Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Inkrimping der staatsbemoeiïng

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Inkrimping der staatsbemoeiïng

8 minuten leestijd

Eenigen tijd geleden hebben wij naar aanleiding van het nijpend vraagstuk der werkeloosheid enkele opmerkingen gemaakt over den oorsprong der crisis-moeilijkheden, waarin alle volken, niet het minst ook het Nederlandsche volk, gewikkeld werden. Wij legden er toen nadruk op, dat deze crisis met al hare ellende in den diepsten grond geestelijk van karakter is, dat zij, hoewel nu als economisch zich openbarend, toch meer gevolg dan oorzaak moet worden geacht. Met name het Marxisme en de daardoor gebrachte mentaliteit is de wortel, waaruit de misère opgekomen is. De vermaterialiseering van het geestelijk leven nam geweldige afmetingen aan, zoodat de massa geen andere idealen meer kent, noch kennen wil dan die liggen binnen den horizon van het aardsche leven. Daarom ging het eeuwig licht, waaronder de voorgeslachten leefden, onder over deze moderne cultuur, die wel haren rijkdom dankte aan het licht van Hem, die het Licht der wereld is, maar eindigde met den Vorst des levens uit te werpen en de leuze aan te heffen: „Wij willen niet, dat Hij Koning over ons zijn zal."
Het gevolg daarvan was, dat om aan de genotzucht en begeerlijkheid der volken te voldoen, de regeeringen gedwongen werden, met name in de Westersche democratieën, om al te doen wat mogelijk was niet alleen, maar zelfs meer dan dat, om de weelde op te voeren, waarom de volksbewegingen dwongen door middel van het stembillet. De politieke macht werd het middel, waarvan men zich bediende om aan de maatschappij te ontpersen de vervulling der materialistische begeerten. En het gevolg daarvan was, dat in bijna alle cultuurstaten dezes tijds de ordinantiën des maatschappelijken levens verzet werden. Het werd uit het oog verloren, dat er grenzen zijn aan de macht, zoowel als aan de taak van den Staat, die hij niet straffeloos overschrijden en wegwisschen kan. Er zijn nu eenmaal scheidingslijnen, die het leven zelf heeft voortgebracht, daar zij gevorderd werden door de natuur van het menschelijk persoonlijk zijn. En zoo zagen wij het geschieden, dat schier overal de bemoeiingen van den Staat zich al verder gingen uitstrekken en al dieper in het maatschappelijk leven ingrepen. Daarmede steeg overal het getal der ambtenaren, waardoor de Staat alleen zijne wetten uitvoeren kan. Ook Nederland heeft van dezen ontwikkelingsgang een ruim deel genoten, met het gevolg, dat niet alleen het volksleven veel ingewikkelder werd, maar ook de Staatsbegrooting jaar op jaar steeg en ten slotte een hoogtepunt bereikte, dat verre boven de grenzen van het volksvermogen ligt. De weeldezucht der massa, geprikkeld door de profeten der ontevredenheid, drong de regeering tot steeds verder gaande bemoeizucht en tot altijd hooger klimmende uitgaven. De kosten waren nooit een vraagpunt. Wie waarschuwde tegen de verkwisting en het opvoeren van soms nuttelooze uitgaven, welker doeleinden vaak geheel lagen buiten de grenzen der Staatstaak, kreeg niet slechts geen gehoor, maar heette een conservatief, die, zooals mij jaren geleden eens verweten werd, eigenlijk eenige eeuwen te laat geboren was. Nu kwam de inzinking, waardoor, helaas, de regeering nog weer verder werd gedreven op den weg des Staatsbemoeiing. Zij zegt naar aanpassing te streven. Doch in stede van haar eigen uitgaven neer te drukken naar het peil der hedendaagsche werkelijkheid, nam zij allerlei maatregelen en zette een heel omvangrijk ambtenaarswezen op, dat het economisch leven der maatschappij moest houden op een weeldepeil, dat verre boven het werkelijke vermogen ligt. De Staat deed hier te lande precies zooals in Frankrijk. In het Fransche blad L e F i g a r o van Vrijdag 26 Juli omschreef een Fransch geleerde het aldus: „In den raad der Ministers heeft men eenige plannen besproken om de kosten van het levensonderhoud te verlagen. In kader van het verdedigings-systeem (van de franc) is dit vraagstuk een der moeilijkste. Inderdaad, het systeem bestaat in den grond der zaak daarin te verhinderen, dat de Staat door middel van fictieve, d.w.z. niet door ontvangsten gedekte uitgaven, een kunstmatig prijspeil handhaaft op de binnenlandsche markt, geheel onevenredig met betrekking tot het werkelijk peil van het economisch leven, dat op deze wijze doodgedrukt wordt. Dit is het moeilijke punt bij de verdediging van het geld in de commercieele crisis. Indien de handel vrij was, zouden de prijzen op een zeer laag peil dalen. En als dan de staat door onevenwichtige uitgaven willekeurig de kosten van het levensonderhoud verhoogt, dan drukt hij tegelijker tijd de koopkracht van het geld. De verbruikers moeten meer geld uitgeven voor een koopwaar, dan de werkelijke koopwaarde is." Zoo spreekt de auteur in L e F i g a ro met betrekking tot het Fransche volksleven. En hier te lande is het precies zoo.
Indien er iets is, dat daaruit duidelijk wordt dan zeker wel, dat het Fransche volk evenals het onze zwaar lijdt onder de fouten in het verleden gemaakt onder den druk der hedendaagsche democratie. Die vroegere fouten dwingen de hedendaagsche regeeringen tot allerlei maatregelen, waardoor zij zeiven in dikwijls onoplosbare moeilijkheden worden gewikkeld. Zij worden haars ondanks hoe langer hoe verder voortgedreven op den weg der Staatsbemoeiing en komen van kwaad tot erger, totdat eindelijk de ineenstorting komen moet, die men met alle kracht hoopte te ontgaan. Daaruit blijkt dus, dat het van het grootste belang is, dat de regeering er in slaagt hare uitgaven in overeenstemming te brengen met de werkelijkheid. En dat kan zij alleen door met alle kracht te streven naar inkrimping harer bemoeiingen.
Dat wij niet alleen staan in dit oordeel, kan blijken uit de rede door een minister uit den oorlogstijd gehouden voor de Centrale Werkgevers Risico-Bank, Dr. F. E. Posthuma, die te Amsterdam in de laatste helft van Juli hare algemeene vergadering hield. Met betrekking tot hetgeen wij voorheen schreven en ook nu bespreken, zeide deze deskundige het volgende, dat wij overnemen uit het verslag zijner rede, verschenen in de N. R o t t. C r t. van Zaterdag 27 Juli l.l.

