Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Een boodschap  voor kerkgangers

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Een boodschap voor kerkgangers

4 minuten leestijd

Zoekt Mij en leeft, maar ga niet naar Bethel (Amos 5:5)

Amos de boer uit Thekoa heeft het niet gemakkelijk gehad met zijn boodschap. Hij moest boodschappen brengen van het komende gericht. Zulke boodschappen worden niet in dank aanvaard. Liever andere boodschappen dan deze. Toch zijn deze preken van Amos niet anders dan openbaringen van de God van Israël. Want niet zomaar onverhoeds zond de Heere de gerichten. De Heere waarschuwde dat zij zouden komen. En midden in die gerichtsprediking staat dan telkens de bewogen oproep tot bekering en wederkeer. Dan is het alsof je een vader hoort die het gevaar ziet, waarin zijn kind verkeert. Zo ook hier. "Zoekt mij en leeft, maar ga niet naar Bethel."

"Een boodschap voor kerkgangers", schreef ik, want dat deden ze daar in het tienstammenrijk wèl. Ze gingen naar Bethel, naar Gilgal en zelfs helemaal naar Berseba. Allemaal plaatsen met een rijke historische betekenis.

Denk aan Jakob te Bethel of aan Abraham en Izak te Berseba. En we weten allen van de besnijdenis van het hele volk te Gilgal. Die plaatsen waren in trek. Men leefde toch maar bij het oude. Daar hadden de vaderen toch maar hun gezichten gekregen. En zo zag Amos ze overal heentrekken... Behalve naar Jeruzalem.

Wat ze daar deden op al die plaatsen waar de vaderen geleefd hadden? Wel, ze hebben daar de afgoden gediend. In Bethel bestond zelfs een kalverendienst. Men meende dat men door bijzondere ijver voor de Heere, de God van Israël aan zich verplichtte om hen te helpen. Het was toch maar niet zomaar. Helemaal naar Berseba, waar de put van de eed was, die Izak daar gegraven heeft. Dat de Heere de heidenen zou straffen, wilde Israël graag geloven.

Overigens konden zij zelf zich verzekerd weten van welvaart en rust. En nu komt de Heere, de verlaten en vergeten God. Want in alle godsdienstig bedrijf hebben zij zichzelf gezocht en God, daar vroegen ze niet naar. Dat is net zo actueel vandaag als in de dagen van Amos. We kunnen ons helemaal inzetten voor de dienst van God... en God vergeten. We kunnen kerkgangers zijn die stad en land aflopen, maar er is niets van God in te vinden. In al hun dienen vroegen zij niet naar de Heere en Zijn sterkte. Zij vroegen niet naar Zijn geopenbaarde wil. Zij bekommerden zich er helemaal niet om dat de Heere nergens Bethel, Gilgal of Berseba genoemd had als plaatsen waar Hij gediend wilde worden.

Kerkgangers genoeg. En toch predikt Amos de gerichten. Want God was verlaten.

Wij horen in deze tekst de smart van God over deze kerkgangers, die nooit naar Hem vroegen. Ze leefden bij Abraham, Izak en Jakob en niet bij Hem!"

... maar ga niet naar Bethel". Roerend klinkt de roepstem van de verlaten en vergeten God, "Zoekt Mij en leeft!"

En die roepstem komt ook vandaag. Ook tot ons. Waar ligt het leven? In God! "Wie Mij vindt, vindt het Leven. Waarom zult gij sterven, o huis van Israël? Ik heb geen lust aan uw dood, maar daarin heb Ik lust dat ge u bekeert en leeft."

Er is zoveel geroem in voorgeslachten die in de vrees des Heeren gewandeld hebben vandaag aan de dag. Men bezoekt Bethel en Berseba. Maar de Heere zegt ook tot ons: 'Ga niet naar Bethel, maar zoekt Mij en leeft!" Zoeken wij de Heere in de dienst des Heeren? Zijn gemeenschap, genade en gunst? Want buiten Hem is de dood. De Heere ziet het voor Israël komen. En midden in de doodsaankondiging roept Hij de weg des Levens uit: "Zoekt Mij en leeft".

In Christus is het Leven. Hij klopt nog aan ons hart. De tijd is voorts kort. De aarde rommelt van de voetstappen des Heeren Die ten gerichte komt. Hij haast om te komen. Jonge mensen en oude mensen, Hij klopt aan ons hart. Hij heeft over zoveel harteloos bezig zijn in de dienst des Heeren smart. Want Hij wordt er niet in gezocht. Daarom komt Hij met Zijn boodschap: "Zoekt Mij en leeft, maar ga niet naar Bethel".

In deze bede is liefde zonder weerga. De getrouwe Verbondsgod roept tot een trouweloos volk. Hij doet het ook ditmaal horen: "Zoekt Mij en leeft!"

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Friday 24 September 1999

Daniel | 36 Pagina's

Een boodschap  voor kerkgangers

Bekijk de hele uitgave van Friday 24 September 1999

Daniel | 36 Pagina's

PDF Bekijken