Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Waar ben je op zaterdagavond?

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Waar ben je op zaterdagavond?

13 minuten leestijd

Bij het uitwerken van bijgaand gesprek hebben we verschillende malen geaarzeld: is het wel verantwoord om het zo in de Daniël op te nemen? Degenen die betrokken zijn bij ons jeugdwerk, weten dat we zorgen hebben over de jongeren van de gemeenten. Gelukkig zijn er velen die via het jeugdwerk worden bereikt. Maar, helaas, er zijn ook jongeren die onverschillig staan tegenover het verenigingsleven en zelfs tegenover de kerk en de boodschap van Gods Woord. Jarenlang is vanuit de Jeugdbond gestimuleerd om op zaterdagavond vereniging te houden. De reden is dat veeljongeren op deze avond niet thuis (willen) zijn. Juist deze verenigingen komen onder zware druk te staan. Hoge eisen worden er aan het bestuur gesteld om jongeren op de zaterdagavond bij de vereniging te betrekken. Hoe brengen jongeren hun zaterdagavond door? In dit gesprek kun je daar iets over lezen. Bij het lezen zul je mogelijk de vraag stellen: Is het nodig om dit in Daniël te publiceren? Begrijpelijk! Toch is het belangrijk dat verenigingsleden, bestuursleden, voorzitters, ambtsdragers, ouders en anderen kennis nemen van de leef-en gedachtenwereld van jongeren. Dat houdt niet in dat alles goedgepraat mag worden. Integendeel! We hopen dat dit gesprek veel lezers tot nadenken zet en dat er vanuit de liefde van het hart meer aandacht besteed zal worden aan jongeren die van de kerk af dreigen te raken. Lees daarvoor ook de bijlage in dit nummer.

Hoe besteden jongeren hun zaterdagavond? Het antwoord op deze vraag is wellicht makkelijk te geven: sommigen blijven thuis, anderen zitten op de jeugdvereniging, weer anderen gaan naar vrienden en helaas zijn er ook die de bar of de disco bezoeken. Om de lezer een blik te laten slaan in de leef-en gedachtenwereld van jongeren, hebben we een gesprek gehouden met een vijftal jongeren. Voor dit gesprek hebben we bewust gezocht naar een gevarieerd „publiek". Anja en Bertha zijn trouwe verenigingsleden. Egbert gaat een enkele keer naar de vereniging, maar voelt er ten diepste niets voor. Casper heeft enkele jaren geleden gebroken met de kerk, maar probeert zijn weg weer terug te vinden. Daan is een jongen vol vragen en teleurstellingen die de kerk vaarwel heeft gezegd, althans in zijn hart. Op dit moment is hij nog dooplid.

Met deze jongeren hadden we bij ons thuis een openhartig gesprek. Voor de lezer is het van belang te weten dat de namen veranderd zijn.

De eerste vraag die we stelden, was uiteraard: , , Hoe brengen jullie je zaterdagavond door? "

Anja, die sinds korte tijd op de vereniging zit, vertelde: „Ik ga naar de jeugdvereniging of naar een distriktsbijeenkomst. Ook ga ik wel eens naar een paar vriendinnen. Wanneer ik thuis zit, doen we vaak spelletjes.

Bertha heeft meer ervaring in het jeugdwerk: „Als er bij ons vereniging is, ga ik daar naar toe. Ook al heb ik geen zin, want dat gebeurt ook wel eens. M'n vrienden en vriendinnen zijn er en mede daardoor is het altijd gezellig. Op de andere avonden ga ik met een groep iets leuks doen."

Casper: Bij mij is het heel verschillend. In het verleden heb ik veel kroegen bezocht. Er is ook een tijd geweest dat ik naar concerten ging. Nee, geen orgelconcerten, maar concerten van popzangers. Ik ben ook wel eens naar een vereniging geweest, maar ik kan er niet tegen om zo'n lange tijd stil te zitten. Ik was altijd blij wanneer de pauze aanbrak.

Daan: De buitenwereld zegt dat ik dingen doe die buitensporig zijn. Zelf vergelijk ik het wel eens met een hond die aan de ketting ligt. Wanneer hij na een tijd wordt losgemaakt, breekt hij ook werkelijk los en gaat de gekste dingen doen: overgeven aan de drank of aan de drugs, of weet ik wat voor dingen nog meer.

Egbert: Ik ga er 's middags al op uit met mijn vrienden, 's Avonds zitten we vaak thuis.

Anja en Bertha vinden dat gezelligheid en ontmoeting belangrijk zijn voor de wijze waarop je de zaterdagavond doorbrengt.

