Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

VRAGENBUS

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

VRAGENBUS

3 minuten leestijd

Correspondentie voor deze rubriek aan : T. MOLENAAR. Leede 18. Rollerdam-Zutd

J. B. te S. vraagt namens de studievereniging „Onderzoekt de Schriften" te M. of de profeet Jona de zoon is geweest van de weduwe te Zarfath.

Antwoord: Gods Woord vermeldt er niets van.

Dat dit praatje in de wereld is gekomen, berust op de overeenkomst van het Hebreeuwse woord emeth, dat waarheid en Amitthaï, die de vader van Jona was, volgens Jona 1 : 1, en waarheid van Jehova betekent.

Nu zegt Hieronymus, dat de weduwe haar zoon Amitthaï heeft genoemd, omdat zij tot de profeet gezegd had: „Nu weet ik, dat het woord Gods in uw mond waarheid (emeth) is."

Met deze uitdrukking van Hieronymus zou dus niet Jona, maar Jona's vader het kind van de weduwe van Zarfath zijn geweest, wat in strijd zou zijn met de Joodse overlevering die bev/eert, dat Jona de opgewekte jongeling was.

Doordat Gods Woord er niets van zegt is het maar beter aan de Joodse overlevering en aan een uitdrukking van Hieronymus zonder enig bewijs geen geloof te hechten.

Wij houden ons aan Gods Woord, dat ons leert wie zijn vader w r as, waar hij woonde en welke Goddelijke opdracht hij kreeg.

Als antwoord op een brief van J. O. te S. wil ik alleen maar mededelen, dat de beroeringen in het Kerkelijk leven ons niet voorbij gaan, maar een oorzaak zijn van veel kommer en zorg.

Het mocht de Heere behagen over Sion te willen opstaan. Hij binde ons aan de Troon der Genade, met de erkentenis uit Ps. 106 . 4:

„Wij hebben God op 't hoogst misdaan; Wij zijn van 't heilspoor afgegaan; Ja, wij en onze vaad'ren tevens, Verzuimend' alle trouw en plicht, Vergramden God, de Gods des Levens, Die zoveel wond'ren had verricht."

Overigens ben ik het met de inhoud van uw schrijven wel eens, maar ons blad leent er zich niet voor, om daar verder over te schrijven.

W. B. te Z. te A. vraagt of ik kan aanbevelen de „Korte Verklaring der Heilige Schrift (in de Nieuwe Vertaling)."

Antwoord: Daar de Geref. Gemeenten afwijzend staan tegenover de Nieuwe Vertaling is het vanzelfsprekend, dat men uiterst voorzichtig zij met de verklaring daarvan.

Ik vraag me wel eens af of sommige leden van de J.V. soms niet te hoog mikken.

Bedenk, dat onze verenigingen meestal bezocht worden door eenvoudige jongens, wier taak het is, in eenvoudigheid Gods Woord en onze Belijdenisschriften te onderzoeken. Zouden de Kanttekenaren, Dachsel, M. Henry je niet uit de verlegenheid kunnen brengen?

Ik acht de „Korte Verklaring" uitgave Kok te Kampen ook te moeilijk voor onze J.V.'s.

Hoe ouder ik word en hoe meer ik peil de kennis van onze jonge mensen in het algemeen, als het gaat over de historische waarheid en de gronden derzeive, dan moet ik steeds zeggen: , , Hoe eenvoudiger, hoe beter."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 november 1953

Daniel | 8 Pagina's

VRAGENBUS

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 november 1953

Daniel | 8 Pagina's

PDF Bekijken