De bemoeizucht van den staat.
De staatsinmenging, die sedert den aanvang dezer eeuw steeds verderen voortgang gemaakt heeft, is maar al te vaak eerder op bevordering van speciale belangen, dan op bevordering van de belangen der bevolking in haar geheel gericht geweest.
Het valt niet in te zien, waarom de staat over beter oeconomisch inzicht zou beschikken dan de individuen, die de volksgemeenschap vormen; integendeel, op oeconomisch gebied heeft de staat veelal een betreurenswaardige onbekwaamheid vertoond, hetgeen niet in de laatste plaats toe te schrijven valt aan het ontbreken bij hem van den prikkel van het eigenbelang en van de mededinging.
De tegenspoeden, die alle volkeren thans te dragen hebben, zijn aan vergrijpen tegen de oeconomische wetten te wijten, en die misslagen zich manifesteerende in bemoeizucht van den staat ten opzichte van het voortbrengingsproces, de vrije prijsvorming, het internationaal ruilverkeer en het geld- en muntwezen, zijn evenzoovele oorzaken van de oeconomische crisis.

Zie hier de woorden van Dr. Posthuma, waarop wij daarom de aandacht vestigen, omdat zij uitwijzen, dat wij allerminst de eenigen zijn, die op dit euvel nadruk leggen. De regeering moge zich er rekenschap van geven, of zij wel op den goeden weg is. In elk geval, als het volk niet geheel zal ondergaan, zullen veel krachtiger bezuinigingsmaatregelen noodig zijn dan zij tot nu toe bleek te kunnen of te willen invoeren. Het is absoluut noodig, dat veel krachtiger wordt bezuinigd. En dit vermag de regeering alleen door te streven naar inkrimping harer bemoeiing, naar vrijmaking van het leven. Al zou het niet verstandig zijn dit op eenmaal te doen, het zou toch zeker verstandiger zijn, als zij het krachtiger deed dan tot nu toe. Zij zal de weelde moeten offeren, die in de begrooting nog ruim is vertegenwoordigd. De dwaasheden, die van Marxistische zijde worden aangeprezen, de vooze idealen, die worden aangepreekt onder prachtige termen van ,,constructieve welvaartspolitiek" en wat dies meer zij, waarmede de Roomschen geuren, zij zullen ten slotte blijken ledige leuzen te zijn, waarvan geen schoorsteen rooken kan. Of wij al roepen om uitbreiding der industrie, als men nu reeds zit met industrieën, die voorheen rendeerden en thans dreigen onder te gaan, het zal geene redding bieden, wanneer men niet verkoopen kan naar andere landen. Zooals het er nu voorstaat, is er maar één redmiddel, dat ook het volksleven brengen zal op lager, dus op natuurlijk peil en dat middel is het oude en doeltreffende: niet meer uitgeven dan men ontvangt. Als daarmede niet zeer spoedig wordt opgehouden, dan zal de ondergang gewis moeten komen. Wij zullen terug moeten naar de werkelijkheid. En indien de regeering op dat peil ons niet brengt, dan voert zij het volk naar het verderf. Die werkelijkheid moge hard zijn voor wie in weelde zich baadde, in terugkeer tot haar is alleen de redding gewis.
Indien dit uit zijn asch herrezen Kabinet „Colijn" niet meer kan doen dan het tot nu toe bleek te doen, dan zal de ervaring leeren, dat de verwachtingen der „Hosanna" roepende idealisten worden beschaamd. Geen Staat, hoe rijk ook, kan blijven voortbestaan met vele tientallen millioenen jaarlijks tekort. Dit is het eenige, dat vast staat, een baken in zee, dat de juiste richting wijzen kan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 10 augustus 1935

Gereformeerd Weekblad | 8 Pagina's

Inkrimping der staatsbemoeiïng

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 10 augustus 1935

Gereformeerd Weekblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken