Bekijk het origineel

PERS SCHOUW

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

PERS SCHOUW

8 minuten leestijd

Een winstpunt.

Dit is het opschrift boven een hoofdartikel in Het Nieuwsblad van het Zuiden, een roomse krant, die vooral in Tilburg en omgeving veel gelezen wordt. Dit blad constateert, dat de roomsen een winstpunt behaald hebben op de protestanten in de strijd om Nederland te verroomsen. We willen dit dagblad ethter zelf aan het woord laten om u te laten zien waar het om gaat. Luister maar:

„De gemeenteraad van Utrecht nam dezer dagen een beslissing, welke van meer dan plaatselijk belang is. Hij heeft nl. het dekenaat van Utrecht in de gelegenheid gesteld de Geertekerk aan te kopen. Dit kerkgebouw, dat dateert uit de dertiende eeuw en uiteraard als katholieke kerk gebouwd was, ging na de Hervorming in protestantse handen over en deed tot 1930 als hervormde kerk dienst. In laatstgenoemd jaar zag zij er bouwvallig uit, daken en muren vertoonden allerlei zwakke plekken en het was niet meer verantwoord kerkdiensten in de Geertekerk te beleggen. De Hervormde Gemeente wilde het gebouw wel laten restaureren, maar de gelden hiervoor waren niet aanwezig en daar men voor godsdienstoefeningen dit gebouw wel missen kon, werd er niet hard voor gewerkt de herstellingskosten bijeen te krijgen. Zo bleef de kerk staan. Jaar op jaar zag zij er bouwvalliger uit. In de oorlogstijd besloot de Hervormde Gemeente het bedehuis voor afbraak te verkopen en ter plaatse een hofje te bouwen. Gelukkig kwam het niet zover. Wel werd het gebouw door de stedelijke overheid van Utrecht onteigend. Deze brak de vervallen onderdelen weg en herstelde de muren zoveel mogelijk. Nu zal het dekenaat van Utrecht de oorlogsdagen, aan God smeekte om Utrecht te sparen."

Het roomse blad vervolgt dan:

„Ogenschijnlijk heeft de verkoop van de Geertekerk weinig om het lijf, al kan men het waarderen, dat een middeleeuws bouwwerk daardoor in stand blijft. Maar de achtergrond van deze zaak is belangrijk. Het is ongetwijfeld een winstpunt voor de katholieken dat dit bedehuis weer in gebruik komt bij de katholieke eredienst. Drie eeuwen werd er de H. Mis gelezen, vervolgens klonken vier eeuwen de calvinistische predicaties binnen de muren der Geertekerk. En thans zullen opnieuw de H.H. Missen daar worden opgedragen. Men mag het niet ontkennen: langzaam herwint de R.K. kerk haar terrein. Niet alleen in geestelijk opzicht, ook in het stoffelijke."

De Persschouwer hoopt, dat de protestanten voelen wat dit zeggen wil, dat in de Geertekerk de Mis weer zal worden opgedragen. Onze Heidelbergse Catechismus noemt die mis immers een vervloekte afgoderij!

Maar hoor verder wat het doel van de roomsen is in ons land. Dit blad vertelt er iets van:

„En al is het er nog ver vandaan, dat machtige kathedralen als de Utrechtse Dom, de Haagse St. Jacob, de Nieuwe Kerk te Amsterdam, de Grote Kerk te Breda, de Lievevrouwenkerk te Dordrecht, de oude Bavo te Haarlem, de St. Laurente te Alkmaar, de Martinikerk te Groningen" en de Bovenkerk te Kampen (om een greep uit de tientallen te doen) wederom katholiek bezit zijn, het bezit van de Geertekerk is een strategisch winstpunt, al heeft zij misschien niet meer waarde dan een pion op een schaakbord. Na de pionnen, zo mag men veronderstellen, komen de grote stukken ook weL"

Welk een waarschuwing ontvangt het protestantse Nederland hier weer. De rooms-rode coaljtie heeft al grote winst voor de roomsen opgeleverd. Ze zullen zo nog wel een poosje door willen blijven gaan, want Rome is het alleen om macht te doen.

De Persschouwer wil hier nu echter nog doorgeven, wat de kerkvoogdij van Utrecht naar aanleiding van deze zaak schrijft in Utrecht. Hervormd

Het bericht, dat de Geertekerk met grote geldelijke steun van het rijk gerestaureerd zal worden voor de roomse kerk, heeft de kerkvoogdij onaangenaam getroffen, daar de pogingen van de kerkvoogdij om steun bij de restauratie op niets zijn uitgelopen, aangezien de Geertekerk niet als een historisch monument beschouwd werden.

„Toen de kerkvoogden weigerden de Geertekerk aan de N.S.B. te verkopen werd het gebouw onteigend. Voor de kerkelijke gemeente was het niet doenlijk voor eigen rekening op deze plaats een nieuw kerkgebouw te stichten.

Nu echter bij de overheidsinstanties het inzicht is gewijzigd en men het thans wel ziet als een object van architectonische waarde, waaraan men 90% van de nodige gelden wil ten koste leggen, had het dan niet voor de hand gelegen, dat men zich eerst met ons college in verbinding gesteld had ter informatie om een e.v. restauratie gemeenschappelijk ter hand te nemen? "

Inderdaad, hier is de regering geen rechte, maar een kromme weg gegaan, omdat een protestants kerkgebouw in roomse handen gespeeld moest worden.

Kerkorde en centralisatie.

