Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

EN GIJ ZULT ZIJN NAAM HETEN JEZUS

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

EN GIJ ZULT ZIJN NAAM HETEN JEZUS

4 minuten leestijd

(Matth. 1 : 21).

Al vele eeuwen en jaren is er gepredikt, geschreven en gesproken over het wonder van de geboorte van Christus, omdat Hij is gekomen om zondaren zalig te maken-Deze woorden (vrs. 21) zijn gesproken door de Engel des Heeren tot Jozef, de ondertrouwde man van Maria, die de verkorene is naar Gods souverein welbehagen om Christus voort te brengen. Hoe nederig is Zijn geboorte. Geboren' in een beestenstal, een voederbak die voor Hem dienst doet als wieg. Geen feestverlichting was er te zien'. Geen gebak, geen kaarsen, geen kerstbomen. Misschien zeg je: „Ja maar, dat brengt nu juist sfeer en gezelligheid." Een bewijs dat het al vleselijk is. Wat arm als we het daar mee moeten doen en er genoeg aan hebben. De Heere doe ons de armoede daarvan recht beseffen, opdat wij zouden hongeren en dorsten naar die gerechtigheid, om bestraald te worden met het licht des geestes. Al het andere is maar kaarslicht en wordt tot zonde. Jongens en' meisjes zoek toch de dingen die boven zijn, waar Christus is, zittende ter rechterhand Gods. Het .is meer dan tijd om in onze schuld en schande die enige Zaligmaker te leren kennen die alleen met God kan verzoenen. De tijden zijn en worden zo bang. Het Woord is vlees geworden. Deze verborgenheid is groot. God geopenbaard in het vlees, dat is de vervulling der belofte. O ja, wat uit Zijn lippen ging blijft vast en onverbrcken. Zou Ik het zeggen en niet deen? Spreken en niet bestendig maken? Zeker, wachten duurt lang in ongeloof! Maar in het geloof is het: „Ik blijf den Heer verwachten, Mijn ziel wacht ongestoord!" De Heere zal Zijn beloften vervullen, maar op Zijn tijd. Het wordt nacht in de ziel vóór dat die heilzon gaat dagen. Voordat Christus Zich openbaart aan zulk een in zichzelf verloren en verwerpelijk schepsel die de eeuwige dood verdiend heeft. Hoe dierbaar wordt dan die naam Jezus, dat is zaligmaker en dat voor zo een die de rampzaligheid waardig is. De grootste der zondaren, in gedachten, woorden en werken. Hoe dierbaar is Zijn naam, is Christus, die gekomen is om zondaren zalig te maken. Dan verdwijnt onze naam, eer en waarde. Schuld en emkemen gaan vooraf, vóórdat de kribbe en in die kribbe de Zaligmaker ooit waarde zal krijgen. Daar wordt wat gerommeld met Jezus, men moet alles in het werk stellen om zichzelf blij te maken, met alles en neg wat, omdat het niet van binnenuit komt. Hoe diep heeft Christus Zich willen vernederen, daar ligt Hij in een beestenstal, in doeken gewonden. Hij de eeuwige Zoon van God, de menselijke natuur aangenomen, doch hoe wonderlijk Zijn geboorte, zonder erfschuld en erfsmet. Ziel en lichaam aangenomen, zó alleen kon Christus voor de zonde betalen, zó alleen Borg zijn, om de eisen des Vaders te vervullen, die vclkcmen voldoening eist en daarom ook een volkomen Zaligmaker. Jezus mens geworden, om te lijden en te sterven: schuldbetalend en schuldverzcenend. Ik voor U, daar gij de eeuwige dood moest sterven. Christus de wet vervuld, de wet van zijn vloek ontwapend door Zijn gehoorzaamheid. De Heere mocht een schuldig, buitenstaand en veroordeeld volk het licht doen opgaan in de duisternis. Dat het eens kerstfeest mocht worden ook voor jongens en meisjes. De zaligheid is in geen ander. Dan moeten onze zaligmakertjes er aan, dan blijft aan onze zijde niets over, maar dan behoeft het ook niet meer! O, dat toevallen van het recht Gods! Diepte des rijkdoms, beide der kennis en wijsheid Gods; Jezus is Zaligmaker, d'e alles gedaan heeft om zó een zendaar met God te kunnen verzoenen. Dan roepen we met Maria uit: Mijn ziel maakt groot de Heere, en mijn Geest verheugt zich in God, mijn Zaligmaker.

Dan wordt Hij de mijne, in geloof en liefde. Door de genade van het geloof als een gave Gods, verkregen uit het Woord Gods in het hart. Zo kan de ziel in de stand van het geloof verzekerd zijn, maar toch weer komen in het gemis, in een persoensgemis om Hem als die enige profeet, priester en Koning te leren kennen. Gods kerk kan niet rusten, voordat zij geborgen is in die ark des behouds! Gij zult zijn naam heten Jezus!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 december 1974

Daniel | 32 Pagina's

EN GIJ ZULT ZIJN NAAM HETEN JEZUS

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 december 1974

Daniel | 32 Pagina's

PDF Bekijken