Bekijk het origineel

Uw Naam worde geheiligd!

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Uw Naam worde geheiligd!

5 minuten leestijd

Na de allervolmaaktste aanhef van het 'Onze Vader' volgen nu zes gebeden. Deze zes beden zijn ook weer volmaakt. De Heere jezus heeft deze beden gegeven aan Zijn discipelen tot een voorbeeld. Mag je dan nooit met andere woorden bidden? Als we verder kijken in het Nieuwe Testament komen we ook wel andere gebeden tegen. Die zijn dus niet verkeerd. Maar bij al ons bidden moeten deze beden toch altijd tot een voorbeeld blijven. We kunnen zo godsdienstig worden dat we het 'Onze Vader' maar een 'mager' gebed vinden. Dan verheffen we ons boven de Heere Jezus.

Geen verlanglijstje

Uw Naam worde geheiligd! Dat is de eerste bede. Wat valt op? Het 'Onze Vader' begint niet met de behoeften van de mens. Zelfs niet de geestelijke behoeften. Die staan niet voorop. Voorop staat wat God toekomt. Wij beginnen vaak ons gebed met:

„Heere, geef dat ik...". En dan gaan we voor onszelf invullen wat we allemaal nodig hebben. Voor het tijdelijke leven en voor het eeuwige leven. Voordat we het weten staat ons 'ik' zo centraal, dat we de eer en de Naam van de Heere vergeten. Dan wordt het gebed een soort 'verlanglijstje' van wensen en begeerten.

God is toch al heilig?

Maar dat alles mag volgens de Heere Jezus niet onze eerste bede zijn. Allereerst gaat het om God. Om Zijn Naam, om Zijn eer, om Zijn grootheid. Gods Naam moet worden geheiligd! De vraag die eerst opkomt is: aar God is toch van Zichzelf al heilig? Hoe vaak komen we het niet tegen in de Schrift: ijt heilig, want Ik ben heilig! De engelen voor God roepen gedurig uit: Heilig, heilig, heilig is de HEERE der heirscharen..." (Jesaja 6:3). Waarom moeten we dan nog bidden dat Zijn Naam worde geheiligd? De eerste bede is echter niet een gebed of God heiliger mag worden in Zichzelf, maar een gebed dat die Naam door ons niet worde ontheiligd en misbruikt, maar worde erkend en geëerbiedigd. Dat God doorZijn schepsels niet worde misverstaan en miskend. Dat Hem de eer wordt toegebracht, die Hem toekomt. Dat we Hem zouden kennen, zoals Hij is. Niet zoals wij dénken dat Hij is, maarzoals wij in Zijn Woord van Hem lezen.

Om God te eren, moetje Hem kennen

Uw Naam worde geheiligd! In Zijn Naam drukt God Zichzelf uit. Zijn Naam zegt ons Wie Hij is. Wie God is, maakt Hij bekend door Zijn Naam. Het gaat dus in die Naam om God Zelf. Als er gevraagd wordt om de heiliging van Gods Naam, dan gaat het om de heiliging van God Zelf. Daarom moeten wij God allereerst goed kennen om Hem te kunnen heiligen, zegt de Catechismus. Die kennis ontbreekt ons van nature. Wij hebben door onze val het beeld van God verloren. Echter door wedergeboorte ontvangen wij weer kennis van God in beginsel. Dat is dus belangrijk dat wij vernieuwd worden door de Heilige Geest. Die Geest herstelt het beeld van God in een mens. Dat noemt Paulus 'de nieuwe mens, die vernieuwd wordt tot kennis, naar het evenbeeld van Degene, die hem geschapen heeft' (Kolossenzen 3:10). Uw Naam worde geheiligd! Die Naam wordt op vreselijke wijze gelasterd en onteerd door het menselijk geslacht (Calvijn). Maar ook Gods kinderen moeten die Naam leren heiligen. Toen de Heere Jezus dit gebed aan Zijn discipelen gaf, waren zij al wedergeboren. Maar juist bij hen was er nog zoveel onbegrip en zoveel onwetendheid aangaande God. Zeker, zij hadden kennis van de Schriften. Zij kregen onderwijs van de Profeet Zelf. Maar toch waren zij vaak nog zo onheilig bezig. Daarom gaf Christus aan hen deze bede. Maar ook aan ons!

Godskennis en zelfkennis is nodig

Vraag dus eerst in het gebed of je de Heere mag kennen. Daarbij hoort ook de kennis van jezelf. Godskennis en zelfkennis zijn met elkaar verbonden. Dan mag je bidden: „Heere, ik ben dwaas en blind, wilt U mijn ogen openen en mijn hart vernieuwen". Wij doen van nature niet anders dan de Naam van God ontheiligen. Verkeerd denken over God en Zijn dienst. Maar dan mag je deze zonde voor de Heere neerleggen en zeggen: „Leer mij U kennen en dienen en vrezen en liefhebben".

Heiligen, roemen en prijzen

Wat Hij van Zichzelf openbaart in Zijn werken behoort ook door al Zijn schepselen te worden erkend. Daarom moet God geprezen en geëerd worden. De Catechismus noemt het heiligen, roemen en prijzen van God in al Zijn werken, waarin Zijn almacht, wijsheid, goedheid, gerechtigheid, barmhartigheid klaarlijk schijnt... In de werken van Gods schepping schijnt dit licht. Maar het erge is dat de mensen dit niet zien. Het is als met het licht van de zon. Dat licht kan worden geweerd of beneveld. Het wolkenpak kan zo dik zijn, dat we de zon niet meer zien.

Dan wordt het donker en kil op aarde. Zo duister is het ook als wij het licht dat Hij laat stralen in Zijn werken door ons niet wordt gezien. Daarom blijft er voor ons allen maar één gebed over: Heere, dat Uw Naam door mij niet worde gelasterd, maar veel meer geprezen!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 maart 1995

Daniel | 32 Pagina's

Uw Naam worde geheiligd!

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 maart 1995

Daniel | 32 Pagina's

PDF Bekijken