Bertha: Op de zaterdagavonden dat er geen vereniging is, ga ik met een stel

vriendinnen weg. Het gebeurt wel eens dat ik niet weet wat te doen. maar dan bellen we elkaar op en gaan ergens naar toe. Het fijnste is wanneer je met een hele groep weggaat.

Anja: Door de week heb ik veel huiswerk en op de zaterdagavond wil je het echt gezellig maken. Leuk kletsen met vriendinnen bijvoorbeeld.

Casper en Daan zijn van mening dat de zaterdagavondbesteding afhangt van interesses en karakter. Ook de omgeving waarin je verkeert, is bepalend. Egbert gooit het op de financiële middelen: Egbert: Toen ik geld kreeg, ging ik er op uit. Toen ging ik echt genieten. Naar de film of zo.....

Bertha: Geld kan best wel belangrijk zijn, toch denk ik dat het belangrijker is met welke vrienden je optrekt of met welke mensen je samenwerkt. Die zeggen al snel: , , Joh, ga ook eens mee". Wanneer je er zelf niet afwijzend tegenover staat, ga je veel gemakkelijker mee.

Casper: Dat is waar. Ik weet dat ik op school zat en dat er een schoolavond werd georganiseerd. Ik wist niet wat het was. Eigenlijk stond ik daar wat vreemd tegenover. Maar ja, toch maar gaan. Je zou anders op school de vraag krijgen waarom je niet geweest bent. Dat vond ik vervelend. Dus: ik erheen. Zo ook op de kennismakingsweek van school. Ieder jaar gingen we een week weg, bijvoorbeeld naar Duitsland. En ja ze dronken daar. Echt veel, hoor. Iedere avond half beschonken tot bezopen toe. Ik was er zelf ook bij. Ja.... je weet wel hoe dat gaat. Ik laat me zelf dan niet kennen. Niet om het bier drinken, maar gewoon: je wilt niet achterblijven. In het begin had ik het er wel een beetje moeilijk mee. Maar ja op een gegeven moment wordt de stap tot het verkeerde steeds kleiner. Eerst één pilsje.... dan een paar.... dan word je een keer dronken. En dan komt er een tijd dat je niets meer erg of verkeerd vindt. Het gaat van kwaad tot erger!

Egbert: Dat is zo. In 't begin denk je: , , Ik zou best eens naar de bioscoop willen". Achteraf zegje dan: , , Dat was dom. Dat had ik niet moeten doen." Maar later denk je weer: , , 't Was toch wel leuk...."

En dan ga je weer. Zo is het ook met het bezoek aan de disco(theek). Dan heb je wel gelijk als je zegt dat vrienden belangrijk zijn. Wanneer ik alleen zou gaan, zou ik er niets aan vinden. Maar samen met vrienden wel.

Daan: Ja, maar je moet toch iets te doen hebben? Wanneer je vrije tijd hebt, ga je gewoon weg. Nou, is dat zo erg?

Casper: Toch ben je bezig om een stuk leegte op te vullen. Wanneer ik vroeger niet in de kroeg zou zitten, zou ik werkelijk niet weten wat ik zou moeten doen.

Denk je dan nooit meer aan hetgeen je van huis uit hebt meegekregen?

Casper: Jazeker. Hetgeen je van jongsaf aan hebt geleerd, raak je nooit kwijt. Maar weetje wat het probleem is, hoe meer je gewend bent, hoe makkelijker sla je door.

Ook als je weet dat je verkeerd doet?

Egbert: Ja, je weet heel goed waarin je fout bent. Maar telkens denk je weer: „Och, dat zal allemaal wel weer goed komen".

Maar je opvoeding blijft je dus bij!

Daan: Dat houd je altijd bij je kan je niet onderuit. nee, daar

En, geef nu eens eerlijk antwoord: Was je gelukkig toen je zo leefde?

Casper: Nee, nooit echt niet

Daan: (tijd nadenken) Ik zelf, ik bedoel mijn „vlees", voelde zich daar wel bij thuis, maar (stilte).

En jij? (naar Egbert)

Egbert: Ik vind het een moeilijke vraag. De ene keer vind ik het fijn, maar de andere keer, als ik met iemand van de kerk heb staan praten (een dominee bijvoorbeeld) denk ik: „Had ik nooit moeten doen". Een half uur later zeg ik bij mezelf: „Nou, die man kan me eigenlijk niets schelen". Dan doe ik het weer.

Maar, jongens, daar ligt toch een enorme leegte in?

Casper: Vreselijk jawel hoor Je voelt je nooit zo afschuwelijk wanneer je bijvoorbeeld te veel hebt gedronken en je wordt *s morgens wakker dat is een onbeschrijfelijke leegte.

