijn wedergeboren en gaan dus naar den hemel". M a a r wie dat uit mijn woorden afleid heeft óf niet goed gelezen, óf is bewust oneerlijk. Met zoovele woorden heb ik gezegd (bldz. 18) : „ D e mogelijkheid bestaat immers, dat er in de gemeente, die daar voor ons zit, hypocrieten zijn ; dat er een Judas is onder de discipelen". Het gaat hier niet over de vraag : „ w a t zijn deze menschen in werkelijkheid ? " D a t kan G o d alleen beoordeelen. V o o r mij is het de vraag : „wat zijn ze voor mij; hoe heb ik hen te beschouwen en mitsdien te bejegenen ? " E n dan staat het vast, dat ik iemand, die gedoopt is en zich aandient als een geloovige, zoolang zijn leven niet bewijst de onwaarachtigheid van zijn belijden, eenvoudig als een kind G o d s heb te bezien en te behandelen. Z e g t iemand nu : „daarmede houdt de prediking des Evangelies op, te zijn een sleutel van het Koninkrijk der hemelen", dan antwoord ik : „gij dwaalt". A l s ik tegen de gemeente zeg : „al uw heil komt u alléén toe, door het geloof in Christus Jezus", dan heb ik daardoor hem, die niet in zijn hart in Christus gelooft, immers buiten gesloten ? Daarvoor is niet noodig, dat ik er opzettelijk nog eens bij-

35

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1935

Brochures (TUA) | 51 Pagina's

De preektrant van de dominé's in de Kerken der Afscheiding in de jaren 1834-1869 - pagina 37

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1935

Brochures (TUA) | 51 Pagina's

PDF Bekijken