Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Het verdervend zwaard des Heeren door boete afgeweerd - pagina 51

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Het verdervend zwaard des Heeren door boete afgeweerd - pagina 51

Hoogst ernstige predicatie

2 minuten leestijd

49 Gods hoogheid en met diepe beseffen van eigen en vloekwaardigheid, Phil. 3 : 8 , 9.

geringheid

Wij weten geen grooter weldaad waardoor God meer veren de trotsche mensch het meest vernederd wordt dan eens met God te mogen worden door schuld en liefde; en er is geen dierbaarder arbeid voor het geloof dan dit te te mogen beoefenen. Zeker dichter zegt daarvan: „Zalig, zalig, niets te wezen, In ons eigen oog, voor God". En de dichter van Ps. 119 zingt er van in vers 3 6 : „Geen meerder goed, Heer, Gij mij geven meugt, Dan dat Gij mij vernedert en maakt kleine". (O. Rijm.) Zion, kent u er iets van, en nadat u er iets van beleefd hebt in de vuurschaar Gods, beleeft u er bij tijden nog iets van ? „O, hoe gelukkig zou ik dien dag rekenen", zeggen eenigen van het Zion Gods, die door den Geest des oordeels en der uitbranding, onder de trekkende liefdekoorden bearbeid worden „als ik daartoe mocht verwaardigd worden" En al evenwel beleven zij er eens wat van in druk- en proefwegen, om alles te verloochenen en den Heere alleen aan te kleven. Wanneer bij Gods volk de genade, in welken trap dan ook, in oefening is, staat het allermeest naar deze uitnemende weldaad. Liefde Gods, heerschende in het hart, strekt zich uit naar deze genadeweldaad. Wij zeggen niet dat, bij wien deze begeerte voor 't oogenblik niet is, in zoodanig hart geen genade i s ; maar het is waar, dat de genade onder de asch van de dagelijksche beslommeringen begraven ligt. De Heilige Geest, de ziel bearbeidende, doet ze haarzelven verloochenen en Gode de eere geven. Toehoorders, nu is het Zion Gods met grauwigheid bedekt, maar dan zou er een glans liggen op haar aangezicht en een reuke Christi zou van haar uitgaan. Er zou dan kunnen gezongen w o r d e n : „De bloemen worden gezien in den lande, de zangtijd genaakt en de stemme der tortelduif wordt gehoord in onzen lande, Hoogl. 2 : 1 2 . heerlijkt

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1935

Brochures (TUA) | 60 Pagina's

Het verdervend zwaard des Heeren door boete afgeweerd - pagina 51

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1935

Brochures (TUA) | 60 Pagina's

PDF Bekijken