Daan: Maar. mag ik nu eens vragen: Als je netjes naar de vereniging gaat en je doet geen buitensporige dingen zou je dan wel gelukkig zijn?

Bertha: Ook al ga je netjes naar de catechisatie. Ook al ga je naar de jeugdvereniging. Ook al leef je erg netjes.

Dan toch blijft er een bepaalde leegte over. Diep in je hart weetje dat het niet genoeg is. Er is, zonder dat het hart is veranderd, een leegte in het leven van iedereen. Zowel in de vrome godsdienst als in de goddeloosheid. Ik denk datje kunt zeggen dat er openlijke goddeloze zonden zijn, maar dat er ook vrome zonden zijn.

Anja: Dat is wel waar. Maar wanneer je bijvoorbeeld naar een disco gaat, dan kun je je daar toch niet thuis voelen?

Casper: Nou, daar ben ik het niet helemaal mee eens. Achteraf besef je vaak datje verkeerd bezig bent. Ik weet echt wel dat ik slecht doe en slecht ben. Maar vaak zijn dat van die indrukken. Over die indruk wordt niet meer gesproken en zo raakt het vanzelf weer weg. Maar op het moment dat je in de disco zit, voel je je er best wel thuis, althans ik wel.

Anja: Maar dat is toch afschuwelijk?

Casper: Dat vind jij. Maar jij bent een meisje. Dat is best wel een verschil. Kun je aan Ed zien dat hij van de Ger. Gemeente is? Hij ziet er wel netjes uit, maar hij kan net zo goed een vertegenwoordiger zijn. Dat zie je niet aan hem. Bij meisjes is dat anders: die dragen een rok.

Anja: Ja, maar toch moetje zó leven dat het aan je te zien is datje kerkelijk bent. Datje een speciale plaats hebt gekregen krachtens de doop. Je weet toch datje zonde hebt en doet? Je kunt je daar toch tegen verzetten? Gods Woord wijst er toch op dat je de zonde moet laten? Stel nu eens datje netjes probeert te leven en je blijft onder het Woord van God, dan kan het toch zijn dat je door het Woord gegrepen wordt? Maar als je blijft leven zoals nu, zul je toch ook niet bekeerd worden?

Egbert: Ja, je wilt wel bekeerd worden Dat wil iedereen, dat weet ik zeker. Maar je wilt ook van de wereld genieten. Ik bid echt wel of ik bekeerd zal worden, maar ik heb , , de wereld" ook lief. Nou, dat kan niet samengaan. Het is wel eens zó dat ik de hele , , wereld" van me afschuif. Dan denk ik: Ik wil bekeerd worden......

Bertha: Maar bekering stelt geen voorwaarde. De Heere zegt niet: Eerst moet je de disco en de kroeg achter je laten en dan moet je gaan vragen of je bekeerd zal worden, dan zal Ik je bekeren. De Heere zegt als het ware: Al zitje midden in dat zondige leven, ook dan wil Ik je bekeren.

Casper: Ik denk dat als je bekeerd bent, dat je onwijs gelukkig bent. Zou het niet?

Bertha: Iemand heeft eens gezegd: „Een ronde wereld kan nooit een driehoekig hart vervullen, maar een drieënig God wel."

Over deze laatste opmerking moest iedereen even nadenken. Zelfs bij het uitwerken van het gesprek, blijft de typemachine even stil staan Onwijs gelukkig"..... uit het hart van een jongen die ten diepste , , ongelukkig" is. , , Onwijs gelukkig"..... inderdaad, de Bijbel spreekt over een vrede , , die alle verstand te boven gaat".....

We zijn van het onderwerp afgedwaald. Op zich is dat niet erg. Toch zijn er nog een paar vragen die we graag aan de orde willen stellen. De eerste is: Hoe kijken, met name Casper, Daan en Egbert tegen de zaterdagavond-verenigingen aan?

Casper: Ik denk dat het goed is om op zaterdagavond vereniging te hebben. Kijk, het ligt niet aan de verenigingen dat er zorgen zijn over jongeren die het spoor

bijster zijn. Dat ligt aan ons. Wij zijn verkeerd bezig. Ja (schamperend) weetje wat ze zouden moeten doen? Bier schenken. Maar dat kan natuurlijk nooit. Ik geloof ook niet dat dat goed is.

Daan: Och. ik kijk daar iets anders tegenaan. Ik vraag me wel eens af: weten ze eigenlijk wel waar ze mee bezig zijn? Moetje luisteren: Wat heb je nu aan de Bijbel als God er niet bij te pas komt? Dan kun je wel verenigingen oprichten, of weet ik wat allemaal. Maar daar heb je dan toch niets aan?

Toch kijk je nu verkeerd tegen een vereniging aan. God eist in Zijn Woord dat we overeenkomstig Zijn wil zullen leven. Dat geldt voor iedereen, bekeerd of onbekeerd. Of wij dat nu leuk vinden of niet, is niet ter zake. Het is Gods eis. We weten dat dat niet altijd eenvoudig is. Etzijn bepaalde vragen in ons leven, waar we zo direkt geen antwoord op hebben.

Dan moet je op grond van Gods Woord naar antwoorden gaan zoeken. Welnu, zo moet je tegen de verenigingen aankijken. Het jeugdwerk probeert jongeren te stimuleren om samen naar antwoorden te zoeken op de vragen waar zij mee worden gekonfronteerd.

Bertha: Ja, en daar kom je ook vaak jongeren tegen die met dezelfde vragen rondlopen. Samen praat je daar over. Misschien kom je dan op een heel ander spoor terecht. Maar samen zoek je naar hetgeen de Heere over iets zegt. Hoe moet mijn houding zijn? Al zoekende probeer je een antwoord te vinden.

Casper: Maar dat lijkt me wel moeilijk. Weet je waarom? Omdat de wereld trekt. Ook al weet je dat daar altijd weer dezelfde vuiligheid en narigheid achter zit. Maar de duivel probeertje echt op allerlei manieren te pakken.

Toch geloof ik dat het een goede zaak is als je naar de vereniging gaat. Wanneer je er niet heengaat, moet je zelf zoeken naar oorzaken waarom je niet gaat.

Egbert: Het probleem is vaak dat men op de vereniging over iets praat terwijl ze er niets van af weten.

Bertha: Je bedoelt dat ze zich dan boven jou gaan verheffen?

Egbert: Ja, net alsof zij beter zijn dan ik. Ze doen wel beter.... maar

Ze zijn niet beter, zullen we maar aanvullen. En dat is waar. Mensen worden niet bekeerd omdat ze op een vereniging zitten. Maar wel is het zo dat de Heere middellijk wil werken, door Zijn Woord en Geest. En dat Woord gaat op de vereniging open.

Een laatste vraag: Zie je de zaterdagavond als een voorbereiding op de zondag?

Egbert: Eigenlijk hoort dat wel zo te zijn.

Bertha: Het hangt er wel van af hoe je de zaterdagavond invult. Wanneer je op de vereniging zit. wordt er over Gods Woord gesproken. Dat kan een soort voorbereiding zijn. Maar wanneer je bij wijze van spreken een verjaardag hebt of een strandwandeling gaat doen. is dat geen voorbereiding.

Anja: 's Zaterdags werk ik altijd. Dan ga ik 's avonds naar de vereniging en dat is voor mij een voorbereiding op de zondag.

Bertha: Ik geloof dat dit belangrijk is. Voorbereiden, ook persoonlijk, want: , , Morgen spreekt God weer tot ons." Biddend bezig zijn voor de zondag. Ik geloof dat de Heere daar Zijn zegen aan wil verbinden.

Dat betekent datje (ook) op de zaterdagavond moet doen hetgeen de Heere van ons vraagt. Immers, alle tijd is Gods tijd. De Prediker zegt: , , Want God zal ieder werk in het gericht brengen, met al wat verborgen is, hetzij goed, of hetzij kwaad".

Waar bén je op zaterdagavond?

Een lastige vraag om te beantwoorden? Uit het gesprek blijkt duidelijk dat de zonde niet bevredigt en dat de wereld je nooit gelukkig zal kunnen maken. Wanneer je toch op plaatsen verkeert waar je niet thuis hoort, dan hopen we dat dit gesprek een waarschuwing voor je zal zijn. Je eigen hart heb je niet mee, maar ga dan veel op je knieën.

We willen degenen die hebben meegewerkt aan het gesprek hartelijk dank zeggen.

Jammer dat we niet alles hebben kunnen opnemen. Het zijn slechts enkele fragmenten uit een moeilijk, maar eerlijk gesprek. En, jongens, vergeet de woorden niet waarmee de avond is besloten:

„Welgelukzalig is hij, die de God Jakobs tot Zijn hulp heeft, wiens verwachting op de Heere, zijn God is (Ps. 146). We hopen dat jullie nog eens een keer na komen praten.

Anke en Ed van Heil

Dit artikel werd u aangeboden door: Jeugdbond Gereformeerde Gemeenten

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 oktober 1985

Daniel | 32 Pagina's

Waar ben je op zaterdagavond?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 oktober 1985

Daniel | 32 Pagina's

PDF Bekijken