Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Gods vrije genade voor een wegloper

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Gods vrije genade voor een wegloper

5 minuten leestijd

... namelijk Onésimus, die eertijds u onnut was, maar nu u en mij zeer nuttig Filémon : 10b-11a

In de woorden van Paulus klinkt de voorspraak van Christus

Paulus schrijft vanuit de gevangenis in Rome een briefkaartje. Het is geadresseerd aan zijn vriend en broeder Filémon. Deze man woont te Kolosse. Hij is een rijke zakenman. Hij vreest de Heere. Filémon, de geliefde! Deze man is van eeuwigheid door God geliefd. Daarom is hij ook voor Paulus een geliefde. In zijn huis komt een gemeente samen rondom het Woord van God. Wat een voorrecht als je in zo'n gezin mag opgroeien. Of als je in zo'n huis slaaf mag zijn. Zo'n slaaf was Onésimus. Hij heeft het geweldig getroffen in dienst bij meneer Filémon. Er is iets onbegrijpelijks gebeurd! De slaaf Onésimus (zijn naam betekent letterlijk: nuttig) is voor zijn meester onnut geworden. Hij is weggelopen uit Kolosse. Hij nam de vlucht naar de vrijheid. Hij had er genoeg van. Waarschijnlijk heeft hij zijn baas ook bestolen. De wijde wereld in. Lekker genieten van het leven. In Rome, het centrum van de wereld. Onvindbaar in die miljoenenstad.

'Zie zo, nu leven zoals ik wil...' De nuttige is volstrekt onnuttig geworden! Hoeveel jonge mensen gaan net als deze slaaf ? Weg van de knellende banden van het ouderlijk huis en de kerk. De wereld in. Je eigen zin doen. Laat ons eten en drinken en vrolijk zijn! Jij bent nog kerkelijk meelevend, dat is een voorrecht. Maar heb jij in deze wegloper je eigen beeld al gezien? Wij hebben allemaal hetzelfde gedaan. We zijn weggelopen bij God. Ik ben een wegloper, een vluchteling, een dienstweigeraar voor God, mijn Schepper.

En onze Schepper had ons zoveel toevertrouwd. We hadden zo'n goede

plaats in Zijn dienst. Was er een reden om weg te lopen? Ik heb door moedwillige onge hoorzaamheid mijn leven onttrokken aan mijn Schepper. En nu ben ik een slaaf van mijn zondige begeerten. Het vernietigende

oordeel over mijn leven is: nnut! Onbekwaam tot enig goed en geneigd tot alle kwaad. Heb jij dat al geleerd? Is dat de nood en de smart van je leven: o ver bij God vandaan? Heb jij dat in het verborgen uitgesnikt voor God? Wat een wonder dat de Heere zulke weglopers nog roept. Hij roept jou telkens door Zijn Woord. Ernstig en welmenend. Keert weder, gij afkerige kinderen; Ik zal uw afkeringen genezen (Jeremia 3:22). Maar nu u en mij zeer nuttig. Het grootste wonder is gebeurd, dat kan gebeuren in het leven van een mens. Onésimus is geboren! Dewelke ik in mijn banden heb geteeld (verslOb). De weggelopen slaaf is in het verre Rome bij Paulus terechtgekomen. Misschien gedreven door angst en gekweld door gebrek. Onder huisarrest mocht de apostel een middel zijn tot de geestelijke geboorte van Onésimus.

Door het zaad van het Woord en de kracht van de Geest is deze slaaf wedergeboren. En u heeft Hij mede levend gemaakt, daar gij dood waart door de misdaden en zonden, in welke gij eertijds (!) gewandeld hebt (Efeze 2:1). Is dat wonder ook in jouw leven gebeurd? Werd de Heere je te sterk op je zondeweg? Kwam je al tot jezelf door het zaligmakende licht van de Geest? Toen was er de droefheid naar God. die een onberouwelijke bekering werkt tot zaligheid. Nu werd deze wegloper door Gods genade nuttig. Nu kwamen er vruchten van geloof en bekering.

Paulus stuurt hem terug naar Kolosse. Hij moet weer naar Filémon. Het moet weer in orde komen tussen de slaaf en zijn heer. De apostel geeft hem dit briefje mee. Het is een aanbeveling. Het is een gratieverzoek. Doch gij, neem hem weder aan (vers 12). Filémon zet de deur voor hem open!

In de woorden van Paulus klinkt de voorspraak van Christus voor de Zijnen. Wat hij schuldig is, reken dat mij toe. Ik zal het betalen. Neem hem aan (vers 17-19). Zo is er een schuldovernemende Borg, Die dit deed voor Zijn volk. Voor weglopers. Die bij God zijn weggevlucht. Ze hebben onnoemelijk veel schuld bij God. Ze kunnen het onmogelijk goedmaken. De Heere Jezus sprak tot Zijn Vader: Reken het Mij toe!

Hij betaalde hun schuld op Golgotha met Zijn bloed. Hij wilde lijden in de plaats van zondaren. Opdat zij weer bij God mogen terugkomen. Opdat zij hersteld zouden worden in de gemeenschap met God. Opdat zulke weglopers eeuwig mogen thuiskomen. Om de verdiensten van Christus. Jesaja mocht het weten: ij dwaalden allen als schapen, wij keerden ons een iegelijk naar zijn weg; doch de HEERE heeft onzer aller ongerechtigheid op Hem doen aanlopen (Jesaja 53:6).

Hier klinkt de overvloedige genade Gods voor schuldige weglopers! Jouw eigen gekozen vrijheid is slavernij. Weet je dat al? Straks eeuwig gebonden in de buitenste duisternis. Want: Wie God verlaat, heeft smart op smart te vrezen. Daarom: Ga terug! Het is nog genadetijd. Voor de Heere ben je nooit te ver weg gedwaald.

Er is nog een weg terug. Bekeert u! Je hebt nodig een Borg voor je schuld! Een onnuttige, die nuttig wordt. 'Leer mij naar Uw wil te hand'len, 'k zal dan in Uw waarheid wand'len; neig mijn hart en voeg het saam tot de vrees van Uwen Naam.'

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 oktober 2006

Daniel | 32 Pagina's

Gods vrije genade voor een wegloper

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 oktober 2006

Daniel | 32 Pagina's

PDF Bekijken