In Enigheid des Geloofs wordt door Dr Volger in verband met de „nieuwe kerkorde" een punt aangeraakt, dat ons uit het hart gegrepen is.

In de reglementenbundel van 1816 is alles en nog wat geregeld. Wanneer er in het een of andere reglement een hiaat bleek te zijn, werd er gaüw een reglementsartikel bijgemaakt. De kerk werd bestuurd en niet geregeerd. Wanneer er een of ander moeilijk geval was, dan sloeg men het betreffende reglement maar op en men zocht de verschillende artikelen maar na en zoals het door de hogere besturen uitgemaakt was, zo moesten de lagere besturen het uitvoeren. Daardoor kwam de zelfstandigheid van de plaatselijke gemeente al meer in het gedrang. Regeren is wat anders dan besturen, zegt Dr. Volger. Regeren is verantwoordelijkheid dragen, zelfstandig beslissingen nemen, leiding geven.

Zo was het ook onder de Dordtse Kerkorde. Die kerkorde was van veel geringere omvang dan het ontwerp voor een nieuwe kerkorde met al de ordinanties, zoals dit thans in het midden der kerk is neergelegd. De Dordtse Kerkorde telde 86 artikelen, die op ongeveer 20 bladzijden gedrukt kunnen worden. Het ontwerp voor een nieuwe kerkorde is een boekwerk van 248 bladzijden.

Natuurlijk, zegt Dr. Volger, waren er vroeger kerkelijke vergaderingen, die voor een vraagstuk geplaatst werden, dat ze niet konden oplossen. Dat was geen bezwaar. De kerkeraden kwamen samen in classicaal verband en daar konden gemeenschappelijk de moeilijkheden besproken worden. Was de materie voor de classis te zwaar, er waren nog Provinciale Synoden, en kon men ook daar niet tot een oplossing komen, aan het einde stond dan de Nationale Synode.

De commissie die een nieuwe kerkorde ontworpen heeft voor onze kerk heeft echter gemeend, dat alle mogelijke, dingen goed geregeld moesten worden, opdat er niet telkens vele vragen over verschillende onderwerpen op de meerdere vergaderingen aan de orde zouden komen.

Dr. Volger meent, dat het met die vele vragen op de duur wel zou meevallen, hetgeen de historie ook bewijst, maar hij meent bovendien dat een beknopte regeling met vele vragen toch beter' is, omdat dit prikkelt tot verantwoordelijkheid en zelfstandigheid. Terwijl de kerkelijke vergaderingen onder een kerkorde, die alles precies in reglementen geregeld heeft, gevaar lopen administratiekantoren te worden.

En het slot van het artikel van Dr. Volger, waar de Persschouwer zo hartelijk mee in kan stemmen, luidt als volgt:

„Het moet van onderen op, heeft Dr. Gravemeijer eens gezegd. Als alles geregeld wordt, wordt de centralisatie in de hand gewerkt, nemen de „meerdere" vergaderingen, neemt de „meeste" vergadering, de Synode, de voornaamste plaats in. Dat gaat alsdan samen met verlamming en verschrompeling van de „mindere" vergaderingen, in het bizonder de kerkeraad. Men vergete niet: de Synode is een eindstation, de kerkeraad is het begin. De verantwoordelijkheid voor de gemeente ligt in de eerste plaats niet bij de Synode, maar bij de kerkeraad. Deze heeft te regeren. Voor deze

verantwoordelijkheid moet de kerkeraad geplaatst worden, en deze moet hij dragen. Dat is de kracht en de betekenis van het begrip presbyteriaaJsynodaal. Onder geen voorwaarde mag de volgorde van deze beide woorden worden omgekeerd. Het presbyterium ga voorop, de Synode volge. Dat zegt niet dat er een lijn van beneden naar boven is. Zulk een lijn is er niet en mag er ook niet wezen. Er is alleen een lijn in het platte vlak. Er zijn concentrische cirkels. De binnenste cirkel met het bepalende middelpunt is de kerkeraad; daaromheen komen in al groter kringen de andere vergaderingen, liggende in hetzelfde vlak en op hetzelfde niveau en mede gericht door hetzelfde middelpunt en dat middelpunt is de gemeente. Wie het anders doet, raakt aan de rechten van de gemeente, die de bezitster'is van de kerkelijke macht en deze uitoefent door het presbyterie. Elke gemeente is een volkomen gemeente van Jezus Christus. Dat karakter moet bewaard blijven en dat blijft bewaard, als men van de kerkeraad en van het middelpunt Van de kerkeraad, de gemeente, uitgaat. De kerkeraad moet wortelen in de gemeente en de andere vergaderingen hebben in de kerkeraad haar wortel.

De kracht en de zwakheid van een kerk ligt in de positie, die een kerkeraad heeft. Een ijverige, alles en nog wat regelende Synode, maar onzelfstandige, afhankelijke kerkeraden, en het kerkelijk leven kwijnt. Een Synode, die zich op de achtergrond houdt en zich bewust is eindstation te zijn, maar kerkeraden die hun taak verstaan en werken, en de kerk leeft.

Het gevaar voor centralisatie is groot. Dat gevaar brengt met zich mede, dat onze kerk toch weer een reglementenkerk blijft. Hier is plaats voor een ernstige waarschuwing. Ordinanties, ja, maar dan als overgangsmaatregel. Een kerkorde, ja, maar dan trekkend de lijnen, die de weg wijzen en het kerkelijk leven ordenen."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 29 mei 1948

Gereformeerd Weekblad | 8 Pagina's

PERS SCHOUW

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 29 mei 1948

Gereformeerd Weekblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken